Analyse

‘Let op, er komt een heftig onderwerp aan bod’ – de trigger warning is in opmars, maar heeft het nut?

null Beeld Aafke Bouman
Beeld Aafke Bouman

Voor een podcast, serie of Instapost word je steeds vaker gewezen op gevoelige thema’s die eraan komen met een trigger warning, om je schrap te kunnen zetten of om door te zappen. Maar beschermen trigger warnings wel? En wie bepaalt dat eigenlijk?

‘Ik heb Mocro Maffia op doesthedogdie.com gezet, omdat ik het fucking rude vind dat ze niet even een trigger warning voor die rape scene hebben gezet.’ Dat tweette @EnvyPhantom eind maart over het derde seizoen van Mocro Maffia, waarin inderdaad een personage wordt verkracht. Inmiddels is op doesthedogdie.com, een website die spoilers geeft en waar je óók kunt zien of de filmhond doodgaat, ook te zien dat in Mocro Maffia vingers/tenen worden verminkt en iemand levend wordt verbrand. Handig, mocht je zoiets willen vermijden.

Websites, series, instagramaccounts en social-mediagebruikers bieden hun publiek vooraf steeds vaker een trigger warning of content warning (afgekort: TW/CW), die aankondigt dat er iets aankomt dat mogelijk ‘triggert’, een ongewenste reactie oproept – en als ze dat niet doen, worden ze daarop aangesproken. Een TW zegt zoveel als: let op, er komt iets heftigs aan in categorie zus en zo, en als je hoofd daar niet naar staat, is dit het moment om af te haken.

De meldingen zijn er om psychologisch leed te voorkomen, en dienen dus een ander doel dan de Kijkwijzersymbolen, voor ouders die willen bepalen of beelden schadelijk zijn voor hun kinderen. Ook Kijkwijzer ontvangt de laatste jaren trouwens meer vragen van volwassen kijkers die graag een knikje vooraf zouden willen voor bijvoorbeeld scènes met seksueel misbruik, zegt Tiffany van Stormbroek, directeur van het Nederlands Instituut voor de Classificatie van Audiovisuele Media. ‘We brengen die informatie al in kaart, en vanwege deze vragen hebben we die twee jaar geleden op de website ook openbaar gemaakt.’

De roep om meer informatie klinkt breder. Bij het verschijnen van de Netflixserie Ginny and Georgia in februari schreef onder meer de Nederlandse Vogue dat een waarschuwing voor suïcide en huiselijk geweld er wel af had gekund. In januari dit jaar lanceerde de 22-jarige Australische Caitlin Norman een petitie die Netflix maande meer trigger warnings te bieden voor mensen met een post-traumatisch stresssyndroom (PTSS), zoals zij – er verschijnen regelmatig soortgelijke initiatieven op petitieplatform Change.org.

Jongere generaties zijn vaak al aan trigger warnings gewend geraakt omdat die al jaren gebruikt worden op internet. Eerst vooral op Amerikaanse websites, zoals Teen Vogue, maar ook steeds vaker in Nederland, zoals bij Glamour en Linda. Die kijkers vragen nu hetzelfde van streamingboeren. Zo waarschuwde The Crown in zijn vierde seizoen voor scènes waarin te zien is dat prinses Diana aan boulimia leed: ‘De volgende aflevering bevat beelden van een eetstoornis die voor sommige kijkers verontrustend kunnen zijn.’ In 2017 al kwam de Netflixserie 13 Reasons Why in opspraak vanwege een controversiële zelfdodingsscène, waarna Netflix een waarschuwing toevoegde en in 2019 de scène alsnog uit de serie knipte. Disney voegde in februari dit jaar een slide toe die waarschuwde voor racistische stereotypen in onder andere The Muppet Show en Aristokatten.

Makkelijk toegevoegd zo’n waarschuwing, zou je kunnen zeggen, maar de trigger warning is niet onomstreden. Al sinds hij rond 2010 zijn weg vond van progressieve websites naar Amerikaanse universiteiten, stuit hij op verzet: de trigger warning zou een vals gevoel van veiligheid bieden aan een hypergevoelige generatie, vrij debat tegenwerken, en het effect van zware beelden niet verzachten. Critici vinden dat je voor álles wel kunt waarschuwen, omdat alles een trigger kan zijn. Zo schreef de Amerikaanse feministische schrijver Roxane Gay in 2011: ‘We kunnen niet veronderstellen of beoordelen waar anderen misschien voor beschermd willen worden.’ Waar komen de waarschuwingen vandaan, werken ze wel, en wie bepaalt dat eigenlijk?

Volgens hoogleraar klinische psychologie aan de Universiteit van Amsterdam Merel Kindt (53) kan inderdaad vrijwel alles een trigger zijn die trauma oprakelt, van een bepaalde kleur, een geur, stem, tot een handeling of een kledingstuk: ‘Het is afhankelijk van de traumatische ervaring zelf. Ik behandelde laatst een meisje met PTSS dat haar vader jong verloor door een kitesurfincident. Voor haar was donker water een trigger, maar ook de geur van bloemenstallen, die ze herkende uit het uitvaartcentrum. Soms is het zien van een woord al een trigger, dat verschilt van persoon tot persoon.’

Het woord ‘trigger’ bestaat al sinds 1918, toen hele bataljons mannen getraumatiseerd uit de Eerste Wereldoorlog terugkwamen. Voor hun aandoening, die eerst shellshock heette, werd pas veel later de term post-traumatisch stresssyndroom bedacht, dat in 1980 een stoornis werd in de DSM, het classificatiesysteem voor psychische aandoeningen.

Een trigger kan ervoor zorgen dat een PTSS-patiënt in een herbeleving belandt, en dat kan heel hevig zijn, zegt Kindt: ‘Het kan een stukje van de traumatische ervaring zijn, of een groot deel, en het gaat gepaard met heftige emotionele reacties. Het voelt voor die mensen echt alsof ze weer ín de ervaring zitten. Militairen bijvoorbeeld denken soms echt dat ze weer in Afghanistan zijn.’ Maar niet alleen mensen met PTSS hebben triggers: voor iemand met bijvoorbeeld een eetstoornis kunnen beelden van een eetbui leiden tot een terugval. Het grootste deel van de mensen dat een trauma doormaakt, krijgt trouwens géén PTSS. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie krijgt ongeveer 4 procent dat, maar voor slachtoffers van verkrachting ligt dat veel hoger: 19 procent.

Voor die mensen is de trigger warning bedacht. Eind jaren negentig verscheen hij op internetfora, om te waarschuwen voor draadjes waarin seksueel geweld werd besproken. Van daaruit stroomde de TW in de jaren nul door naar Amerikaanse feministische websites zoals Feministing, Shakesville en Bitch, waarna auteurs en lezers ze ook gingen gebruiken op socialemediaplatforms die toen opkwamen: Facebook, Tumblr, Twitter en wat later ook Instagram. In die kringen werd je al gauw een beetje een eikel gevonden als je zonder trigger warning bepaalde thema’s de tijdlijn in slingert: het internet is immers een grotendeels ongemodereerd oerwoud vol tekst en beeld die je vaak zonder daar doelgericht voor te kiezen op je scherm krijgt – en waar dus soms nieuwe regels worden uitgevonden.

Door de nieuwe feministische golf van de jaren tien, waarin meer aandacht is voor verschillende vormen van onderdrukking, breidde ook de trigger warning zijn terrein uit, naar validisme (discriminatie van mensen met een functiebeperking), racisme en islamofobie.

En naar Nederland. Zo geeft de feministische podcast Damn Honey sinds een jaar waarschuwingen bij seksueel geweld, zelfdoding, automutilatie, transfobie, islamofobie, racisme en validisme. ‘We werden er door luisteraars en volgers op gewezen dat sommige onderwerpen wel erg rauw op hun dak vielen, zonder dat ze zich daarop hadden kunnen voorbereiden’, zegt Damn Honey-podcastmaker Marie Lotte Hagen per mail. ‘Er glipt nog weleens iets tussendoor’, zegt ze, ‘maar gelukkig worden we door onze luisteraars liefdevol scherp gehouden.’

In 2018 vroeg Tamara Hartman (24), masterstudent Gender Studies en Colonial & Global History, zich in een artikel op de progressieve journalistieke website OneWorld af waarom in Nederlandse media wél wordt gewaarschuwd voor gewelddadige beelden, met bijvoorbeeld de Kijkwijzer, maar niet specifiek voor seksueel misbruik, zelfdoding, seksisme en racisme. Hartman zag de trigger warning opkomen vanuit Amerika, in haar ‘feministische progressieve, jonge bubbel’ en vindt dat Nederland achterblijft. ‘Alleen als het om suïcide gaat, zie ik onderaan een artikel hulpinformatie staan, maar verder zie ik geen vast patroon van waarschuwingen bij andere onderwerpen. Dat zou ook bij series echt beter kunnen.’ Hartman ziet de trigger warning als ‘inclusiviteit naar mensen met een trauma in alle vormen’.

null Beeld Aafke Bouman
Beeld Aafke Bouman

Maar waar om trigger warnings wordt gevraagd, volgt controverse. Veel onderwerpen kúnnen een trigger zijn, maar het bredere gebruik van de trigger warning wekte bij critici het idee dat jongere generaties voor elk mogelijk ongemak willen worden beschermd. In de vroege jaren tien woedde al een discussie rondom de roep om trigger warnings op websites en universiteiten in Amerika. Dat gesprek volgde dezelfde lijnen als later in Nederland, toen op de Radboud Universiteit Nijmegen op aanvraag van studenten trigger warnings opkwamen.

Carlo Hagemann, docent communicatiewetenschap aan de Radboud Universiteit Nijmegen, vertelt waarom hij daarmee begon: ‘We draaiden alweer wat jaren geleden tijdens een college een fragment uit Met je mooie haren, een heel eng en realistisch fragment waarin een man en vrouw mishandeld worden op een metrostation, en toen liep iemand uit de zaal weg die zelf zoiets had meegemaakt. Daardoor dacht ik: wij gaan er maar vanuit dat iedereen alles aankan, maar dat is niet altijd zo. Ik hoef niemand daar per se mee te confronteren. Het doel is mensen zelf de keuze te geven.’

Hagemann ging waarschuwen voor hevig materiaal, en geeft soms ook een vervangende opdracht: zo kreeg een student de opdracht de Disneyfilm Brave te spreken in plaats van de gewelddadige film Gran Torino. Hagemann benadrukt dat hij het op eigen inschatting doet, en de waarschuwing reserveert voor ‘zeer heftige beelden’ die te maken hebben met (psychologisch) geweld, racisme, seksisme en seksueel geweld. ‘Je moet zorgen dat het geen standaard wordt, dat het niet plichtmatig wordt, dan wordt het routine en luistert toch niemand er meer naar.’ In het studentenblad ANS reageerde Hagemanns collega, docent klinische psychologie Ger Keijsers: ‘Je moet mensen niet beschermen tegen akelige dingen.’ Of de studenten de inhoud konden verdragen, vond Keijsers, was een probleem van de student en niet van de opleiding.

De trigger warning is al lang niet meer gewoon een waarschuwing, maar de inzet van een debat over de weerbaarheid van jonge generaties. Vaak wordt het fenomeen genoemd als hét symbool van de millennialgeneratie, en de generatie daarna, Gen Z, die nog meer op inclusiviteit is gebrand. In The Atlantic schreven Greg Lukianoff en Jonathan Haidt in 2015 over ‘de vertroeteling van de Amerikaanse geest’: de generatie die toen in de collegebanken zat zou doodgeknuffeld zijn door hun ouders. Een ‘rubbertegelgeneratie’ die in alles een aanval zou zien op hun emotionele gesteldheid en identiteit. ‘Het ultieme doel, lijkt het, is om universiteiten safe spaces te maken waar jongvolwassenen afgeschermd worden van woorden en ideeën waar sommigen zich oncomfortabel bij voelen.’ Dat zou volgens hen leiden tot een krampachtige, politiek-correcte cultuur die studenten een ‘extra dunne huid’ geeft.

Ze vreesden een klimaat waarin onwelgevallige meningen niet meer gehoord zullen worden, en debat en vrijheid van meningsuiting onder druk stonden. Een andere zorg: dat trigger warnings ook de ‘fragiele student’ meer kwaad dan goed zouden doen. De decaan van de Universiteit van Chicago schreef in 2016 dat trigger warnings niet helpen omdat ze vermijding van de herinnering aan trauma aanmoedigden, en die vermijding PTSS in stand houdt. Als je trigger warnings nodig hebt, schreef ook psychologieprofessor Richard McNally in 2016 in The New York Times, heb je therapie nodig.

Triggercheck

Als de makers je geen waarschuwing geven voor heftige inhoud, kun je op websites terecht waar anderen dat voor je doen, bijvoorbeeld op spoiler-websites als doesthedogdie.com. Voor boeken is op booktriggerwarnings.com en triggerwarningdatabase.com te vinden of in een verhaal bijvoorbeeld kannibalisme, pleinvrees of onthoofding voorkomt.

Dat was ook de boodschap van onderzoekers aan de Harvard Universiteit die in 2019 hun tweede onderzoek publiceerden naar trigger warnings. ‘Hoe je het ook wendt of keert, trigger warnings helpen gewoon niet’, tweette Payton Jones, een onderzoeker in klinische psychologie. ‘We ontdekten dat trigger warnings trauma-overlevers niet hielpen zich ‘schrap te zetten’’, zei Jones. ‘Soms maakte de waarschuwing de angst vooraf zelfs erger.’ Maar ging het er niet om mensen zelf de keuze te bieden? Volgens Jones is onzeker of getraumatiseerde kijkers door een trigger warning hevige beelden uit de weg gaan, maar áls ze dat doen, zei Jones, is de vraag of dat gezond is. ‘Zou je ze moeten gebruiken?’, vroeg Jones op Twitter: ‘Het bewijs suggereert vrij ferm dat ze niet werken, dus tenzij je ook horoscopen leest, waarschijnlijk niet.’

Onderzoeken aan de universiteit van Waikato in Nieuw-Zeeland en de Flinders Universiteit in Australië wezen in 2019 dezelfde richting: de waarschuwing vooraf verminderde (of verergerde) niet het effect van de schokkende inhoud. Daarnaast stelde Jones (en met hem andere onderzoekers) dat trigger warnings bij kijkers het geloof versterkten dat trauma een centraal deel van hun levensverhaal is, wat hun herstel zou tegenwerken. De studie kreeg veel kritiek: want wie bepaalt eigenlijk of mensen met een trauma al dan geen waarschuwing zouden moeten krijgen, en wanneer blootstelling aan trauma’s goed voor ze is?

Volgens Merel Kindt kan een trigger er inderdaad aan herinneren dat je traumatherapie nodig hebt, bijvoorbeeld EMDR-therapie of imaginaire exposure-therapie, methoden waarbij de traumatische herinnering wordt opgeroepen om die te verwerken. Toch vindt Kindt vermijding niet zonder meer slecht: ‘De vraag is in welke fase je zit. Als je iets naars hebt meegemaakt, is het onverstandig de trigger te vermijden, omdat dat kan bijdragen aan de ontwikkeling van PTSS. Maar héb je die PTSS eenmaal, dan is vermijden deel van de aandoening. Dan is het niet zo dat als je met je trigger in aanraking komt, je er dan wel overheen komt. Dan heb je therapie nodig, waarin de blootstelling aan de trigger wordt begeleid. Dan kunnen die reminders daarbuiten heel heftig zijn.’

Kortom: als iemand die PTSS heeft, bijvoorbeeld door een geweldsdelict met een mes, ineens verrast wordt door een gewelddadige overval met een mes in een serie, is dat geen heilzame blootstelling, maar meer alsof je lukraak af en toe een mes bij hen door de kamer gooit. Toch is Kindt er niet voor om kijkers en lezers voor alle mogelijke triggers te waarschuwen. ‘Ik ben niet tegen trigger warnings, maar ik vraag me af waar je de grens moet leggen. Wat triggers zijn, is eigenlijk niet goed te bepalen. Voor iemand wiens dader een gek mutsje ophad, kan het een gek mutsje zijn. Dan kun je wel bezig blijven. Maar het is echt vervelend voor mensen als ze overvallen worden door een herbeleving, dus bij grote dingen, seksueel misbruik bijvoorbeeld, kun je het wel doen.’

‘Maar het is een ingewikkelde vraag, moet je het dan ook bij boeken doen?’ Kindt wijst erop dat heftige gebeurtenissen in boeken, ook voor kinderen, heel goed zijn om emotieregulatie aan te leren. ‘Je leert daardoor met verdrietige en heftige emoties omgaan, er zitten ook goede kanten aan. Ik geloof niet dat ik voor alles beschermen ben, omdat ik denk dat éven in aanraking komen met iets ongemakkelijks ook goed kan zijn. Mijn zorg is dat mensen te vaak de veilige weg zullen kiezen en ook niet van hevige dingen leren. Het is wat anders als je echt getraumatiseerd bent, natuurlijk.’

‘In Nederland vragen vooral slachtoffers van seksueel misbruik om extra waarschuwingen’, zegt Van Stormbroek, directeur van NICAM. Als dat nu in een film voorkomt, krijgt die van Kijkwijzer 16 jaar en het geweldspictogram (het vuistje). Momenteel doet Kijkwijzer onderzoek naar de behoefte van kijkers. Van Stormbroek: ‘Kijkwijzer is er vooral om te waarschuwen voor risicovolle content voor kinderen, maar als ouders en kinderen of jongeren behoefte blijken te hebben aan trigger warnings, willen we dat zeker serieus bekijken. De vraag is nu of en hoe we informatie over bijvoorbeeld misbruik ook op andere manieren zichtbaar gaan maken, zodat duidelijker wordt wat voor soort geweld er in een film voorkomt.’ Van Stormbroek vindt de discussie rondom trigger warnings interessant, maar zegt vooral af te gaan op wat het publiek wil. ‘Wij gaan uit van de behoefte van de kijker. Als je weet wat erin zit, kun je zelf de keuze maken of je gaat kijken.’

TW; bevalling

In maart ontstond op @Badassmotherbirther, een Instagramaccount met bijna een half miljoen volgers waar bevallingsfilmpjes te zien zijn, discussie onder een video waarin een baby met een open schedel geboren werd, die later zou overlijden. De moderator van het account, Flor Cruz, werd vaak verzocht om waarschuwingen bij zwaar materiaal, maar daar begint ze niet aan, zei ze: ‘Research heeft uitgewezen dat die toch niet helpen.’ Sommige volgers protesteerden: de TW is er niet voor de gemoedsrust van het grote publiek, maar voor mensen met een trauma. ‘Als je me ontvolgt’, schreef Cruz later, ‘Ben ik niet beledigd, ik zal trots op je zijn, omdat je verantwoordelijkheid hebt genomen voor je triggers.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden