LUCIANO BERIO

Berio is een veelzijdig componist, maar bovenal de stem van de nieuwe muziek die kakelt, briest, gilt, snuift, jankt, gromt, lacht, krijst en zingt en onverbrekelijk is verbonden met wijlen zijn vrouw Cathy Berberian....

DE WERELDPREMIERE van Alternatim verkeert nog in het stadium van eerste groepsrepetities, als de schepper al wereldkundig maakt er naderhand nog een minuut of vijf bij te zullen componeren. Wat nou? Is het dubbelconcert voor klarinet en altviool, dat vanavond door het Koninklijk Concertgebouworkest onder leiding van componist Luciano Berio zelve ten doop wordt gehouden, nu af of niet?

'Hij houdt ervan oud materiaal op te pakken en uit te breiden', zegt Willem Vos. De huidige chef klassieke muziek bij de Avro kan het weten, want al sinds 1972 - toen nog als artistiek leider van het Rotterdams Philharmonisch Orkest - treft hij met onregelmatige regelmaat de Italiaanse coryfee van de nieuwe muziek.

Ook dirigent Riccardo Chailly weet er alles van. Formazioni, het opdrachtwerk dat in 1978 ter gelegenheid van het negentigjarig jubileum van het Concertgebouworkest in première had moeten gaan, voltooide Berio met het eeuwfeest van het orkest in zicht. En ook toen Formazioni in 1987 onder leiding van de vers aangetreden chefdirigent Chailly voor het eerst werd uitgevoerd, was dat niet de definitieve vorm. 'Het is heel goed mogelijk dat het stuk Formazioni nog wordt uitgebreid', zei Berio op voorhand.

Op het moment dat er maart van dit jaar nog geen schriftelijk levensteken van het dubbelconcert Alternatim vernomen was, wist Chailly precies hoe laat het was. Hij zegde zijn medewerking af. Il compositore moest de kraamverzorging van zijn pasgeboren geesteskind zelf maar ter hand nemen.

Bovendien: wanneer is een werk eigenlijk voltooid? Daar kun je lang over filosoferen, zeker als je Berio heet. Schuberts Tiende Symfonie (D963A) was niet af. Berio completeerde het werk eind jaren tachtig met hedendaagse protheses in Rendering. Mahlers Tweede Symfonie was wel degelijk af, maar toch had Berio er in 1968/69 wat aan toe te voegen in de vorm van een werk voor acht zangstemmen en orkest.

Destijds werd hem nog verweten dat hij in zijn virtuoze collage muziek gebruikte die 'geannexeerd is door de heersende klasse' en zich daarmee toch eigenlijk corrumpeerde aan het systeem. Sinfonia is een kwart eeuw later zelf een klassieker geworden en wordt vanavond uitgevoerd door dezelfde vocalistengroep voor wie Berio het schreef. Zij het dat nu een geheel verjongde ploeg aantreedt onder de naam Swingle Singers.

'In tegenstelling tot Boulez is Berio's muziek een open muziek dat wil zeggen, zij assimileert gemakkelijker invloeden van buiten af', schreef Otto Ketting 1972 in de Haagse Post. 'Assimileren' is misschien nog te keurig gezegd. Berio heeft alles wat op zijn pad kwam gretig omarmd en zich eigen gemaakt, ongeacht of het om de nieuwste elektronische technieken ging, volksmuziek of barokke meesters.

En hij omarmde de zangeres die in 1949, toen hij nog studeerde aan het conservatorium in Milaan, een begeleider zocht voor een opname om zich aan te kunnen melden voor een studiebeurs. 'Ik was er. Ik was pianist in Milaan', vertelt Berio in de televisiedocumentaire die Carrie de Swaan in 1994 maakte over zangeres Cathy Berberian. Een glimlachje speelt om een van zijn mondhoeken: 'Drie maanden later trouwden we.' In beeld zet broer Ed Berberian een rol op een oude ratelende projector en de immer herhaalbare film toont de onomkeerbaarheid van een geleefd leven in volle glorie. Huwelijksreis aan het Comomeer. Cathy als Armeense danseres, als diva in spé. De pasgeboren dochter Cristina; Berio als trotse jonge vader die door oma in zijn neus geknepen wordt.

Berio is natuurlijk ook bekend geworden door zijn Sequenza's, een serie instrumentale solowerken waarin de grenzen van het speelbare royaal worden overtreden en de virtuositeit van de musici ook wordt beproefd in de productie van onorthodoxe geluiden en speelmanieren.

In november 1995 werden ter gelegenheid van Berio's zeventigste verjaardag nog alle Sequenza's in diens bijzijn uitgevoerd tijdens het festival ConSequenze van de Rotterdamse Kunststichting. Inclusief de nieuwste Sequenza XIII voor accordeon, die Berio tot grote opluchting van programmeur Theo Muller wél op tijd af had. Voor wat dat waard is natuurlijk, want de hele reeks (begonnen in 1958 met Sequenza I voor fluitist Severino Gazzelloni) is in feite een groot werk in uitvoering en de Sequenza's zijn weer basis voor de Chemins, waarin de exploraties van elk soloinstrument tegen het licht van een ensemble-context zijn geplaatst.

Bovenal is Berio bekend als de 'Stem' van de nieuwe muziek. Die 'Stem' kakelt, blaast, briest, gilt, snuift, jankt, gromt, lacht, krijst en zingt nog eens prachtig bovendien. Die 'Stem' heet Cathy en het is de vraag hoe de vocale muziek van vandaag er uit zou hebben gezien zonder de hartstochtelijke muzische relatie tussen Berio en Berberian.

Voor, door en met Berberian schreef Berio zulke werken als Thema (Omaggio a Joyce)(1958), Visage (1961), Circles (1961), Epifanie (1959-61), Folk Songs (1964) en de Sequenza die in ieder geval letterlijk de meest spraakmakende mag heten, de nummer III voor stem uit 1965-66. 'Zonder Berberian was Berio niet degene die hij nu is', bevestigt Avro-man Willem Vos. Tot haar dood in 1983 was ze de spil in zijn leven en ook na hun scheiding halverwege de jaren zestig belden ze elkaar bijna dagelijks. 'Maar zonder Berio', voegt Vos eraan toe, 'was Berberian ook niet geworden wat ze was.'

'Toen ik, jaren geleden, voor het eerst met Sequenza III in aanraking kwam vond ik die compositie ongehoord en in hoge mate verontrustend.' Musicologe Joke Dame analyseert in haar proefschrift Het zingend lichaam vanuit een feministische invalshoek de Sequenza als een directe fysieke uiting, waarbij ze de uitvoering van Berberian interpreteert als een onverbloemde lustbeleving. Dame: 'De vorm van de compositie maakt dat je als luisteraar al vanaf het begin in het stuk wordt getrokken. Met het applaus ben je in de compositie ingecomponeerd. En je kunt er blijven. Dat is eng, want je gaat mee langs de afgrond, maar het is ook lustvol, want je gaat ook mee in de jouissance van de vocale uiting. Wie ooit gevoeld heeft hoe de lichamelijke spanning van het zingen oversloeg van de uitvoerder op haar of hemzelf als luisteraar die weet ervan.'

Dame geeft hier een minstens even onverbloemde specificatie van de eufemistische omschrijvingen die jarenlang binnen musicologische kringen dienst deden. 'Hij benaderde de stem met een typisch Italiaanse vloeiendheid', heette het dan. Of er werd iets geleerds geschreven over de 'lichamelijke zinnelijkheid van zijn instrumentale schrijfwijze'. Dat is de prettige paradox in Berio en in zijn werken. Hij is een constructivist; hij kan uiterst nauwgezet en perfectionistisch aan zijn composities schaven; hij kan lange theoretische interviews geven over de relatie tussen woord, klank en betekenis en over noodzakelijke vernieuwing van oude werken in veranderde contexten.

Tegelijkertijd wortelen zijn roots onmiskenbaar in het Italiaanse leven. Hij was een goeie visser, zegt componist Louis Andriessen. Hij zat vaak urenlang in een bootje op het meer te dobberen bij het dorpje waar zijn vader en grootvader kerkorganist waren. Hij heeft een onmiskenbaar aards temperament, vindt Willem Vos. Berio verbouwt zijn eigen groenten en wijn op zijn land op één van die glooiende Toscaanse heuveltoppen ten zuidwesten van Siena.

Het is een haast een primaire wellust waarmee hij de klankschoonheid in zijn werken inlijft, een directe, ongekunstelde melodische stijl creëert, gebaseerd op een synthese van diatoniek en atonaliteit. Daarmee verleent hij zijn oeuvre een continuïteit die de Nederlandse componist Diderik Wagenaar bij tijd en wijle naar het fraaie Toscane drijft voor wat collegiaal advies.

'Hij bezit een zeer briljante mediterrane geilheid plus een noordelijke discipline, die volgens mij een ideale combinatie in zijn werk oplevert', zei Andriessen in 1972 over de componist bij wie hij begin jaren zestig na zijn reguliere compositiestudie in Den Haag een jaar lang privéles nam.

'Ik sta nog steeds pal achter dat citaat', roept Andriessen 25 jaar later resoluut door de telefoon. Hij speelde destijds bij wijze van onderricht met Berio diens geliefde kaartspelletje 'spit in the ocean'. Als 23-jarige wijsneus leerde hij tijdens de verjaardagen en de eetpartijtjes met gasten als Umberto Eco 'hoe de wereld in elkaar zit' en hij repeteerde veel met Cathy Berberian. Hoe veelzijdig Berio ook is en hoe veel ruimte hij met Italiaanse ruimhartigheid ook zijn andere liefdes biedt, de muzikale band met Berberian is en blijft de nucleus van zijn oeuvre. Daarin is zijn instinct voor de stem, zijn liefde voor virtuositeit en zijn ongebreidelde expansiedrift voor nieuwe klankwerelden samengebald.

'Ik ben heel trots op het feit dat mijn gaven als zangeres de geschiedenis van de vocale muziek sterk hebben beïnvloed', zegt Berberian aan het begin van de documentaire van Carrie de Swaan. 'Misschien was ze wel de intelligentste zangeres aller tijden', constateert Berio aan het eind van de film. 'Mijn werken voor haar zijn heel verschillend. Alleen met haar kon ik dit uitgebreide onderzoek naar vocale mogelijkheden doen. Ook daarvoor zal ik haar eeuwig dankbaar blijven.'

Alternatim, Concertgebouw, 16 mei. Radio 4: 24 mei, 14 uur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden