Likken aan goddelijke ijsjes

In Het laatste avondmaal ontbreken de pasta bereidende mama’s. Rachel Cusk verhaalt over haar vlucht uit de dagelijkse sleur naar Italië’s stralende zonlicht....

Weer een boek over Italië – je moet de moed maar hebben. Kaalgegraasd is de Italiaanse laars, door de horden levensgelukzoekers die vervallen Toscaanse boerderijen opknappen of een bed & breakfast in Umbrië beginnen en daar verslag van doen, met steeds weer ongeveer dezelfde cast: van de dikke, op een sigaar kauwende aannemer die charmant zijn steevast niet nagekomen afspraken wegglimlacht, tot de rondborstige mamma en haar tongstrelende gerechten, met de simpelste ingrediënten op tafel getoverd. De Grand Tour van weleer is op de boekhandelstafels van nu verworden tot een Small Tour boordevol petite histoire, mierzoete dolce vita en een couleur locale van verschoten tinten. Arm Italië.

Het laatste avondmaal – Een zomer in Italië van de Engelse Rachel Cusk (1967) past op het eerste gezicht in die ontmoedigende stroom populaire Italië-boeken. Maar wie erin begint te lezen ontdekt al snel dat het zich ervan wil onderscheiden doordat het niet alleen over het toeristische pretpark Italië gaat, maar de schrijfster ook serieuze vragen aan zichzelf en haar omgeving stelt, en dat ook nog met een bij vlagen sierlijke pen doet. In Het laatste avondmaal zijn in geen velden of wegen laconieke aannemers of pasta bereidende mama’s te bekennen.

Cusk zit overduidelijk in een midlife-dip als ze besluit met haar man en twee kleine dochters de loden hemel van Sussex, waar het gezin woont, voor een paar maanden te verruilen voor het stralende zonlicht aan gene zijde van de Alpen. Een vlucht, weg van ‘de dagelijkse sleur die mijn ziel als het ware had geketend’, zoals Cusk niet wars van pathetiek schrijft. Met de auto trekt het gezin door Frankrijk en maakt een stop in een casa di campagna in de Garfagnana, een streek bij Lucca in het onvermijdelijke Toscane, vervolgens verblijven ze twee maanden in een huisje bij Arezzo. Door Jim, half Schot en half Italiaan, wordt het gezin Cusk het dagelijkse leven van de plaatselijke bevolking binnengevoerd; een ritme dat anders is dan dat van hun geregelde bestaan in Sussex maar er na verloop van tijd wel verdacht veel op gaat lijken. Het is de stolp van de stilstand – als je ergens maar lang genoeg blijft, verovert het nieuwe je niet meer, omdat het je al veroverd hééft.

Cusk wordt overweldigd door het landschap en de luister van de kunst. Het nieuwe decor van hun leven maakt iets bij haar los, maar het lukt haar niet om onder woorden te brengen wat. Ze verdiept zich in het leven van Franciscus van Assisi en het werk van Cimabue, die het ambacht der schilders verhief tot iets wat het tot dan toe nog niet was: kunst. Hier is, op straat en in de musea, zoveel verpletterend moois te zien dat je even de waan kunt hebben jezelf op het verkeerde been te hebben gezet, te hebben afgeschud. Maar het wordt Cusk genadeloos duidelijk dat ze niet alleen haar man en kinderen uit hun vertrouwde omgeving en ritme heeft weggerukt, maar vooral ook zichzelf heeft meegenomen.

En verder gaat het gezin van Cusk weer, van Toscane naar Napels en Pompeji, van Napels naar Rome. Voor de reis naar de hoofdstad van Campanië laten ze de auto staan – ze hebben zich laten vertellen dat Napels een gevaarlijke stad is en dat je er op straat vooral geen kostbare sieraden moet dragen, want die worden je met betreffend lichaamsdeel en al afgerukt.

Het laatste avondmaal is een boek over Italië, maar wie het land een beetje kent komt weinig verrassends tegen. Cusk is een Italië-leek: ze beheerst de taal niet en doet haar best met het boekje Italiaans in drie maanden, ze is geen kunstkenner en leest ijverig in De levens van de grootste schilders, beeldhouwers en architecten, het standaardwerk van Giorgio Vasari – het is een wat karige bagage voor een schrijver die je gids zou willen zijn. Soms beweert Cusk zelfs domme dingen, zoals dat de ijssmaak bacio gemaakt wordt van ‘bepaalde in folie verpakte chocolaatjes die alom verkrijgbaar zijn’ – ofwel de bekende ‘bacio Perugina’-bonbons, die inderdaad in folie zitten, maar niet in het ijs verwerkt worden. Goed, een halszaak is het niet, maar het gaat hier wel over Italië, waar het nu juist zo vaak om de details draait. Cusk drinkt menig cappuccino – waar is haar ode aan de kunstzinnige Italiaanse barista’s, die het hete melkschuim zó geraffineerd in de koffielaag weten te schenken dat er sierlijke dessins op je cappuccino ontstaan?

Maar Cusk pretendeert ook geenszins een doorgewinterde Italië-gids te zijn. Het gaat er haar juist om hoe ze als novice in dit land op de schok van de verandering reageert. Als antwoord op haar verwondering, als schild tegen de verbijstering die haar soms belaagt, gebruikt ze het geweld van zware, aaneengeregen metaforen, wat soms mooie passages oplevert maar elders zo gekunsteld wordt dat het doodslaat. ‘Een berg bestaat al heel lang vergeleken met dit landschap’, noteert ze in de trein van Rome naar Napels, ‘dat in de dageraad lijkt te staan van het bewustzijn van de wereld’. Dat is koketterige malligheid – en niet alleen stilistisch.

‘Het laatste avondmaal’ – Cusk ontwaart ergens een ‘schilferige’ reproductie van dit werk van Leonardo da Vinci, en het voelt zo als het gezin in Frankrijk, op de weg terug naar Engeland, een bordje spaghetti eet: hun reis zit er bijna op, de illusie begint al te vervluchtigen, de onbarmhartige zekerheid van Sussex wacht hun – dit is hún laatste avondmaal. ‘Hoewel we veel hebben veranderd’, schrijft Cusk als ze weer thuis zijn, ‘lijkt ons leven weer even onbeweeglijk en voorbeschikt als vroeger’. We hebben Cusk en haar gezin maandenlang op de voet gevolgd, wandelend over met cipressen omzoomde heuvels, dwalend door uitbundige museumzalen, likkend aan goddelijke ijsjes met bacio – maar wat ze nou precies veranderd hebben, is haar in wezen evengoed een raadsel gebleven als ons.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden