‘De man heeft met alle #MeToo-schandalen, dictators en wannabe-dictators een pr-probleem.’

Beschouwing Moderne man

Make-over voor de moderne man

‘De man heeft met alle #MeToo-schandalen, dictators en wannabe-dictators een pr-probleem.’ Beeld Leonie Bos

De ‘giftige man’ beheerst het nieuws en dat kan gemakkelijk tot een existentiële crisis leiden. Dus zijn er boeken over man zijn in verwarrende tijden.

Tussen de bergen geboortekaartjes die ik de laatste tijd ontvang, zat een envelopje met daarin een klein kaartje. Het was het kaartje van een collega die haar tweede dochter had gekregen. ‘We zijn compleet’ stond er. Ik bedacht dat ik die collega even een berichtje wilde sturen. ‘Wat een lief kaartje’. Maar toen was er een stemmetje: nee, niet ‘lief’ zeggen. Je bent een man. En mannen zeggen niet over geboortekaartjes dat ze lief zijn. Mannen laten überhaupt niet weten hoe ze over geboortekaartjes denken. En als ze dat wel doen, dan zeg je maar dat het een leuk geboortekaartje is. Niet lief.

Onzin natuurlijk. Dat bewustzijn kwam gelukkig ook vrij snel. En ik stuurde gewoon dat het een lief kaartje was want het was een lief kaartje en anders bel je de politie maar. Maar het zegt wel iets. Dat er blijkbaar toch een deel van mij bezig is met wat het behelst man – of mannelijk – te zijn.

Pr-probleem

Vooropgesteld: het is nog altijd vrij makkelijk om een man te zijn. Makkelijker dan vrouw in elk geval, of transgender. Maar laten we wel wezen: de man heeft met alle #MeToo-schandalen, dictators en wannabe-dictators een pr-probleem. ‘Toxic masculinity’ is een modeterm geworden, giftige mannelijkheid: een verzamelnaam voor klootzakkerig gedrag als intimideren, beledigen, pesten, vernederen vanuit je positie als man. En omdat de giftige man het nieuws beheerst, zou je kunnen gaan denken dat die twee woorden bij elkaar horen. ‘Het lijkt alsof er een gelijkteken staat tussen ‘giftig’ en ‘mannelijkheid’’, schreef columnist Stephan Sanders een paar weken terug in de Volkskrant.

Daarnaast voelt de man zich bedreigd. Door de vrouw, die hem aan alle kanten lijkt voorbij te streven. Door een benauwend politiek correct klimaat waarin hij voelt dat hij niets meer mag zeggen en alles seksisme, racisme, seksuele intimidatie of een combinatie van die drie is. Opgejaagd zoekt hij soms zijn toevlucht bij extreme groeperingen als Proud Boys, wier oprichter Gavin McInnes beweert dat er een ‘oorlog tegen mannelijkheid’ gaande is en waar knokken, dan wel een knokpartij veroorzaken, integraal onderdeel is van de ontgroening.

De man moet, in 2018, vooral zijn mond houden en luisteren. Mengt hij zich in het debat, dan is hij al gauw een mansplainer; de man komt wel even vertellen hoe het zit. Zet hij vraagtekens bij het moderne feminisme of zegt hij – zoals Warren Farrell, de geestelijk vader van de mannenbeweging, onlangs in de Volkskrant – dat mannen het ook niet altijd even makkelijk hebben, dan is hij al snel, zoals een vriend van me dat verwoordde, een zeikerd.

De moderne man moet tegelijkertijd ook van alles zijn: stoer, maar gevoelig; viriele minnaar maar zachte vader; carrièretijger én toegewijde huisman. Hé, dat is toevallig: want gelden al dat soort eisen ook niet allemaal voor de vrouw? Zeker. Maar dit stuk gaat niet over vrouwen. Dit gaat over mannen. De agressor. Het roofdier. De ontmande. De radeloze. De schuldige van alles wat er mis is met deze wereld. Die het zelf ook niet zo voor de wind gaat trouwens. Uit het interview met Farrell: ‘Jongens doen het minder goed op school dan meisjes. Hun IQ daalt, net als hun aantal zaadcellen. Ze hebben meer psychische en fysieke problemen, zoals adhd en autisme [...] Jongens plegen veel vaker zelfmoord. Ze zijn verantwoordelijk voor de toename van schietpartijen op scholen en zitten vaker en langer in de gevangenis. Ze hebben minder perspectief op een baan [...]. Jonge mannen tot 30 jaar verdienen minder dan jonge vrouwen. Werkloze mannen hebben minder kans op een relatie.’ En dan worden ook nog eens steeds meer mannen onvruchtbaar en gaan ze gemiddeld eerder dood dan vrouwen.

Crisis

De Man zoals we hem kennen bevindt zich in een existentiële crisis. Dat is niet per se iets van deze tijd. Toen ik 3 was en hij 33, was mijn vader een van de onderwerpen in een artikel in de Cosmopolitan over moderne vaders. Dat wilde toen zeggen: vaders die veel tijd met hun kinderen doorbrachten in plaats van de moeders. We zijn inmiddels ruim dertig jaar verder, maar nog steeds worstelt de man met zijn rol. Nu, in tijden van #MeToo, wordt de man steeds vaker gezien als dader, en voelt hij zich tegelijkertijd, in tijden van oprukkend feminisme, juist slachtoffer. Crisis dus.

Tot die conclusie kwam de beroemde therapeut Esther Perel ook onlangs in De Wereld Draait Door. 2019, zei Perel, moet het Jaar van de Man worden. En niet in die zin dat de man over straat moet in een draagkoets getild door schaars geklede vrouwen en dat het hele jaar door de leren schorten in de aanbieding zijn, maar in de zin van dat de man zich moet herbezinnen op zijn identiteit. Wat behelst het om man te zijn? En wat is mannelijkheid eigenlijk? Wat moet je doen of zijn om jezelf een echte man te kunnen noemen?

Schrijver Jan van Mersbergen zit met min of meer dezelfde vragen. In zijn nieuwste boek Man/Vader, een bundeling van columns en verhalen die hij voor onder andere Trouw en Vrij Nederland schreef, beschouwt Van Mersbergen – en ik citeer nu even de omslag – ‘mannendingen als vissen, het metselen van een muurtje, vechten en bier drinken. Maar in het leven van een vader worden ook koude handjes opgewarmd, geruststellende woorden gefluisterd voor een spannende sportwedstrijd, slaapliedjes gezongen.’

Jan van Mersbergen - Man/Vader. Thomas Rap; 240 pagina's; €19,99. Beeld rv

Eigenlijk gaat het daar al een beetje mis. Bij het woordje ‘maar’: het impliceert dat vissen, metselen, vechten en bier drinken echt mannelijk zijn en koude handjes opwarmen, geruststellen en slaapliedjes zingen niet. Er staan een paar mooie verhalen in Man/Vader, waaronder het hartverscheurende ‘Grommen bij Katy Perry’, over hoe zijn dochter al op te jonge leeftijd te veel verantwoordelijkheid moest dragen. Maar wat het man-beeld aangaat is Van Mersbergen nogal traditioneel.

‘Belangrijkste scherprechter in vanzelfsprekende ongelijkheid: de boor’, schrijft hij in het verhaal ‘Mannetjes’. ‘Ik weet niet beter: wanneer er een gat geboord moet worden, laat de vrouw dat aan de man over.’ Mannen, die zijn goed met gereedschap. En trouwens ook in de weg vinden. ‘Iedereen weet dat vrouwen niet goed kaart kunnen lezen en hun richtingsgevoel minder is.’ Onlangs was ik in Rome. Maar zelfs de navigatie-app en het pijltje in welke richting je kijkt konden me niet redden. Zonder mijn vriendin had ik nu nog rondgedwaald op het Forum Romanum.

Geen reden nodig 

In het verhaal ‘Mannen-app-groepen’ schrijft Van Mersbergen dat mannen, in zijn ervaring, makkelijker tot afspraken komen dan vrouwen. ‘Opvallend: vriendinnen zeggen dat ze thuis moeten blijven en verantwoorden waarom ze niet kunnen. Vrienden vallen elkaar niet lastig met redenen waarom ze niet zouden kunnen: ze regelen gewoon dat ze die avond niet thuis zijn.’ Welke mannen zijn dit? En mag ik met ze in een app-groep?

Mannen vissen, vrouwen winkelen, volgens Van Mersbergen. ‘Vissen is voor mannen’ schrijft hij in ‘Vissen’. ‘En waarom vissen vrouwen niet? Mijn vriendin zei: daar heb ik het geduld niet voor. Geduld is lastig. In een winkel heeft mijn vriendin heel veel geduld. Zoals ik al zei vraagt vissen een bepaalde concentratie. Een andere concentratie dan winkelen.’ In het volgende verhaal, ‘Winkelen met vriendin’ gaat Van Mersbergen daar even op door. ‘Winkels zijn gericht op kopen. Als ik iets nodig heb dan haal ik dat. Als mijn zoon iets nodig heeft, dan haalt hij dat. Mannen doen dat zo. Mannen zien alleen dat wat ze moeten halen. Winkels zijn ook ingericht op kopen van spullen die je niet wilde halen. Winkels schreeuwen: koop ook dit, koop ook dat. Vrouwen zien dat.’

Ik zie dat ook wel. En ik vind winkelen hartstikke leuk. Vissen daarentegen niet. Maar misschien is dat niet mannelijk.

Vooruitstrevender (en ook een vrij ander genre) is Man Man Man: 55 lifehacks & levenslessen voor mannen van Jan Heemskerk (voormalig hoofdredacteur Playboy) en schrijver/journalist Marcel Langedijk. In het eerste hoofdstuk rekenen de heren af met een aantal hardnekkige clichés die mannen zogenaamd niet zouden mogen zijn. Bang zijn bijvoorbeeld: ‘Waarom mag je vrouw heerlijk trillend onder het dekbed duiken omdat ze beneden een inbreker hoort, en moet jij direct uit bed om met een lachwekkende kachelpook drie moordlustige junks te lijf te gaan die er geen been in zien jou om een stokoude stereo de strot af te snijden?’ Interessant punt, kom ik later nog op terug. Andere taboes: huilen (‘Waarom doet iedereen geïrriteerd en ongeduldig als wij een keer een traantje wegpinken bij een film met zielige kinderen of een gebrekkig dier?’), zwak, ziek of hulpbehoevend zijn (‘Tijd om al die machobullshit achter ons te laten en ons te sterken aan de gulle tiet van anderen’). Het is allemaal weliswaar nogal lollig opgeschreven, maar niettemin een poging af te rekenen met het hardnekkige idee dat een echte man dit soort kwetsbaarheden niet kent.

Jan Heemskerk en Marcel Langedijk - Man Man Man. Volt; 208 pagina's; €24,50. Beeld rv

En hoewel Heemskerk en Langedijk zich ook weer laven aan clichés als dat een echte man gereedschap moet hebben, niet van winkelen houdt en vrouwen wispelturig zijn, doen ze een sympathieke poging de traditionele man en zijn perspectief een moderne make-over te geven.

Zo juicht Heemskerk in ‘De Échte Borst is Terug’ het uit de mode raken van siliconenborsten toe. Als hoofdredacteur van de Playboy was hij veelvuldig aanwezig bij fotoshoots van naaktreportages. ‘De dames die daar hun buitenmaatse nepborsten trots aan de camera kwamen tonen, verkeerden zonder uitzondering in de veronderstelling dat ze zo precies voldeden aan ‘wat mannen mooi vinden’. Ik had niet het hart hun te vertellen dat ze alleen maar voldeden aan wat zij elkaar wijs maakten dat mannen mooi vinden.’

Heemskerk, een man ‘van de oude stempel’, duikt ook in het dilemma dat een strikt gelijkwaardige relatie niet goed is voor je seksleven. Dat is niet zijn mening, maar de uitkomst van een wetenschappelijk onderzoek ‘Egalitarianism, Housework, and Sexual Frequency in Marriage’, dat in 2013 verscheen in The American Sociological Review en uitgebreid besproken werd in The New York Times. ‘Naarmate mannen meer klusjes in het huishouden deden, zoals de was doen, koken en stofzuigen (in plaats van, vaak traditioneel meer als mannelijk gezien, het vuilnis buiten zetten of de auto repareren), hadden stellen aanzienlijk minder vaak seks. En het ging niet alleen om de frequentie: de vrouwen gaven de seks ook een hoger cijfer naarmate binnen het huwelijk de klusjes juist meer langs ‘traditionele’ lijnen werden verdeeld.’ De les die Heemskerk eruit trekt: een strikt gelijkwaardige relatie is niet per se de beste relatie.

#MeToo

In dat kader van sekseverschillen hebben de heren Heemskerk en Langedijk nog een belangrijke boodschap voor de moderne man: ‘Wees altijd voorzichtig en respectvol met vrouwen’. Dat klinkt – net zoals de adviezen ‘Noem een vrouw nooit een slet’, ‘Voel je niet dom als je kunst niet begrijpt’, ‘Sta positief in het leven’ – als een open deur van jewelste, maar het kleine betoog dat Heemskerk houdt zou iedere man in tijden van #MeToo moeten lezen. ‘Wil een man iets van een vrouw en wil zij het niet geven, kan een man het altijd nemen. Een vrouw niet. Wij mannen kunnen, mógen niet doen alsof er geen verschil is tussen een man die een vrouw seksueel benadert en een vrouw die omgekeerd hetzelfde doet. Als man in je kont te worden geknepen is op z’n allerergst een beetje flauw, maar wordt waarschijnlijk eerder opgevat als grappig of vleiend, of misschien zelfs een signaal dat er méér in het vat zit. En dat méér kun je naar goeddunken toelaten of negeren – je hoeft immers nooit bang te zijn dat je wordt gedwongen tot iets waar je geen zin in of behoefte aan hebt. En dat maakt nogal wat uit.’ De man, zegt Heemskerk, moet zich bewust zijn van zijn fysieke superioriteit en daarmee verantwoordelijk omgaan.

Prima. Duidelijk. Crisis verholpen? Nog lang niet. Bibliotheken vol verschenen er over mannelijkheid en man-zijn, ook wel wat diepgaander en spiritueler dan Man/Vader of Man Man Man. Wat zei u? Jordan Peterson? Ja, de even populaire als controversiële hoogleraar psychologie is vooral razend populair onder jonge witte mannen. En er is genoeg gezegd en geschreven over zijn populariteit bij extreem-rechts. Als het over Peterson gaat, gaat het al snel over ‘boze witte man’. En dat is eigenlijk een beetje flauw, want er staan heus wel interessante dingen in zijn boek 12 regels voor het leven Een remedie tegen chaos. Zijn praktische aanwijzingen als ‘Sta rechtop, met je schouders naar achteren’, over waarom een goede fysieke en mentale houding belangrijk is in het leven; ‘Sluit vriendschap met mensen die het beste met je voorhebben’, over hoe je je aan andere mensen kunt optrekken en vice versa; of ‘Streef na wat betekenisvol is (niet wat opportuun is)’. Stuk voor stuk prima adviezen. Het gaat alleen een beetje mis bij de eindeloze filosofische beschouwingen die steeds op die adviezen volgen; identiteitspolitiek zus, feminisme zo, neomarxisme dit, postmodernisme dat, man is orde, vrouw is chaos. Het gaat maar door. Peterson heeft genoeg interessants te melden, maar je moet zeker niet alles voor zoete koek nemen.

Jordan Peterson - 12 regels voor het leven - een remedie tegen chaos. Prometheus; 496 pagina's; €19,99. Beeld rv

Dat geldt ook voor David Deida, wiens boek The Way of the Superior Man inmiddels ruim twintig jaar oud is, maar nog steeds relevant. ‘Leef met een open hart, zelfs als het pijn doet’, schrijft Deida in het eerste deel van zijn boek. Dus sluit jezelf niet af voor verdriet, woede of schaamte; maar durf ermee te leven. ‘Leef alsof je vader dood is’, waarmee Deida probeert te zeggen dat mannen zich moeten bevrijden van het juk van de verwachtingen van hun vaders. Nog eentje: ‘Waardeer kritiek van vrienden’; ‘Het vermogen van een man om directe kritiek van een andere man te krijgen zegt iets over zijn vermogen om masculiene energie te ontvangen.’ Goed, die is misschien een beetje vaag. Net als ‘Ze wil de killer in jou’, waarin Deida betoogt dat een vrouw nou juist wel een man wil die uit bed opstaat om te kijken waar dat rare geluid nou vandaan kwam. ‘Angstloosheid, of het vermogen om doodsangst te overstijgen omwille van de liefde is een karakteristieke vorm van de ultieme masculiene gave.’

Zijn we iets wijzer geworden over mannelijkheid en man zijn? Misschien. Een beetje. Maar het laatste woord is er nog lang niet over gezegd. Zowel Jan van Mersbergen als Jan Heemskerk en Marcel Langedijk als Jordan Peterson als David Deida hebben allemaal een bepaalde man voor ogen en ideeën over hoe die man moet zijn en hoe hij zijn leven moet inrichten. Alsof er één man is, die aan een bepaald aantal af te vinken kenmerken voldoet. Maar zoals Esther Perel in eerder genoemde uitzending van De Wereld Draait Door zei: ‘we moeten af van het binaire model’. We moeten af van het idee dat een man een paar dingen wel is, een paar dingen niet is en anders niet een echte man is.

Tijdens het schrijven van dit stuk moest ik denken aan een oude televisiecommercial voor een kledingmerk. We horen en zien een man (hij heet Julian, daarom weet ik het nog) die over zichzelf praat in de eerste persoon meervoud. ‘We are Julian. Wij zijn vader. Wij zijn vriend. En soms een klootzak. We kunnen heel veel Julians op één dag zijn. Soms zijn we charmant. Of irritant. Er zijn momenten waarop we tegelijkertijd belachelijk en serieus zijn. We stijgen er boven uit. Of verdwijnen in de menigte.’

We zijn slap. Of sterk. We zijn dapper. Of bang. We zijn kwetsbaar. Of stoïcijns. We houden van vrouwen. Of van mannen. We vinden geboortekaartjes lief. We houden (soms) van vissen. Of van winkelen. En we weten: De Man is dood. Leve de man. 

Beeld Leonie Bos

Mannelijkheids­paradox

Morgen, zondag 11 november, geeft therapeut Esther Perel een eendaagse klinische training in New York. Het thema van dit jaar is ‘The Masculinity Paradox’. Nu woont u waarschijnlijk niet in New York en bovendien is het evenement uitverkocht. Maar geïnteresseerden kunnen voor een onbescheiden 249 dollar de hele dag meedoen via een livestream. Voor dat geld kun je natuurlijk ook een heel goede vishengel kopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.