McInerney schrijft met elk boek een minder gevaarlijke versie van hetzelfde

Boek (fictie) - Prachtige, dierbare dagen

Soms heb je dat: de schrijver die al jaren een held van je is, komt door met een matig boek. En nog een. Haro Kraak ploeterde zich door Jay McInerneys nieuwste boek en sloeg het teleurgesteld (en ook een beetje verdrietig) weer dicht.

Met een deegroller walst McInerney zijn eigen materiaal platter en platter. Beeld x

Hoe ging het ook alweer? Je bent jong, je wilt wat stoers lezen en na Kerouac, Bukowski en Salinger beland je bij de man met de achternaam waarvan je nog steeds niet helemaal weet hoe je hem moet uitspreken: Jay McInerney. Zijn fenomenale debuutroman uit 1984, Bright Lights, Big City verdomme, de titel alleen al voert je mee op een hallucinante bad trip door het uitgaansleven van New York in de jaren tachtig, waar de 'Bolivian Marching Powder' de nachtzombies aan de praat en op de been houdt. Overdag werkt de verteller, die door zijn vriendin is verlaten, als factchecker bij een New Yorker-achtig tijdschrift. De plot is verder nauwelijks van belang, maar de stijl is zo levendig en de vicieuze cirkel van hedonisme en zelfbeklag zo hypnotiserend dat je het boek in één roes uit hebt, een boek dat trouwens in de tweede persoon is geschreven, iets wat je nog nooit hebt gelezen en zelf ook weleens wil proberen, maar niet voordat je alles van McInerney hebt verslonden.

Ja, zo raak je verknocht aan een schrijver. Althans, zo trad ík toe tot het genootschap der McInerney-liefhebbers.

Na Bright Lights las ik als jonge student Brightness Falls, de vierde roman van McInerney, ditmaal geschreven vanuit de alwetende verteller en met een dickensiaans uitwaaierende cast. Weer is New York het decor, maar nu zijn de personages volwassener: Russell Calloway is een redacteur die bevangen raakt door de goudkoorts op de financiële markten, eind jaren tachtig. Zijn vrouw Corrine, die haar man elke ochtend vertelt wat ze heeft gedroomd, is een beurshandelaar, maar dan wel eentje met een moreel kompas. Hun beste vriend Jeff Pierce is de getroebleerde junkie-schrijver, waarvan niemand eigenlijk nog verwacht dat hij ooit iets van belang gaat uitbrengen, totdat hij de literaire hit van het jaar schrijft.

Net als McInerney eigenlijk, want Brightness Falls was na zijn befaamde debuut de bevestiging dat een literaire ster was opgestaan. McInerney had een geweldig oog voor de eigenaardige machinaties van een sociale biotoop, getuige fraaie details als: 'At the time of night when guests become disc jockeys, sifting through the library of records and tapes, the stereo becomes a time machine, stuck in reverse.' Een schrijver die als geen ander de jetset van New York kon beschrijven, zonder genade, maar met mededogen: soms vilein, maar niet met de veilige distantie van satire, geen gemakzuchtig uitlachproza.

Fictie

Prachtige, dierbare dagen
Auteut: Jay McInerney
Vertaald uit het Engels door Nico Groen en Joris Vermeulen.
Hollands Diep; 448 pagina’s; €19,99.

Het probleem is dat McInerney zelf wel gemakzuchtig werd. Met The Good Life, het vervolg op Brightness Falls uit 2006, keerde hij terug bij het haperende huwelijk tussen Russell en Corrine, nu rond 9/11, als Corrine bij Ground Zero een man ontmoet met wie ze een affaire begint. Een toevallige samenloop van omstandigheden die als excuus diende om over overspel te schrijven, meer dan over de tragedie. Ik wilde McInerney niet afschrijven, ik vrat wat me gegeven werd, maar de tintelingen van de eerste twee boeken waren er wel af.

Nu, tien jaar later, komt hij met het derde deel in de serie over Russell en Corrine. Bright, Precious Days, in vertaling verschenen als Prachtige, dierbare dagen, neemt weer een grote historische gebeurtenis als achtergrond: de kredietcrisis in 2008. Russell worstelt nog steeds met zijn statusproblemen: hij wil eigenlijk alleen maar hoogstaande literaire fictie uitgeven, maar tegelijkertijd wil hij een duur huis op Manhattan kunnen betalen en zich begeven tussen de rich and famous. Weer vraagt hij zich af hoe ambitie en geluk samengaan, hoe liefde en kunst zijn te verenigen met lust, macht en geld.

Beeld x

De eerste pagina's van Prachtige, dierbare dagen, waarin het literaire wereldje van New York melancholisch wordt beschreven, zijn zo schokkend clichématig dat je je afvraagt of McInerney helemaal geen kritische meelezers meer heeft. Binnen duizend woorden lukt het hem om de namen of boeken van Hemingway, Plath, DeLillo, Kerouac, Ginsberg, Salinger, Fitzgerald, Capote, Mailer en Joyce te noemen. Vervolgens begint de schrijver aan een plichtmatige samenvatting van wat voorafging, alsof je aan een nieuw seizoen van een soap begint. Als een aasgier pikt McInerney het vlees van zijn vorige boeken, waarbij hij beruchte herinneringen de eerste keer dat Russell Corrine ziet in mindere bewoordingen herhaalt.

McInerney kan nog steeds goede zinnen schrijven en weet subtiel transformaties (van de stad en de personages) op te bouwen, maar wat te melden heeft hij niet meer, niets nieuws in ieder geval, wat je wel mag verwachten van een boek van 450 pagina's. Hij zit vast in een tunnelvisie: alleen zijn eigen wereldje kan hem werkelijk interesseren. Terwijl hij met boeken over een vrouw (Story of My Life, 1988) en een homo in-de-kast (The Last of the Savages, 1996) bewees zich wel degelijk in een ander te kunnen verplaatsen. Maar sinds McInerney in 2006 met een steenrijke erfgename van de Hearst-familie is getrouwd, schrijft hij voornamelijk over wijn.

'You are not the kind of guy who would be at a place like this at this time of the morning', is de eerste, getergde zin van zijn debuut. Die honger is McInerney allang kwijt, die van elke pagina spatte in Bright Lights, waarin de hoofdpersoon half tussen de sociale elite van New York en half in het hardwerkende milieu van zijn ouders leeft. Dat McInerney met elk boek een minder gevaarlijke versie van hetzelfde schrijft, is vooral zonde voor de literaire bakvissen, die zich telkens met grote verwachtingen door dunner uitgesmeerd proza moeten ploegen. Met een deegroller walst McInerney zijn eigen materiaal platter en platter.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.