Recensie Vallende Man

Maria Kraakman voorziet zwalkende Vallende Man van ITA van een warm kloppend hart ★★★☆☆

Het stuk lijdt onder te veel effectbejag en het als schokkend bedoelde geluidsbombardement gaat al snel vervelen.

Eelco Smits in Vallende Man. Beeld Jan Versweyveld

Zilver dat het blauw doorkruist. Dat is één beeld dat de New Yorkers bijbleef in de dagen na ‘9/11’: het blauw van de lucht en het zilver van de vliegtuigen. Ooit een mooi plaatje, nu een voorbode van vuur, as en dood. In de roman Vallende Man (2007) van Don Delillo speurt het zoontje van Lianne na de aanslagen met een verrekijker de blauwe hemel af. Zal er nog meer zilver komen?

Vallende Man gaat over de jurist Keith Neudecker die lichtgewond aan de terreur ontkomt en in verwarde staat toevlucht zoekt bij zijn ex-vrouw Lianne. Tussen hen ontstaat een broos nieuw verbond, dat uiteindelijk verkruimelt. De titel slaat op Keith, die zich in een neerwaartse spiraal van ontkenning, depressie en zelfhaat bevindt. Maar hij refereert natuurlijk ook aan dat andere monumentale beeld, in het Westerse collectieve bewustzijn geëtst, van een man die elegant en kaarsrecht, één knie gebogen, naar zijn dood valt.

Bij Internationaal Theater Amsterdam (ITA) brengt de Franse sterregisseur Julien Gosselin Vallende Man nu op toneel. Of eigenlijk: als live film. Een groot deel van de bijna drie uur durende voorstelling kijken we naar close-ups van de acteurs. Dat levert haast ondraaglijk kwetsbare beelden op, waarin je elke losse wimper en baardhaar, elk vlekje en rimpeltje op de gezichten van Eelco Smits (Keith) en Maria Kraakman (Lianne) kunt onderscheiden. Adembenemend dichtbij komen we, en tegelijk creëert Gosselin zo – opzettelijk – grote afstand. Zelfs als Keith en Lianne zich samen in hun huiskamer bevinden, zien wij ze in ‘split screen’. Op het flathoge projectiescherm dat het gehele toneel beslaat, komen ze zelden samen in één shot. Ze leven in gescheiden werelden, elk met hun eigen trauma, en kunnen elkaar niet bereiken.

De filmbeelden en de nogal militante soundtrack domineren zozeer dat van ‘toneel’ nauwelijks nog sprake is. Dat is niet per se bezwaarlijk, en inhoudelijk zelfs wel passend: we kennen deze tragedie immers voornamelijk van het scherm. Helaas schiet de voorstelling op andere punten wel tekort.

Maria Kraakman en Eelco Smits in Vallende Man. Beeld Jan Versweyveld

Julien Gosselin

Julien Gosselin (31) heeft in zijn korte carrière naam gemaakt als gretige Franse durfal die graag moderne teksten bewerkt. Voor hem geen Shakespeare of Molière; theater moet gaan over de maatschappij waarin we nu leven en daar heb je auteurs van nu voor nodig. Met dat doel bracht hij met succes Houellebecqs Elementaire deeltjes op toneel, dat in 2013 met een klap zijn (internationale) doorbraak werd. Later volgde onder meer een marathon-bewerking van de roman 2666 van Roberto Bolaño.

De roman begint met de aanslag, als Keith zich een weg richting veiligheid baant in ‘een wereld van neerdalende as en nachtelijk duister’. Een prachtige passage, waarin DeLillo’s trefzekere zinnen moeiteloos transformeren tot beeld. De voorstelling start met tekstfragmenten, die Gosselin meteen voorziet van beeld, met Smits die halfverblind door de rook stommelt, terwijl hij het volume van de soundtrack tot ondraaglijke hoogte opschroeft.

Een provocatie

Dat is driedubbelop, en daarmee gaat veel van de impact verloren. Algauw gaat het schokkend bedoelde geluidsbombardement vooral vervelen – zo slecht gedoseerd en ongefundeerd is het weinig meer dan een provocatie. Op andere momenten geselt Gosselin ons weer eindeloos met dreinende minimal music, kennelijk voor een existentieel accent. Tegenover dit effectbejag staan trage, nodeloos uitgesponnen scènes bij Liannes moeder Nina (Chris Nietvelt) thuis, waar een interessant gesprek tussen Nina en haar minnaar Martin (Hans Kesting) over de aard van de terreur (politiek of religieus?) treurig verzandt in flegmatieke landerigheid. Gosselin, die levendige dialogen weet te destilleren uit DeLillo’s ingeklonken impressionisme, volgt de roman daar te nauwgezet.

Waar hij wél schrapt, maakt hij vreemde keuzes. Keith verliest bij de aanslagen zijn vriend Rumsey (geestige rol van Harm Duco Schut als onaangepaste computernerd). In de roman ontdekken we pas aan het slot dat hij dit zichzelf verwijt en waarom – een onthulling die zijn degeneratie in een heel nieuw licht zet. Gosselin laat die ontknoping weg. Maar vooral zonde is het dat hij de scènes over de terroristen en hun motieven marginaliseert. Bij DeLillo zijn dat gedurfde passages die een vurig verlangen naar broederschap en zelfopoffering invoelbaar maken. Maar op toneel moet Majd Mardo het als kaper Hammad doen met wat schampere religieuze zinnetjes.

Op één punt heeft Gosselin de roman wel fundamenteel verbeterd, en dat is in de schildering van de relatie tussen Lianne en Keith. Is dat in het boek een zwijgzame, onverklaarbare houdgreep, op toneel is er, naast de pijn, ook voelbaar liefde en plezier. Dat is vooral te danken aan het warmbloedige spel van Maria Kraakman: hier is Lianne de ware hoofdpersoon, en haar nerveuze zoektocht naar zingeving is bij vlagen zeer aangrijpend. Kraakman voorziet het geheel zo van een warm kloppend hart.

Vallende Man van Don DeLillo, door Internationaal Theater Amsterdam.
17/3, Internationaal Theater Amsterdam. Daar t/m 30/3. 

Eelco Smits in Vallende Man. Beeld Jan Versweyveld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.