Literatuurfestival verbant verbeelding

‘Can I read a bit?’ Rare keuze: waarom al die schrijvers van over de hele wereld naar Nederland laten komen, als ze niet mogen voorlezen?...

den haag ‘Een schrijver zegt iets over de liefde in zijn bóeken, niet vanavond!’ Dichter des Vaderlands, Ramsey Nasr sloeg de spijker op z’n kop. Hij hief zijn armen in de lucht ten teken dat het gesprek waarin een ‘gouden liefdesregel’ moest worden geformuleerd wat hem betreft ten einde was. Marja Pruis en interviewer Raoul Heertje zaten er enigszins bedremmeld bij.

Het internationale literatuurfestival Winternachten in het Haagse Theater aan het Spui was dit jaar geheel gewijd aan ‘regels’. In de grote zaal stond een decor dat leek op een verwaarloosde binnenplaats. Golfplaat, graffiti, afvalcontainers en een vuurtje in een olievat dat zo hard brandde dat het geblust moest worden, riepen de associatie op met een plek waar regels eerder worden genegeerd dan gemaakt.

Het was de perfecte achtergrond voor advocaat Gerard Spong, die in zijn openingspeech de noodzaak van regelgeving illustreerde. Hij beklemtoonde dat Nederland meer ‘bright line rules’ en ‘sunshine laws’ nodig heeft, Amerikaanse termen voor absolute regels waarop geen uitzonderingen toelaatbaar zijn. Volgens Spong zijn deze nodig ‘als hier een samenleving van haat en intolerantie wordt gecreëerd’.

Het gesprek dat publicist Bas Heijne met Spong trachtte te voeren, liep op weinig uit, doordat Raoul Heertje als zelfverklaard overtreder van fatsoensregels veelvuldig interrumpeerde. Heijne en Spong moesten een gouden regel formuleren die hij op een verkeersbord in het decor kon noteren. Het kwam er niet van.

De tweede, geheel uitverkochte avond werd geopend met een geestig en sprankelend gesprek met de uit Zimbabwe afkomstige schrijfster Petinah Gappah en de sinds 1993 in Groningen wonende Liberiaanse schrijver Vamba Sherif. Gappah verbaasde zich over het grote aantal mannen in het publiek. Dat had ze nooit eerder meegemaakt. Ze vroeg zich af of al die mannen mee moesten van hun vrouw, of er geen voetbal op tv was, of dat ze soms echt in literatuur geïnteresseerd waren?

Sherif las in het Nederlands een kort, maar schrijnend fragment voor uit zijn roman Zwijgplicht die gaat over zijn ontmoeting met rebellenleider Charles Taylor. Op weg daar naartoe passeert hij groepen soldaten die ongecontroleerd hun gang gaan. Een van hen legt zijn geweer op de schouder van een timmerman en vuurt een salvo af. Na afloop is de man doof.

De Zuid-Afrikaanse Antjie Krog vertelde later op de avond dat zij ondanks haar jarenlange werk als journalist bij de hoorzittingen van de Waarheidscommissie nog steeds geen mogelijkheid ziet om zich als schrijver in een zwart karakter te verplaatsen. Het was een constatering waarin veel spijt doorklonk, en die misschien ook wel verklaart waarom haar nieuwste boek Begging to Be Black heet.

Schrijfster Christine Otten vond dit duidelijk onzin en antwoordde met Hollandse onbeschaamdheid dat Krog het gewoon moest doen: ‘Ik weet zeker dat je het kunt.’ Krog keek haar zwijgend aan en kon niets anders zeggen dan: ‘Ik benijd Christine.’

Het waren interessante confrontaties, maar de vraag waarom een literatuurfestival zoveel waarde hecht aan debat en discussie en zo weinig ruimte geeft aan de literatuur zelf, drong zich in de loop van het weekeinde steeds meer op. Zeker toen de Indiase schrijver Tarun Tejpal als gouden regel voorstelde: ‘Keep the imagination alive!’

De verbeelding was echter verbannen naar de kleine zalen. Zoals in de brochure van het festival te lezen was: ‘In de nok van het Filmhuis, ver van alle discussies over regels en ontregeling, laten dichters, schrijvers, scholieren, musici en verhalenvertellers horen waar het uiteindelijk allemaal om begonnen is: de literatuur zelf.’

Een merkwaardige keuze van de programmamakers: waarom al die schrijvers van over de hele wereld naar Nederland laten komen, als ze niet of nauwelijks uit hun ongetwijfeld prachtige boeken mogen voorlezen? Petina Gappah moest er zelf bij gespreksleider Joris Luyendijk om vragen: ‘Can I read a bit?’

Wie de moeite nam om de trap van het Filmhuis te beklimmen, kreeg mooie gedichten en verhalen te horen. Zo vertelde de jonge Turkse schrijfster Seray Sahiner over de problemen die ontstaan met de uit alle windstreken afkomstige bewoners van Istanbul: ‘Kunnen twee mensen die om hetzelfde lachen, elkaar de ander noemen?’

Elders kon het publiek wegdromen bij de betoverende klanken van de Tunesische zangeres Ghalia Benali die Arabische klassieke muziek vermengt met Franse chansons en Indiase musicals. Het publiek waande zich in een exotische wereld, die halverwege een lied onverwacht werd afgebroken. Het podium moest worden vrijgemaakt voor een volgende discussie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden