Martin Michael Driessen schuwt nooit exotisme

'Ik gebruik mijn verbeeldingskracht om imaginaire maar coherente werelden te scheppen'

Voormalig theaterregisseur Martin Michael Driessen verruilde tien jaar geleden Duitsland voor het Zuid-Hollandse rivierendlandschap om een (volgens critici en prijsuitreikers) groot schrijver te worden. Nu is er een nieuwe vertelling, De pelikaan. Hoe vangt Driessen het menselijk tekort?

Foto Sanne De Wilde

In Puttershoek ligt een woonboot waarop de Ethiopische vlag wappert. Beter gezegd: in Puttershoek ligt een woonboot waarop een vlag wappert uit de tijd dat Ethiopië nog een keizerrijk was. De horizontale kleuren zijn dezelfde. Maar op de middelste baan pronkt de Leeuw van Juda, bijnaam ook van de laatste monarch, Haile Selassie.

De woonboot wordt bewoond door Martin Michael Driessen, verzamelaar van oude vlaggen. Om de zoveel dagen vertegenwoordigt de Puttershoekse Boezemkade een andere dynastie uit vervlogen dagen. Wat vandaag het vroegere Ethiopië is, zou morgen het vroegere Joegoslavië kunnen zijn. Bijvoorbeeld.

Scharnier

Vroeger was Puttershoek een scharnier tussen de noordelijke en zuidelijke Nederlanden. Alles dat van Rotterdam naar Antwerpen moest, stak hier de Oude Maas over. Nu ligt Puttershoek te vergelen tussen twee snelwegen. Café Het Veerhuys, kraamkamer van oud-schaatser Kees Verkerk, zal pas in de loop van de middag openen.

Vroeger was Martin Michael Driessen een regisseur. Drie decennia was hij als zodanig verbonden aan Duitse theaters en gaf hij vorm aan talloze toneel- en operavoorstellingen. Tien jaar geleden verkoos Driessen het isolement van Puttershoek om een groot schrijver te worden.

Die uiteenlopende levens van Driessen stromen samen op bladzijde 83 van Rivieren, het boek waarvoor hij de ECI Literatuurprijs kreeg. In deze verhalenbundel drijven de hoofdpersonen Konrad en Julius op hun reusachtige vlot over de Oude Maas richting Noordzee. Na raadpleging van zijn kaart zegt Julius: 'Die torenspits daar, dat moet de kerk van Puttershoek zijn.'

Aan dat zinnetje heeft hij groot plezier beleefd. 'Als persoon ben ik niet heel erg present in mijn werk. Maar dit soort klein verschlüsselde dingen vind ik leuk.'

Heimwee

Reis naar de maan is een weids epos, samengebald in 56 bladzijden. 'Ik was opgetogen toen ik ontdekte hoe ze destijds over de Rijn met enorme vlotten van boomstammen vanuit het Frankenwald afdreven naar de houthavens van Dordrecht. Het overspant mijn hele leven. Ik kon mijn hoofdpersonen als het ware van Duitsland naar Nederland ontvoeren.'

Heimwee naar het rivierenlandschap deed hem in 2006 terugkeren naar dit deel van Nederland. Martin Michael Driessen wilde wonen op water. Dat werd deze verstopte woonboot achter de hervormde kerk van Puttershoek. 'Een plek waar weinig gebeurt.' Hij prijst zich er gelukkig mee. In zijn hoofd is het al zo'n tumult dat het daarbuiten maar beter rustig kan zijn.

Foto Sanne De Wilde

Ja, misschien heeft die zorgvuldige manier van schrijven wel te maken met het stilstaand water waarop hij uitkijkt. Maar dat zijn bespiegelingen waarvan Martin Michael Driessen eerlijk gezegd een beetje zenuwachtig wordt. 'Water is natuurlijk een archetype. Het was, het is en het zal altijd zijn.'

Hij is 63 jaar oud. Groot en breed, een kop die niet met zich laat sollen. Gedecideerd ook, maar tegelijkertijd behoedzaam. Martin Michael Driessen is zo'n man die zijn keel schraapt alvorens wat te beweren. Ook staat hij geregeld op wanneer een stilte hem te lang duurt. Dan verdwijnt hij, enigszins neuriënd, in de richting van de keuken. De andere keer levert zo'n stilte een aforisme op.

De pelikaan

Komende vrijdag verschijnt De pelikaan, alweer zo'n vertelling over twee mannen en hun gecompliceerde verhouding. De een weet niet dat de ander hem afperst, en andersom. Hun verhaal speelt zich af tegen het decor van een provinciestad aan de Adriatische Zee in wat eerst nog Joegoslavië is en Kroatië zal worden zodra de Balkanoorlog is uitgewoed.

De pelikaan leest als een parabel over het menselijk tekort, over die merkwaardige afhankelijkheid in onderlinge relaties. 'Twee mensen die elkaar zowel goeds als kwaads doen, en het beperkte inzicht in onze eigen levens. Dat gegeven fascineert mij enorm.'

Het verhaal van Josip en Andrej wordt in slowmotion uitgerold, terwijl op de achtergrond de wereldgeschiedenis haar onverbiddelijke loop neemt. Aanvankelijk zocht hij die wereldgeschiedenis in een ver verleden. Het werd de oorlog die het voormalige Joegoslavië ruim twintig jaar geleden aan stukken scheurde.

Met zijn ouders was Driessen in de jaren zestig al eens op vakantie in zo'n toeristisch oord aan de communistische kant van de Adriatische kust. De herinneringen daaraan activeerde hij met een verblijf van een paar weken in wat het decor voor De pelikaan moest worden. 'De kust, de blauwe zee en het gebergte op de achtergrond. Dat heeft veel gedaan om mijn fantasie in gang te zetten.'

Het moest zo'n stagnerende, in zichzelf gekeerde samenleving zijn, waarop de wereldgeschiedenis zich als een lawine stort. De locatie heeft Driessen welbewust onbepaald gehouden. Anders zou de werkelijkheid zijn fantasie in de weg staan. De layout moet deugen en de feiten moeten kloppen, maar voor de rest mag de woonboot in Puttershoek een broedplaats van verzinsels zijn.

De pelikanen, waarnaar de titel verwijst, behoren tot de feiten. Elke zomer strijken ze neer aan de Kroatische kustlijn. Als christelijk symbool van zelfopoffering en barmhartigheid zijn de pelikanen de stille getuigen van dit klein en groot menselijk drama. 'Door die oorlog kon ik ze ellendig laten creperen in de olie.' Neuriënd staat hij op om in het keukentje te verdwijnen.

Op zijn computer is een vertaling van Aquis Submersus in wording. Het origineel van de Duitse schrijver Theodor Storm staat ernaast, leunend tegen een of andere standaard.

Foto Sanne De Wilde

Eerbewijs

Grijnzend zal Martin Michael Driessen aan het eind van het gesprek die standaard te voorschijn toveren. Het is de ECI Literatuurprijs van 2016.

'Alle lof voor deze thematisch hoogst originele en beeldrijke bundel', oordeelde de jury over Rivieren. Ook de recensenten waren eensgezind enthousiast over de drie novellen waarin water de verbindende factor is. Die van De Standaard, een Vlaamse krant, schreef zelfs dat hij in jaren niet zo'n goed boek had gelezen.

Toch is het effect daarvan beperkt gebleven. Voor de gemiddelde lezer zal Michael Martin Driessen weinig meer dan een deftige naam zijn. Zelfs de Top-60 van de CPNB bleek te hoog gegrepen, ondanks al dat eerbewijs.

Driessen wil er op zijn leren bank in zijn woonboot niet al te somber over doen. Natuurlijk wil een schrijver waargenomen worden, maar hij is al blij met deze enthousiaste waarnemingen in beperkte kring.

Mogelijk dat De pelikaan hem wat meer onder de aandacht brengt, maar hij rekent zich niet rijk. Er zullen critici zijn die nu hun onafhankelijkheid willen tonen na de loftuitingen van vorig jaar.

Hij bevindt zich kortom in het schemergebied waarin de kunstenaar zijn lot niet langer in eigen handen heeft. Het werk is gedaan, maar moet nog zijn beslag krijgen. Dit is ook het moment om Nikos Kazantzakis, schrijver van Zorba de Griek, te citeren. Martin Michael Driessen hoopt noch vreest. 'Ik zie het met waakzame interesse tegemoet.'

'Ik hoop niets, ik vrees niets, ik ben vrij.' - Nikos Kazantzakis

Exotisme

De achtereenvolgende uitgevers noemen hem een buitenbeentje in de Nederlandse literatuur. 'Iemand met fantasie', zegt Mark Pieters van zijn huidige uitgeverij Van Oorschot. 'Dat mis ik wel eens in de Nederlandse literatuur.'

Martin Michael Driessen aarzelt er zelf iets over te zeggen en verwijst in eerste instantie naar de recensies. 'Mijn werk wordt vaak tijdloos genoemd, qua inhoud en stijl. Dat zijn die parabels. Die laten zich transponeren en behouden hun geldigheid.'

Na enig aandringen: 'Anders dan de meeste tijdgenoten deins ik niet terug voor exotisme. Ik laat mijn eigen ervaringen aan een lang touw in een diepe put zakken. Ze komen weer boven als vertellingen die niet voor de hand liggen.

'Ik gebruik mijn verbeeldingskracht om imaginaire maar coherente werelden te scheppen. Dat is iets wat mijn calvinistische collega's zich nogal eens ontzeggen.'

Zijn voorkeur voor avontuurlijke verhalen verklaart Driessen uit zijn vorige werk als opera- en theaterregisseur. Wat hem uitzonderlijk maakt in de Nederlandse literatuur is in het theater de gewoonste zaak van de wereld. 'Je neemt de toeschouwer mee naar een onbekende wereld om een herkenbaar verhaal te vertellen. Dat schept een wonderbaarlijke chemie tussen kunstenaar en publiek.'

Martin Michael Driessen, zoon van een Nederlandse vader en een Duitse moeder, vertrok in de jaren zeventig naar München om theaterwetenschappen te studeren. Destijds kon dat in Nederland nog niet. Maar misschien zat er ook wel iets in van Fernweh, dat onvertaalbaar mooie Duits waarin het gevoel van heimwee wordt geprojecteerd op verre oorden. Al te diep wil Driessen niet graven naar de zieleroerselen die hem als jongeman dreven. Maar de Duitse romanticus zal ongetwijfeld in hem geschemerd hebben.

Schrijven deed hij ook. Als puber stuurde hij zijn verhalen op naar de beroemde uitgeverij van Geert van Oorschot in Amsterdam. Ze keerden terug met de aantekening onbeholpen te zijn en slecht geschreven. 'En daar had hij helemaal gelijk in.' Brede lach. 'Maar het gaf me wel enige genoegdoening om veertig jaar later auteur van zijn uitgeverij te worden.'

Dat isolement aan de Boezemvliet heeft hem enorm productief gemaakt. Sinds 2012 volgen eigen werk en vertalingen elkaar in hoog tempo op. De pelikaan was al volop in de maak toen de verspreiding van Rivieren zijn aandacht nog opeiste.

Het verleidt hem tot een citaat van de Engelse succesauteur Ian McEwan die dat probleem al eens haarfijn verwoordde. Ze delen de huiver voor publicitair vertoon. 'Zo'n interview als dit, hoe leuk en eervol ook, haalt me alleen maar uit mijn concentratie.'

'Alsof je de werknemer van je vorige ik bent.' - Ian McEwan

Metafysicus

Koen van Gulik, directeur van uitgeverij Wereldbibliotheek, leerde Martin Michael Driessen aan het eind van de vorige eeuw kennen. Hij was met diens broer op doorreis naar een schermtoernooi in Boedapest. 'We hebben toen onderweg bij hem in München overnacht.'

Een uitputtend gesprek over de Metaphysical Poets, een literaire stroming onder aanvoering van de Britse dichter John Donne, smeedde een vriendschap voor het leven.

Foto Sanne De Wilde

Van Gulik was ook degene die hem op het spoor van de literatuur zette. Voor zijn pasgeboren zoon had Martin Michael Driessen verhalen ingesproken op een taperecorder. Van Gulik hoorde daarin het talent van een schrijver. Driessens enig kind overleed in 1998, nog niet eens één jaar oud.

We doen er even het zwijgen toe. Hij kijkt naar buiten, waar het water altijd zal zijn.

Valt daarover verder nog iets te vragen?

'Alleen als die vraag terug koppelt naar het literaire.'

Is dat zelfbescherming of behoud van het kunstenaarschap?

'Dat is weer zo'n idiote of-vraag. Waarom kan het niet allebei zijn? Ja, het is mijn opvatting van het kunstenaarschap. Maar ik sluit niet uit dat het ook een vorm van zelfbescherming is.'

Alchemist

Martin Michael Driessen beschouwt het kunstenaarschap als een alchemistisch proces. Daarin hoop hij een persoonlijke ervaring naar universele geldigheid te tillen. Hij wil lood in goud veranderen.

'Als dat gelukt is, wordt een privégebeurtenis opgenomen in de gelaagdheid van de roman. Als dat niet is gelukt, blijft het ijdelheid.'

Eén keer liet hij zich verleiden tot een egodocument. Dat was toen De Standaard hem benaderde voor een serie waarin schrijvers zich in een brief richtten tot een naaste. Voor één keer zette hij zijn schroom opzij. Naderhand werden de vier brieven die Driessen schreef, onder de titel Liefde gebundeld door de Haarlemse drukker Hof van Jan.

Dit schreef hij aan David: 'Jij mist mij niet, hoe zou dat ook kunnen, ik was maar vier maanden en één dag je vader. En ik weet ook niet of ik jou nog wel mis, na al die tijd en zoveel leven. Maar wat je me hebt gegeven is een besef dat ik tot een liefde in staat ben, waarvan ik zonder jouw korte bestaan geen weet gehad zou hebben.'

Uit de rouw kwam in acht weken tijd zijn debuutroman Gars voort. Hij karakteriseert die periode met de beroemde dichtregel van Dylan Thomas, over de razernij tegen de dood. Maar het daaropvolgende boek liet twaalf jaar op zich wachten.

'Rage against the dying of the light.' - Dylan Thomas

Redactie

Duizenden pagina's verdwenen in de prullenbak alvorens Driessen zich met Vader van God een echte schrijver durfde te noemen. Het persoonlijk leed kreeg vorm in een parabel waarin Jozef zijn zoon wil behoeden voor het lot van de Messias.

In 2015 beëindigden Van Gulik en hij de samenwerking. 'De relatie tussen uitgever en auteur stond onze vriendschap steeds meer in de weg.' Een meningsverschil over de uitgave van Lizzie, een samenwerking met de dichter Liesbeth Lagemaat, deed de emmer overlopen. 'Dat was het moment om onze vriendschap voorop te stellen.'

In Van Oorschot vond Driessen een vergelijkbare uitgever. 'Ik hecht grote waarde aan een goede redactie. Een andere uitgever zal publicitair meer mogelijkheden hebben, maar ik kies voor de inhoud van een kleine en betrokken uitgeverij.'

'Hoog oprijzende dennen staken in de nevel hun kruinen bij elkaar in de bleke ochtendhemel, als inquisiteurs die over zijn toekomst beschikten.' NRC-recensent Arjen Fortuin citeerde die zin uit Rivieren om een geweldige schrijver van een goede schrijver te onderscheiden.

Dat verschil zit wat Fortuin betreft niet in de verbeelding van die dennen. Hij herkent het in het daaropvolgende zinnetje: 'Konrad vond de bossen lelijk.' Driessen doet dat graag, zo'n onverwachte draai geven aan een door hemzelf opgeworpen beeld.

Mannelijkheid

In de persoon van Konrad projecteerde Driessen ook een eigen karaktertrek. 'Jezelf op een masculiene manier op de proef stellen.' Mannelijkheid of juist het gebrek daaraan: beide worden geregeld aan de orde gesteld, zowel in zijn werk als in het gesprek. Het menselijk tekort is vooral een mannelijk tekort.

De suggestie dat mannen in hun complexiteit van dromen en teleurstellingen misschien wel interessanter zijn dan vrouwen, kan rekenen op een gefronste wenkbrauw. 'Ook als ik er lang over nadenk, kom ik niet verder dan de verklaring dat ik een man ben. Is daar iets mis mee? Nee, ik voel me niet bepaald genoopt me daarvoor te verdedigen.'

Foto Sanne De Wilde

Hij kijkt weer uit het raam, de kin rust op een geopende hand. Het gesprek dreigt alweer een andere kant op te gaan als hij zegt: 'Wacht even'. Volgt het citaat over het onoverbrugbare verschil tussen man en vrouw, zoals verwoord door William Blake, Engels dichter uit de achttiende eeuw. 'Kijk, met zo'n zin kan ik weer een jaar vooruit.' Martin Michael Driessen stelt het met zichtbaar genoegen vast.

'Time is a man, space is a woman.' - William Blake

Martin Michael Driessen, De pelikaan, fictie.
Van Oorschot; 199 pagina's; euro17,99.
(verschijnt 17 november)

Curriculum Vitae

1954
geboren in Bloemendaal
1974-1978
lid nationale schermploeg
1974-1978
onvoltooide studies Sanskriet en geschiedenis in Amsterdam
1978-1980
studie theaterwetenschappen in München
1982
hoofdrol in speelfilm Blaulicht
1982-2012
toneel- en operaregisseur, artistiek leider Landesbühne Niedersachsen
1997-heden
literaire vertalingen in het Duits en het Nederlands
1999
Gars
2012
Vader van God
2013
Een ware held
2015
Lizzie (met Liesbeth Lagemaat)
2016
Rivieren (winnaar ECI Literatuurprijs)

Op 17 november verschijnt de roman De pelikaan, uitgegeven door Van Oorschot. De Wereldbibliotheek komt met een herdruk van de novelle Een ware held.

Meer over