Verslag in Suriname

Literaire verkenning van Suriname is soms ondraaglijk, dan weer relativerend licht

Theater Rotterdam maakt met diverse bezetting op het podium en in de zaal een belangrijke inhaalslag.

Foto Cas Oorthuys/HH

Wat kunnen Nederlanders leren van Surinamers? Dat was het uitgangspunt van de theatrale tekstlezing ‘In Suriname’ van Theater Rotterdam (TR), dit weekeinde in de Rotterdamse schouwburg. Na ‘In Europa’ vorig jaar was het de tweede editie van wat een jaarlijkse traditie moet worden: TR wil de komende jaren ook de voormalige Nederlandse kolonies literair verkennen. Dat is een verstandige zet, want die eerste editie kende één opvallend gebrek: op toneel noch in de zaal was iets te bespeuren van de zo diverse bevolkingssamenstelling van de stad.

‘In Suriname’ is daarom voor Theater Rotterdam een belangrijke inhaalslag. Met op toneel vijftien performers met een (deels) Surinaamse achtergrond en een volle schouwburgzaal waarin nu eens niet het witte publiek dominant is. Dankzij die frisse publiekssamenstelling veranderde ook meteen de sfeer ten goede.

Toen en nu

Rode draad van de avond was het autobiografische relaas van de Rotterdamse schrijver Raoul de Jong (1984) en diens zoektocht naar het Suriname van zijn vader en voorouders. De Jong is een charismatisch verteller, die soepel persoonlijke anekdotes afwisselt met historische en literaire bronnen over Suriname toen en nu. Die fragmenten werden beurtelings gelezen door een gelegenheidsensemble van Surinaamse acteurs en schrijvers, plus cabaretier Jörgen Raymann, oud-wethouder Peggy Wijntuin en oud-nieuwslezer Noraly Beyer. Én Pierre Bokma, die de zaal volledig inpakte met een meesterlijke imitatie van het Polygoonjournaal. Dit polyfone tekstmozaïek werd muzikaal omlijst door zanggroep Black Harmony, met mooi meerstemmige Afro-Surinaamse traditionele muziek.

Van sir Walter Raleigh (1596) ging het via John Gabriël Stedman (18de eeuw) naar de 19de-eeuwse Johannes King, en verder met Anton de Kom en diens beroemde Wij slaven van Suriname (1935). Later volgden schrijvers en dichters als Ellen Ombre, Anil Ramdas, Astrid Roemer en Edgar Cairo. Zo komen verschillende gezichtspunten aan bod. Die van Surinaamse helden als De Kom en van kwestieuze types zoals Stedman, een soldaat die streed tegen ontsnapte slaven. 

Ondraaglijk 

De verslagen van de gruwelen van de slavernij zijn haast ondraaglijk, evenals het alomtegenwoordige, geïnstitutionaliseerde racisme. De Jong verluchtigt waar nodig, met een gevoelige anekdote over de ontmoeting met zijn vader of een geestige observatie over hoe in Suriname een gesprek verloopt: ‘Je slingert gewoon lukraak wat woorden de atmosfeer in.’

Belangrijke historische momenten komen langs: de afschaffing van de slavernij in 1863, de Surinaamse onafhankelijkheid in 1975, de Decembermoorden van 1982. En steeds is er weer de hoop, troost en veerkracht van de kunst; van Dobru, Leo Ferrier of Astrid Roemer. Prachtig is het gedicht van Edgar Cairo uit Nyumane, voorgedragen door acteur Romano Haynes: muzikaal, zintuiglijk en explosief. 

‘In Suriname’ is een prismatische, liefdevolle lofzang op een getroebleerde gezamenlijke geschiedenis, gebracht door hier te vaak vergeten stemmen. Goed dat die in Rotterdam nu een podium krijgen. Het is alleen te hopen dat dat niet bij één weekeinde blijft.           

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.