Mannen met rode sjaals

'Het wachten is op de speelfilm', schreef de Volkskrant vier jaar geleden over Klem in de draaideur, het boek over minister Winnie Sorgdrager en OM-topman Arthur Docters van Leeuwen....

Een snerpende poolwind giert donderdagavond 22 januari 1998 rond het ministerie van Justitie in Den Haag. Arthur Docters van Leeuwen, topman van het Openbaar Ministerie, en zijn collega Dato Steenhuis dragen een rode sjaal tegen de kou. De wetshandhavers haasten zich naar minister Winnie Sorgdrager van Justitie.

De avond zal eindigen in wat later 'de muiterij' en 'de paleisrevolutie' zal worden genoemd. Een politieke aanvaring die haar weerga nauwelijks kent. Sorgdrager raakt zwaar beschadigd, Docters wordt ontslagen, Steenhuis overgeplaatst. De affaire staat inmiddels in de nieuwste geschiedenisboeken.

De twee heren vermoeden nog niets als ze het ministerie binnenstappen. 'Nou, warme ontvangst hier', bromt Docters als hij het kille gebouw binnenstapt en Sorgdrager er nog niet blijkt te zijn. De oud-BVD-chef weet slechts dat hem een lastig gesprek wacht. Collega Steenhuis heeft zijn advocaat opdracht gegeven een kort geding tegen Sorgdrager voor te bereiden en een paar honderd meter verderop wacht de Haagse rechter Van Delden om de zitting te houden. Sorgdrager weet nog van niks, zij wordt opgehouden in de Tweede Kamer.

'Finesse en deemoed zijn niet mijn sterkste kanten', zou Steenhuis later op de avond nog zeggen. Dat is zacht uitgedrukt. De procureur-generaal uit het noorden blijkt een bijbaan te hebben bij onderzoeksbureau Bakkenist, nu net het bureau dat in Groningen politie en zijn eigen hoofdofficier onder de loep moet nemen. Na veel commotie krijgt oud-Kamervoorzitter Dolman de opdracht de kwestie te onderzoeken.

Dolman zegt aan Steenhuis 48 uur leestijd toe om hem te tijd te geven voor een reactie. Maar Sorgdrager is bang voor lekken naar de pers en zij wil het rapport-Dolman direct naar de Tweede Kamer sturen. En dus dreigt Steenhuis, tegen de zin van Docters, met een kort geding tegen zijn minister om een leespauze af te dwingen. De topambtenaar rebelleert tegen het politiek gezag.

'Een avondvullend programma waarbij de toeschouwer zich geen moment hoeft te vervelen. Het verhaalt over liefde, boosheid, verdriet, actie, politiek, vriendschap en macht. Het is wachten op de speelfilm.' Zo recenseert de Volkskrant het boek Klem in de draaideur dat bijna vier jaar geleden verscheen. De film is er nu – een politieke dramaserie heet hij officieel – ging tijdens het Nederlands Filmfestival in première en wordt nu ook uitgezonden op televisie. De serie is 'een gedramatiseerde interpretatie van historische gebeurtenissen' en wijkt daarmee af van het boek, én de werkelijkheid. Erg is dat niet, de affaire blijft intrigerend.

De filmmakers houden zich goed aan de volgorde der gebeurtenissen. Aan de grote vraag die zelfs de hoofdrolspelers nog altijd bezighoudt – hoe en waarom is het zo gelopen als het is gelopen – geven ze een geheel eigen invulling.Het had zo kunnen gebeuren, vindt regisseur Peter de Baan. En omdat niemand nog de definitieve analyse over het waarom heeft kunnen geven, hád het heel misschien ook wel zo kunnen gaan.

Waar het boek de nadruk legt op de immense invloed van de media, wordt in de film de focus gelegd op de band tussen Docters en Sorgdrager. Zij worden gespeeld door Thom Hoffman en Tamar van den Dop. Tussen de twee ontstaat een boeiende relatie. Ze groeien naar elkaar toe, er is genegenheid, wellicht iets meer dan dat. Maar wat we zien, is bijna on-Nederlands subtiel: geen ongeloofwaardige seksscènes of iets van dien aard, maar een verhouding die zich langzaam ontwikkelt. Van den Dop zegt van tevoren Sorgdrager niet intensief te hebben bestudeerd en voor een eigen invulling te hebben gekozen. Hoffman móet haast wel videobandenlang naar Docters van Leeuwen hebben gekeken, zo goed is zijn licht verbaasde oogopslag die je alleen bij Docters ziet. Wat ontbreekt is het grappige hiklachje dat een golfbeweging door het grote lijf van de oud-justitiebaas teweeg kan brengen.

Tussen de twee ontstaat een spannende verhouding. Hun roeping is dezelfde, ook toen in het echt: het recht moet zegevieren. Wat hen ook bond: geen verstand van politiek met de grote P. Gelijk hebben moet in justitiekringen leiden tot gelijk krijgen, maar in de politiek moet je je gelijk verdienen. Politici kunnen zich als een groep piranha's op een slachtoffer storten en in geen tijd aan stukken scheuren, recht of geen recht.

Wat een tikje jammer is, is de afwezigheid in de drama van twee andere levensgevaarlijke beesten: televisie en kranten. Ze speelden een grote rol in de affaire, zoals het boek treffend beschrijft. Een bericht in de Volkskrant bijvoorbeeld op de dag van de muiterij leidde bij het ministerie tot de overtuiging dat het Openbaar Ministerie, de club van Docters en Steenhuis, strategisch aan lekken was. Daarom mochten de twee niet het rapport-Dolman inzien, bang dat het ministerie was dat het die middag nog op straat zou liggen. Daarom moesten ze die avond op het ministerie verschijnen met alle gevolgen van dien.

Dat Docters laat in de avond buiten in de ijzige kou voor de persmeute vanaf een briefje voorlas ('Het gezag van de minister staat voorop, dat spreekt vanzelf'), kwam niet omdat hij niet kon onthouden dat het gezag van de minister voorop stond, maar omdat hij dacht voor zoveel pers niet de juiste tekst te kunnen onthouden.

Zelf heeft Docters zich na afloop van de affaire wel honderd keer voor zijn kop geslagen: hoe had hij zo stom kunnen zijn om Steenhuis niet harder tot de orde te roepen, door niet te voelen dat de zaak aan het escaleren was? Door gebrek aan ervaring? Of toch door...?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden