'Luis in de pels' struikelde over 'te veel management'

Na de beroemdheid was er de windstilte. Deze rubriek vertelt hoe het de talenten van toen nu vergaat...

Volgens de een werd hij geboren in 1948. Volgens de ander in 1936 in The Bronx, New York. Feit is wel dat de onbekende Amerikaanse kunstenaar voor het eerst van zich liet horen in mei 1988, op zijn eerste tentoonstelling in de Weteringgalerie in Amsterdam.

Seymour Likely. Pas achteraf bleek de naam te zijn gebaseerd op het pseudoniem van de Amerikaanse kunstenaar Sidney Wasserbach. Het pseudoniem was eenvoudig ‘gepikt’ door een collectief van drie Amsterdamse kunstenaars, Ido Vunderink, Aldert Mantje en Ronald Hooft. Als grap. Wat wel in de lijn met hun werk lag.

De drie waren de ‘luis in de pels’ van de bestaande kunstpraktijk en leverden ironisch commentaar op maatschappelijke issues. Met een installatie van 77 biggetjes die verwachtingsvol naar een schoolbord staarden, reageerden ze op hoe het publiek naar het docentschap van de Duitse kunstgoeroe Joseph Beuys keek. In het Centraal Museum toonden ze een kerststal als een Palestijnse garage waarin Jozef en Maria waren gestrand met hun defecte Peugeot 504.

De energie van het ‘Cocktail Trio’ paste in het tijdsgewricht van de late jaren tachtig. De periode waarin het No Future-idee veranderde in het adagium van Just Do It. Kunst vermengde zich met zakelijkheid. Zo ontwierpen de leden van Seymour Likely de kleding (met afdruk van Canadese dollarbiljetten) van de Amsterdamse basketbalclub Canadians en verbouwden de Apollohal, hun thuisbasis. Op het hoogtepunt van hun roem opende het trio op de Amsterdamse Nieuwezijds Voorburgwal de Seymour Likely Lounge en een discotheek. Het bleek een stap te ver. Voor Mantje werd het ‘te veel management en te weinig kunst’.

In 1994 viel collectief uit elkaar. Mantje en Vunderink zetten zich weer aan het ouderwetse schilderen en werkten mee aan het Nachtwacht Research Project, waarbij ze Rembrandts meesterwerk nog eens dunnetjes overdeden. Hooft ontpopte zich als binnenhuisarchitect en vormgever. Dat hun vroegere werk, vijftien jaar na dato, nu toch weer te zien is, is een eenmalige gebeurtenis. Vunderink: ‘We hebben het er steeds over, maar er komt geen nieuw werk.’Rutger Pontzen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.