Leuke dingen voor bruine mensen

De goede lezer, doceerde Vladimir Nabokov, is de herlezer. Die kijkt scherper. Aflevering 5: Stephan Sanders, publicist en columnist van Vrij Nederland, herleest Alain Finkielkraut....

Stephan Sanders

Ideeën kunnen in de lucht hangen, klaar om tegelijkertijddoor verschillende mensen geplukt te worden, alsof de een ze vande ander heeft gejat. In zo'n geval moet je de hemel danken, enniet gaan zeuren over diefstal of plagiaat. Maar dat een politiekconflict, dat nog moest plaatsvinden met zoveel helderziendheidvoorspeld kon worden -zoiets had ik nog niet eerder meegemaakt.In 1987 publiceerde Alain Finkielkraut La défaite de la pensée,in 1988 werd het boek in het Nederlands vertaald onder de titel'De ondergang van het denken' en begin 1989 barstte deRushdie-affaire los, de eerste mondiale confrontatie tussenislamisten en universalisten. Wat aanvankelijk een tamelijkacademische exercitie had geleken van een relatief onbekendeFranse filosoof, bleek ineens een nauwkeurige toelichting bij deideeënstrijd, die op dat moment woedde; een strijd, die nogsteeds niets van zijn actualiteit heeft verloren, zoals weinmiddels weten, sadder en hopelijk wiser.

Dat boek van Finkielkraut, dat opende mijn schedeldak, meteenbij eerste lezing, met een kracht waarmee popsterren geachtworden pubermeisjes voor zich te winnen. Hoe kon dat? SalmanRushdie was zojuist de dood aangezegd, ook in Nederland gingenmoslims de straat op om daar een beetje haast mee te maken, ente midden van die algehele commotie werden mijn twijfels over wattoen nog ons 'nationale minderheden beleid' heette alleen maargroter.

Ik kon er niet precies mijn vinger op leggen, maar stoorde mijal langer aan de impliciete veronderstellingen die eraan tengrondslag lagen. Je zou zweren, als je naar het overheidsbeleidkeek, dat migranten, of etnische minderheden alleen ingroepsverband konden overleven, zogeheten 'gemeenschappen': diehadden dan een eigen taal of collectieve cultuur, en daar moestende beleidsmakers zich op richten. Finkielkraut zag achter dieschijnbaar welwillende maar o zo communautaire benadering hetspookbeeld van de Volksgeist opdoemen, het 18de-eeuwse idee vande collectieve ziel, dat individuen opslokt en vermaalt tot eenetnisch homogene massa. Dit denken kreeg een eigentijds,multicultureel jasje aangemeten, zoals Finkielkraut laat zienwanneer hij een islamitische adviseur van de Franse overheidciteert: 'Wie de immigranten wil helpen moet hen in de eersteplaats respecteren zoals ze zijn, zoals ze willen zijn in hunnationale identiteit, hun culturele eigenheid en hun geestelijkeen godsdienstige geworteldheid.' Dit credo was het alfa en omegavan het dominante beleid in West-Europa.

In naam werd het cultuurrelativisme niet eens genoemd, maarin de praktijk heerste het oppermachtig, als teken van goede wilen vooral ook, omdat de filosofische en praktische consequentieservan niet werden doordacht. Het ging toch om leuke dingen voorbruine mensen: dat we daarmee de nieuwkomers opsloten in eendwingend soort stamverband, waaraan we zelf net waren ontsnapt,leek weinigen te storen.

Heeft Finkielkraut's analyse uit 1988 niet veel van haarscherpte verloren? Je mocht het willen, maar het helecultuurrelativistische gedachtegoed werd weer als nieuw uit dekast gehaald tijdens de spotprentenaffaire. Islamieten zijn nueenmaal zus, westerlingen zo, waarom niet rekening gehouden metelkaar's eigenaardigheden, als volstrekt gelijkwaardigekwaliteiten.

Waarom niet? Daarom niet. Lees het (nog eens) bijFinkielkraut.

Stephan Sanders

Alain Finkielkraut: De ondergang van het denken (uitgeverijContact, 1988; niet meer leverbaar). De Franse editie, Ladéfaite de la pensée, verscheen bij Gallimard.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden