Levende aarde onder dak

Opgezette dieren, verschoven land en de stamboom van het leven vormen maar een fractie van wat er is te zien in het nieuwe Leidse museum Naturalis....

EEN PAAR UREN dwalen door een museum dat nog lang niet klaar is voor de opening op 7 april is genoeg voor een paar conclusies. Nederland heeft er met het nieuwe natuurhistorische museum Naturalis in Leiden een topattractie bij. En de stafleden van het museum zijn meesters in het improviseren en selecteren.

Ook is duidelijk dat één dag onvoldoende is om de hele collectie te bekijken. En nu al staat vast wat de meest gefotografeerde plek in het museum zal worden. Dat is waar de afstamming van de mens uitkomt tussen die van de overige primaten. Bezoekers kunnen tussen hun naaste familieleden plaatsnemen op een zitje.

Dat selecteren zit zo. Naturalis is ontstaan uit de de samenvoeging van twee musea, het in 1820 opgerichte Rijksmuseum voor Natuurlijke Historie en het Rijksmuseum van Geologie en Mineralogie. Het tweede maakte aanvankelijk deel uit van het eerste, ging in 1878 als apart museum verder, maar hoort sinds 1989 weer bij het eerste. Nu zitten de twee collecties, de biologische en de geologische, net als vroeger onder één dak, dicht bij het Centraal Station.

Daar heeft de Leidse architect ir. Fons Verheijen een nieuw gebouw neergezet, dat via een loopbrug is verbonden met het uit 1621 daterende Pesthuis. Dat is de ontvangstruimte van het museum, met informatiecentrum en restaurant. De nieuwbouw bestaat uit twee onderdelen: een toren van 62 meter hoog, die niet voor het publiek toegankelijk is, en het wel toegankelijke deel met de exposities.

De collecties van de twee herenigde musea zijn echter zo groot dat de bezoeker van Naturalis slechts een miniem deel te zien krijgt. De verzameling omvat bijna 10 miljoen objecten, als volgt verdeeld: 570 duizend gewervelde en 2,3 miljoen ongewervelde dieren, 5,2 miljoen insecten, 1,1 miljoen fossielen, 440 duizend gesteenten en mineralen en nog een educatieve collectie van 60 duizend voorwerpen. Met deze schat aan stenen, fossielen en opgezette of anderszins geconserveerde dieren behoort Naturalis tot de toptien van natuurhistorische musea in de wereld, zegt de staf.

Van deze collectie zit 99,9 procent opgeborgen in de toren. Bezoekers krijgen tienduizend museumobjecten te zien, slechts 0,1 procent van de hele collectie dus. Maar dat is nog altijd zoveel dat de bezoeker door het aanbod overdonderd dreigt te worden, temeer omdat de geëxposeerde collectie wordt omgeven door allerlei andere tentoonstellingen.

Omdat Naturalis een publieksmuseum moest worden, heeft het een educatieve taak. De museumstaf, zegt bioloog dr. Peter Koomen, koos voor permanente exposities rond het centrale thema 'Systeem Aarde'. De publiekscollectie van het museum is ondergebracht in twee grote zalen: Oerparade met de biodiversiteit van vroeger en Natuurtheater met de biodiversiteit van nu.

In drie andere zalen worden met speciaal gemaakte exposities de processen uitgebeeld die de aarde drijven en de biodiversiteit veroorzaken. Aarde, Leven en Ecosystemen. De tentoonstelling Aarde is de uitbeelding van geologische en klimatologische processen, zoals verschuiving van continenten, vorming van gebergten, aardbevingen en klimaatveranderingen.

De expositie Leven gaat over de drie v's waar het in het plantaardig en dierlijk leven vooral om gaat: veiligheid, voeding en voortplanten. Er zijn dieren te zien die door andere dieren worden bejaagd. Grote afbeeldingen van bloemen en vruchten tonen hoe planten andere organismen gebruiken om zich voort te planten. Hier wordt ook de evolutietheorie toegelicht.

In de tentoonsteling Ecosystemen ten slotte wordt het systeem van een kringloop uitgelegd. Planten zetten de energie van de zon om in biomassa, die wordt gegeten door planteneters, die zelf weer worden gegeten door vleeseters. Als planten, planteneters en vleeseters doodgaan, worden ze door allerlei afvalverwerkers omgezet in stoffen die planten weer kunnen gebruiken om te groeien.

Bij het opzetten van de vaste exposities is Naturalis uitgegaan, zegt Koomen, van de indeling van de levende natuur die de Amerikaanse biologe Lynn Margulis heeft opgesteld. Zij maakte een indeling in vijf categorieën: dieren, planten, schimmels, organismen met één cel of enkele cellen en eencellige organismen zonder celkern, zoals blauwwieren. Al deze categorieën komen aan bod in de twee zalen waar de objecten uit de museumcollectie worden getoond.

Die zalen liggen boven elkaar, het heden boven de prehistorie. Ze worden verbonden door een van de pronkstukken van het museum, de stamboom van het leven op aarde. Dat is een enorm gevaarte van stalen buizen die zich vanaf het beginpunt van alles, de bacteriën, steeds weer vertakken. Over de buizen lopen lichtlijnen van in totaal dertienhonderd meter lang met tachtigduizend rode lampjes.

Het idee voor de stamboom (waar musea elders in de wereld waarschijnlijk hun vingers bij aflikken) is van de staf van Naturalis. Koomen maakte een opzet en legde die voor aan alle conservatoren, want de wetenschappelijke betrouwbaarheid moest gegarandeerd zijn. De uitwerking gebeurde onder leiding van Floor Verbiest, een technicus uit de eigen staf, want opgaven van andere bedrijven leerden dat hun prijzen voor het maken van de stamboom het budget verre te boven gingen. Met wat improviseren (stagiairs van de mts in Leiden doen de montage) kon de boom alsnog gebouwd worden.

Het publiek kan aan de hand van de lichtjes op de buizen zien hoe de afstamming van soorten in elkaar zit. Wie de afstamming van de mens nagaat, komt in de bovenste van de twee zalen uit bij de primaten. Op 7 april zal de stamboom nog niet helemaal klaar zijn, maar de bedoeling is dat het publiek over een tijdje de afkomst van een paar honderd organismen kan nagaan, zegt Verbiest.

In de twee zalen met de collectie kan het publiek uren dwalen. Het oudste object van het museum ligt er, een groensteen van tweeënhalf miljard jaar geleden. Het vroegste restant van leven is een stromatoliet, een fossiel van één miljard jaar oud met de resten van micro-organismen.

Wat het publiek waarschijnlijk het meest aanspreekt, zijn de skeletten van uitgestorven reusachtige dieren, zoals dinosauriërs. Het topstuk is hier het achttien meter lange skelet van een camarasaurus, dat Naturalis enkele jaren geleden in de VS heeft gekocht.

Maar er is ook een edmontosaurus van vierenhalve meter hoog, een vliegende sauriër en een maashagedis. In de vitrines met fossielen zijn kostbaarheden te zien als een restant van een gestrekte inktvis van 430 miljoen jaar oud. Drs. Frank Wesselingh, conservator van betrekkelijk jonge fossiele schelpen (tot 65 miljoen jaar geleden) legt uit dat resten van planten en dieren doorgaans verteren. Ook kalk overleeft meestal niet, behalve als die in een kalkachtig sediment terechtkomt. Dan blijft er materiaal over. 'En soms blijft er heel goed materiaal over.'

In de zaal erboven is de biodiversiteit van nu te zien. Ook hier pakt Naturalis uit met de rijkdom van zijn collectie. Opmerkelijk is een zes meter lange, doorzichtige buis aan de muur waar een lintworm in zit die ook bij mensen voorkomt. Maar het mooiste kan alleen in de Schatkamer worden bewonderd. Dat is de enige plek in de toren die voor het publiek geopend is, zij het maar twee uur per dag. Daar zijn de kostbaarste bezittingen van Naturalis te zien: de edelstenencollectie van koning Willem I en opgezette exemplaren van inmiddels uitgestorven dieren, zoals een Kaapse leeuw, een quagga (familie van de zebra) en een blaauwbok uit 1766.

Dit alles wordt getoond op een rustige, beschaafde manier, zonder het al te populaire gedoe dat in de VS vaak te zien is. Maar speelsheid wordt niet geschuwd. Al in de gang van het Pesthuis naar het museum stuiten bezoekers op enkele dravende neushoorns.

Het niveau van de exposities is afgestemd op de ontwikkeling van iemand die begint aan het voortgezet onderwijs, aan het einde van de basisschool dus. Daarom is er een aparte zaal voor de kleuters. Die kunnen van een sprekende kei horen hoe oud die is.

Druk bezocht zal hier de lijfkijker worden. Dat is een stoel waar een kind kan zien dat de kalk uit de melk bij het ontbijt van die ochtend, straks in zijn botten zit.

Piet van Seeters

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden