Profiel Avi Avital

Les van mandolinehunk Avi Avital: ‘De mandoline hoort bij de klassieke muziek’

Bij het woord ‘mandoline’ ziet u misschien een bluegrassband voor zich, ergens in de swamps van Alabama. Maar van oorsprong is het een barok­instrument, waar veel mee mogelijk is. Klassiek mandolinist Avi Avital geeft een cursus.

Mandolinespeler Avi Avital Beeld Christoph Neumann

Wie mandoline zegt, zegt folk. Of bluegrass, het razendsnelle akoestische genre uit de VS. Dat de mandoline eigenlijk een instrument is uit de barok, en dus ook thuishoort in de klassieke muziek, is vandaag de dag minder bekend.

Maar de comeback in de klassieke concertzaal is een feit. En de belangrijkste pleitbezorger, de mandolinehunk Avi Avital (39), die zijn platen uitbrengt op het statige label Deutsche Grammophon, komt naar Nederland. Op 27 en 28 juni is hij te horen op het Internationaal Kamermuziekfestival in Utrecht.

Waar komt de mandoline vandaan, hoe speel je erop en hoe vul je er een grote zaal mee? V reisde af naar Avitals woonplaats Berlijn voor een cursus. 

Les 1: de mandoline is niet ‘volks’

Als Avi Avital de deur opendoet, staan er Marokkaanse hapjes klaar. Dat zit zo: Avital is Israëlisch, opgegroeid in Beër Sjeva. Zijn ouders zijn Joden die in de jaren zestig vanuit Marokko naar Israël emigreerden, en nu is zijn moeder (uitstekende kok) op bezoek in het ruime appartement nabij de door hipsters overgenomen Rosenthaler Platz. De reden dat er niets meer aan de muren hangt, heet Hillel (4). Een schilderij is weggehaald, omdat de kleuter er een gewoonte van maakte pastasaus op de muren te spetteren.

‘De mandoline ontwikkelde zich in Italië in de 17de en 18de eeuw’, doceert Avital. ‘De inspiratie komt van de instrumenten uit de Oriënt, die door de handel en kruistochten in Europa terechtkwamen. De associatie met straatmuzikanten is iets van de vorige eeuw. Op barokke schilderijen zie je vooral adel met mandolines. Ze zijn dan prachtig versierd met parelmoer en bladgoud.

‘In de late 19de eeuw wordt de mandoline het instrument van de bourgeoisie. Officieren en bankiers beginnen mandoline-orkesten. Het leuke eraan is dat je met een groep amateurs veel sneller dan met een gewoon symfonieorkest iets kunt spelen wat fatsoenlijk klinkt. Een mandoline is relatief goedkoop en je hoeft niet drie jaar te studeren voor je er überhaupt een mooie toon uit krijgt. Door de frets (de metalen reepjes die de ‘vakjes’ op de hals afbakenen) is intonatie geen probleem.’

Zulke orkesten waren ook populair in Palestina en later Israël. De mandoline werd hét instrument van de kibboetsim, de nederzettingen die overal uit de grond werden gestampt. Doordat de kolonisten overdag op het land werkten, bleef voor piano- of vioolonderwijs weinig tijd over. Het eenvoudige instrument bleek perfect om de gemeenschapszin te bevorderen.

‘Toen er in de jaren zestig zoveel Joden uit de Arabische landen naar Israël kwamen, kregen de mandolineorkesten weer een boost’, zegt Avital. ‘Dit was voor de nieuwkomers de manier om aan te haken bij de dominante, Europees georiënteerde muziekcultuur.’

Dat de mandoline vrijwel altijd ‘iets voor de amateur’ is gebleven, ja, dat klopt. En toch hoort ze bij de klassieke muziek. Ook een componist als Antonio Vivaldi schreef voor de mandoline. Luister maar naar zijn Concert in C (RV 425).

Mandolinist Avi Avital Beeld Christoph Neumann

Les 2: Dé mandoline bestaat niet

Avital is net terug van een concert met het Chicago Symphony Orchestra. Ze speelden in Symphony Hall, een gigantische zaal. Hoe maakt hij zich hoorbaar met zo’n klein ding?

Goed, hij smokkelt wat, zoals klassieke gitaristen dat ook vaak doen. Tijdens een concert met een orkest heeft hij een klein versterkertje schuin achter zijn stoel staan. ‘Dat geeft net wat extra steun.’ Zijn met metalen snaren bespannen mandoline is al relatief hard. Een standaardmodel is het niet. Bij een Israëlische bouwer, Arik Kerman, liet hij er een maken met een klankkast ín een klankkast. ‘Je krijgt er twee voor de prijs van een.

Het interessante aan de mandoline in het algemeen, vindt Avital, is dat er eigenlijk geen standaard uitvoering is – er zijn heel veel typen en variaties.

Wat maakt een mandoline dan tot een mandoline? Ze is altijd van hout en heeft vier keer twee snaren. Wanneer je bij een gitaar één snaar zou aanslaan, zijn het er bij een mandoline minstens twee tegelijk – identieke snaren die op dezelfde toon zijn gestemd. Het effect is dat ze elkaar in volume versterken. De stemming is dezelfde als die van een viool (in kwinten in plaats van kwarten, zoals bij een gitaar), zodat je met een kleine vingerbeweging een grote toonafstand kunt afleggen.

Hij laat zijn verzameling zien. Uit iedere lade van de kast komt wel een instrument tevoorschijn. Hij toont een smal exemplaar, het lijkt wel een sigarenkistje. Toch is dit een bijzonder model – het is namelijk geïnspireerd op een mandoline van Stradivarius, de beroemdste vioolbouwer ooit. Er zijn twee mandolines van hem overgeleverd. Vroeger zouden er darmsnaren op gezeten hebben, maar ook hier smokkelt Avital wat: bij deze mandoline kiest hij voor kunststof snaren.

Hij slaat een akkoord aan. Tere klank. Alleen van heel dichtbij kun je de nuances horen. Als hij tokkelt bij de kam, het uiteinde, komt er wel een fel geluid uit, maar om boven een stel violen uit te komen, moet je hard werken. ‘Voor zulke instrumenten schreef Vivaldi dus’, zegt hij.

En dan is daar nog de 19de-eeuwse Italiaanse mandoline met een flink bolle achterkant. Totaal anders dan de bluegrass-mandolines met hun sierlijke krullen of de waterdruppelvormige Gibson (voor de liefhebber: een A2 uit 1918) die de verslaggever naar de les heeft meegenomen. Zo’n Gibson zie je bij indie-bandjes, de puristen uit de klassieke hoek moeten er doorgaans niks van hebben. Avital, de anti-purist, houdt er juist wel van. ‘Maar het liefst speel ik op de Kerman-mandoline. Die is mijn stem geworden.’

Les 3: je speelt met je rechterhand

Nog een technisch lesje dan. ‘De palm van je rechterhand moet je op de snaren achter de kam laten rusten. Althans, dat doe ik. De beweging komt vanuit je pols. Een toonladder moet voelen als één beweging, zoef!’

Mandolinist Avi Avital. Beeld Christoph Neumann

Les 4: denk niet vanuit het instrument

‘Mijn geluk was dat ik op mijn 23ste pas een echte mandolinedocent kreeg. Tot die tijd zei nooit iemand: dit hoort niet, dat moet beslist zo. Ik zag geen beperkingen, mijn fantasie werd niet afgeremd. Mijn eerste leraar was eigenlijk violist, een Rus die bij het conservatorium van Beër Sjeva had aangeklopt. Er was geen vacature voor een viooldocent, maar de directie zei: we hebben nog een stel mandolines in de kelder, wil je geen orkest beginnen? Hij had er nog nooit een bespeeld.

‘In het hoofd van mijn leraar waren we eigenlijk allemaal violisten. Het ene jaar moesten we het Vioolconcert van Mendelssohn kunnen spelen, het volgende de Ciaccona van Bach. Alleen leerde ik niets te spelen volgens de officiële technieken. Het gevolg is dat bijna alle spelers uit Beër Sjeva hun plectrum verkeerd vasthouden: we klemmen hem tussen de toppen van onze duim, middel- en wijsvingers en slaan de snaar diagonaal aan.

‘Ik won concoursen, had al mooie concerten in Israël toen ik naar Padua ging om bij de grootmeester Ugo Orlandi te studeren. De eerste les was confronterend. Hij zuchtte, haalde een mandoline met zo’n dikke buik uit de kast en zei: zo moet je hem vasthouden. In de eerste lessen heb ik alleen maar een toonladder van G gespeeld. Ik dacht: ik doe het zoals hij het wil, en wat ik later niet wil gebruiken gooi weer overboord. Later ben ik weer schuin gaan tokkelen. Het voordeel is dat je minder weerstand hebt, en dus sneller kunt spelen.

‘Het oorspronkelijke repertoire voor mandoline heb ik me in Italië eigen gemaakt, maar dat speel ik nooit meer. Als ik een concert geef, en mensen hebben zich mooi aangekleed en een oppas geregeld, zie ik het als mijn verantwoordelijkheid om heb hen iets bijzonders te laten horen. Als je het beste stuk van Raffaele Calace (1863-1934), een van die typische mandolinecomponisten, naast het slechtste stuk van Brahms legt, kies ik alsnog voor Brahms. Ze zijn gewoon niet van dezelfde planeet.’

Avi Avital is te horen op het Internationaal Kamermuziekfestival  in Utrecht tijdens het openingsconcert en late-nightconcert in TivoliVredenburg (27/6) en het middagconcert in de Geertekerk (28/6).

Nederlands Verbond van Mandoline Orkesten 

Ook in Nederland bestaat het mandolineorkest nog. Bij het Nederlands Verbond van Mandoline Orkesten zijn 28 gezelschappen aangesloten. In een orkest zitten, afhankelijk van het aanbod, vaak allerlei variaties aan mandoline-achtige instrumenten. Zo wordt voor de lagere partijen en middenstemmen de grotere mandola gebruikt die een octaaf lager is gestemd. Ook komen er gitaren en vaak een contrabas aan te pas.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.