Review

Logica is niet altijd Ridleys sterkste punt

Boek (non-fictie) - De Evolutie van Alles

De wetenschap is niet de moeder van de innovatie, maar de dochter, luidt Ridleys tegendraadse stelling. Nobelprijzen houden de illusie in stand dat briljante eenlingen de motor van vooruitgang zijn.

Ha, denk je opgetogen bij de inleiding van Matt Ridleys De Evolutie van (het heelal, moraliteit, de genen, cultuur, de economie, de technologie, de geest, leiderschap, religie, geld) Alles, ha: eindelijk iemand die hardop schrijft wat je al jaren denkt. Dat onze werkelijkheid sterker dan we willen weten op toevalligheden, pech en mazzel berust. Ons leven, onze geschiedenis, lijkt een natuurlijk opeenvolging van gebeurtenissen en beslissingen. Maar in feite is het maar één route door de tijd. Alles had ook zomaar anders kunnen lopen.

Wetenschapsjournalist Matt Ridley is geen onbekende als het gaat om gewaagde ideeën. Hij heeft een lange staat van dienst in de Britse media met verhalen over genetica, maar naam maakte hij in 2010 met zijn boek The Rational Optimist. Dat probeerde tegenwicht te bieden aan het dominante pessimisme in vooral progressieve kringen, waar men graag volhoudt dat de wereld naar de kloten gaat, doorgaans door menselijk toedoen. Ridley liet met talloze voorbeelden zien dat de wereld er in veel opzichten beter voor staat dan in alle voorgaande eeuwen samen. We leven langer, de omgeving is schoner, we zijn rijker en vrijer. Veiliger zelfs.

Indertijd werd het boek ook vaak afgedaan als selectief winkelwerk in de wereldstatistieken. Maar op één punt was het wel degelijk ontnuchterend: volgens Ridley was al die vooruitgang veelal tot stand gekomen door toeval en geluk, en niet via welgemikt beleid of verstandige beslissingen.

Matt Ridley

De Evolutie van Alles

AtlasContact; 400 pagina's; euro 24,99.

Non-fictie

Het idee van de kracht van trial and error werkt hij in zijn nieuwe boek voor de talloze terreinen in de titel nader uit. De crux is steeds dat in de veelvormige werkelijkheid systemen en inzichten voortdurend in iets gewijzigde vorm een rol spelen, en dat de beste meer kans hebben ingang te vinden. Dat is precies zoals de evolutie ook verloopt: via de natuurlijke selectie van min of meer toevallige verbeteringen. Pas achteraf is er richting in te ontdekken.

Dat de geschiedenis een aaneenschakeling lijkt te zijn van verbeteringen en baanbrekende gebeurtenissen, van slecht naar beter, is volgens Ridley zelfbedrog en gepraat achteraf. 'Als niet de ene generaal de slag wint, maar een andere, is die de held. Als niet Apple de smartphone vervolmaakt, is het gewoon Samsung', noteert hij. Op soortgelijke manier zijn de uitvinders die we kennen, volstrekt inwisselbaar. Zoals Richard Dawkins aangaf dat in de evolutie niet de organismen de baas zijn maar de genen, zo zijn het in de vooruitgang de bedenksels die de hoofdrol spelen en niet de denkers.

De stortvloed aan invallen en voorbeelden is tegelijk de kracht van De Evolutie van Alles en zijn zwakte. Met name in de beginhoofdstukken zwalkt Ridley net wat te verlekkerd door de geschiedenis van het evolutiebegrip, en rakelt alles van Levitius tot Darwin op.

Een van Ridleys interessantere hoofdstukken is dat over technologie. Nieuwe techniek, is zijn overtuiging, is niet het product van geniale en revolutionaire uitvinders, maar van een geleidelijke ontwikkeling, waarbij het slechte afvalt en het goede behouden blijft. De gloeilamp werd niet alleen door Edison uitgevonden, maar tegelijk ook door Joseph Swan en Aleksandr Lodygin en nog minstens twintig anderen. De telefoon door Bell en Gray en vele anderen. 'Als een van hen onderweg naar het patentbureau door een paard vertrapt was, had de geschiedenis er precies hetzelfde uitgezien', schrijft Ridley snedig en vermoedelijk terecht. Hij komt daarbij uit op een tirade tegen het patentrecht, omdat het de illusie in stand houdt dat briljante eenlingen de motor van vooruitgang zijn. Dat heeft niets met de ware aard van vooruitgang te maken. Hetzelfde vindt hij van Nobelprijzen.

Dat brengt hem uiteindelijk op de meest tegendraadse les van zijn ietwat oeverloze gang langs de velden van de vooruitgang: de vaststelling dat wetenschap niet de moeder van de innovatie is maar de dochter. De wetenschap, is zijn stelling, komt vaak pas langszij als de technologie via evolutionaire trial and error cruciale stappen heeft gezet. De stoommachine, bijvoorbeeld, was er vóór de warmteleer en de thermodynamica. De chemie was het antwoord op vragen van textielververs. De astronomie ontstond uit de behoefte om te navigeren.

Of het echt zo simpel is, staat te bezien. Logica is niet altijd Ridleys sterkste punt. Maar een prikkelend tegengeluid is het zeker.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.