Maker van roddelglossy Binnenhof is gewoon marketingmanager

Pechtold moet niet naar de journalistiek wijzen voor het vuilnisbaknieuws. Want met journalistiek heeft dit fenomeen niks te maken...

Het is begrijpelijk dat Alexander Pechtold (Opinie & Debat, 17 mei) – ‘Nee tegen vuilnisbaknieuws’ – als slachtoffer van vuilnisroof fulmineert tegen co-hoofdredacteur Jan Dijkgraaf van roddelglossy Binnenhof. Maar het is demagogisch ‘de journalistiek’ daarvoor aansprakelijk te stellen. Dijkgraaf is namelijk geen journalist. Hij is een cynicus; een marketingmanager op de verkeerde stoel, die het geringe respect voor journalistiek dat nog bestaat in dit land doelbewust mee om zeep helpt.

Journalisten en goede verstaanders van dit vak – en dat is Pechtold – wisten dat allang. Het is daarom oneerlijk het handelen van Dijkgraaf te vergelijken met dat van de Telegraaf rond de 9-jarige Ruben die de vliegramp in Tripoli overleefde. Een belangrijk verschil is dat de Telegraaf handelde naar aanleiding van een bijzonder nieuwsfeit, en geheel in haar traditie in de berichtgeving aansloot bij het gesundes Volksempfinden, geholpen door het bijzondere toeval dat ze Ruben aan de telefoon kreeg. En ja, het is inderdaad aan Buitenlandse Zaken dat toeval uit te sluiten.

De krant kwam hierna met een spijtbetuiging, wat in ieder geval zegt dat ze luistert naar haar lezers en de intentie heeft journalistiek te willen bedrijven, en dus ook bereid is toe te geven als ze over het randje gaat.

Dijkgraaf daarentegen creëert een bijzonder nieuwsfeit door in vuilnisbakken te duiken – met geen ander doel dan marketing te bedrijven. Daar is hij al langer mee bezig. In een interview met Villamedia magazine (15 januari 2010) zegt hij als hoofdredacteur van HP/De Tijd door te willen gaan met undercoveracties als bij de PVV – waar redacteur Karen Geurtsen vier maanden op de fractieburelen werkte en daar uitgesmeerd verslag van deed. ‘Vanuit commercieel oogpunt’, zegt hij, al voegt hij er en passant aan toe dat hij dat ‘ook’ doet omdat het een journalistieke vorm is die goed bij HP/De Tijd past. Inmiddels heeft hij ook dat laatste restje journalistieke mores aan de wilgen gehangen. Dijkgraaf gaat welbewust over het journalistieke randje, en wenst niet eens na te denken of er normen of richtlijnen worden overschreden. ‘Dat is aan de rechter’, zei hij bij Pauw & Witteman. Hij zegt hiermee eigenlijk vanuit geen enkel journalistiek principe dan ook te redeneren, maar uitsluitend te calculeren: de kosten van een eventuele rechtszaak zijn financieel gezien peanuts bij de baten die ze oplevert.

Dit schaamteloos uitgevente cynisme is een unicum in de werkelijke journalistiek voor zover ik weet, de roddelmedia daargelaten. En daar speelt Dijkgraaf mee. Nu nog ten behoeve van de balans van Audax (uitgever van HP/De Tijd, Weekend en Binnenhof), straks voor de kijkcijfers van Powned.

De verwarring zit in het feit dat Dijkgraaf voorheen voor media werkte die wel journalistieke principes hanteerden, zoals Metro en Management Team. Van HP/DeTijd – waarvan Dijkgraaf nog hoofdredacteur is tot hij naar Powned overstapt – kun je dat al bijna niet meer zeggen.

Journalisten als Max Pam en Jan Kuitenbrouwer zijn geschoffeerd en ontslagen, er is in de redactie gesnoeid en gesneden. De communicatie over ieder nieuwtje dat het blad heeft wordt door Dijkgraaf ‘strategisch aangepakt’ omdat het ‘de fout is van veel journalisten dat ze helemaal nooit aan marketing denken’.

Hij heeft hiermee van HP/De Tijd een marketinginstrument gemaakt, overgoten met een journalistiek sausje. Dijkgraaf is een wolf in schaapskleren, die de journalistiek schaadt. Haar imago is namelijk al niet zo best – overigens onterecht – maar krijgt hier nog een extra deuk die gevolgen kan krijgen als rechters hun dwangsommen of boetes voor de media hierdoor gaan verhogen.

Een journalistiek medium dat iets te melden heeft dat maatschappelijk werkelijk relevant is en daarmee een journalistieke norm als afluisteren of het in bezit hebben van staatsgeheimen schendt, wordt hierdoor tegengewerkt in zijn waarheidsvinding.

Iedereen, en zeker Pechtold, kent de scheidslijn tussen gossip en – een poging tot – serieuze journalistiek. De Telegraaf bedrijft – op haar eigen manier - dit laatste, en staat pal voor de persvrijheid als het gaat om bronbescherming, zo is in het verleden gebleken.

Het gaat daarom niet aan de berichtgeving over Ruben in de Telegraaf te vergelijken met het vuilnisbaknieuws van Dijkgraaf. Want nogmaals: Dijkgraaf is geen journalist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden