McBride begaat een van de literaire hoofdzonden

Eimear McBride zet haar taalexperiment voort, zodat haar haperende zinnen dit keer afstand creëren, wat het melodramatische verhaal hard nodig heeft.

Eimear McBride. Beeld Hollandse Hoogte

Ergens raakt het verhaal de diepte kwijt en dan blijft er niets over dan kwijlerige sentimentaliteit.

In haar debuutroman Een meisje is maar half af vertelde de Iers-Engelse Eimear McBride (1976) het schokkende verhaal van een meisje dat zich doelbewust probeert te vernietigen; 'uitvaren de zonde in', door zich te laten molesteren en misbruiken door wie het maar wil. McBride's Joyceaanse, experimentele stijl maakte dat boek zowel onontkoombaar als draaglijk - de auteur won terecht vele prijzen en kreeg lovende kritieken.

Nu is haar tweede roman De mindere goden vertaald, eveneens door Gerda Baardman, die al vaker heeft laten zien dat ze raad weet met taalexperiment. McBride gaat door op dezelfde toon. Opnieuw lezen we één lange monologue intérieur, waarin zinnen halverwege afbreken of de syntaxis negeren en interpunctie ogenschijnlijk willekeurig wordt neergesmeten; zinnen die vervreemden door ongewone metaforen en neologismen ('dat losgelijfde donker'). Niet bedoeld, zoals bij Joyce, om een gefragmenteerde subjectiviteit te verwoorden, maar om een verhaal te kunnen vertellen dat zo emotioneel beladen is dat het de taal door elkaar schudt.

Wilde de hoofdpersoon in haar debuut bezoedeld zijn, het meisje in De mindere goden is juist de onschuld zelve. Ze is net 18 als ze auditie doet voor de theaterschool in Londen, in 1994. Haar oudere, welgestelde studiegenoten feesten en neuken er vanaf dag één op los; de maagdelijke, eenvoudige Eily moet zich met leugens behelpen. We volgen haar gedurende het eerste jaar, waarin ze volwassen wordt en zich probeert aan te passen, in die ruige stad waar de straten 's nachts glad zijn van de vertrapte uienringen. Eily ontmoet een twintig jaar oudere acteur, Stephen, op wie ze hevig verliefd wordt. Ze krijgen een explosieve, onevenwichtige relatie; het verloop vormt de rode draad van het boek.

De eerste helft is net zo overtuigend als Een meisje is maar half af. Het intrigerende is dat McBride's stijl een andere lading en betekenis krijgt in een verhaal over onschuld. Waar de taal in het eerste boek niet esthetisch was, maar eerder hoekig en amechtig, wil je uit De mindere goden van elke bladzijde wel iets citeren. Waar de haperende zinnen het verhaal van Een meisje verschroeiend dichtbij brachten, creëren ze nu juist afstand, wat het in essentie melodramatische verhaal hard nodig heeft. De schrijver legt een deken van taal over Eily's banale tienerverliefdheid heen en geeft het bekende (hebben we dit niet allemaal eens meegemaakt?) nieuwe woorden.

Wie over onschuld schrijft, heeft het ook over schuld. Halverwege vertelt Stephen zijn tragische levensverhaal, waarvoor hij een kwart van het boek nodig heeft. Hier keren de thema's terug die we uit Een meisje kennen: misbruik, geweld, zelfdestructie. Steeds als je denkt dat een leven niet erger kan worden, deelt hij weer een episode die het vorige in ellende overtreft.

Misschien too much, maar de uitweiding maakt wel duidelijk waar het tussen Eily en Stephen om gaat: Eily treft in hem een vaderfiguur, Stephen vindt in haar zijn dochter (met wie het contact verbroken is) en de verlossing van zijn zonden. Deze structuur wordt nergens expliciet, wat de vertelling lange tijd diepte geeft.

Toch raakt het verhaal die diepte ergens kwijt, en dan blijft er niets over dan sentimentaliteit. McBride herpakt zich niet meer; het slot is zo kwijlerig, dat je je afvraagt of ze eigenlijk wel een goede schrijver is.

Misschien moeten we dat conceptueel beschouwen. McBride begaat een van de literaire hoofdzonden, en verliest daarmee ook haar eigen onschuld.

De mindere goden - fictie

Eimear McBride.
Uit het Engels vertaald door Gerda Baardman.
Hollands Diep; 322 pagina’s; € 24,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.