Filmrecensie Leave no trace

Leave No Trace is een fraai, onnadrukkelijk sociaal drama over mensen die niet kunnen aarden op de gebruikelijke plaatsen (vier sterren)

Debra Granik onthult alleen het hoognodige, maar zegt genoeg. 

Thomasin McKenzie (links) en Ben Foster in Leave No Trace.

In het begin van Leave No Trace is het bos zo uitbundig groen als het maar zijn kan. Tussen de varens en het mos leven, in een bijna onzichtbare tent onder de boomwortels van een omgevallen boom, een vader en zijn dochter. Ze maken een vuur, bakken een eitje, zoeken paddestoelen, onderhouden een moestuin. Alleen het hoognodige wordt gezegd: dat de tent lekt, of dat ’s nachts meer wilde honden rond de tent lijken te snuiven dan voorheen.

Harmonie heerst hier in Leave No Trace. Uiteraard wordt die verstoord. Want dit mag natuurlijk niet, zo wonen in een wildpark aan de rand van Portland, Oregon. Dus moeten de vader en zijn 13-jarige dochter verkassen, naar een trailer vlak bij een kerstbomenkwekerij. Daar staan de bomen keurig in gelid, worden ze bijgeknipt naar de verlangens van de klanten en door grijpmachines respectloos op een hoop gekwakt. Lief bedoeld, zo’n huis, maar wat een vreselijke plek.

Interessant, de manier waarop regisseur Debra Granik dat laat zien. Want eigenlijk – verstandelijk – is die nieuwe omgeving natuurlijk veel beter voor de 13-jarige Tom, prachtig gespeeld door Thomasin McKenzie: een leven met school, vriendjes en ovenschotels valt immers te verkiezen boven een lekkende tent. En het maakt langzaam ook iets in het leergierige meisje wakker, de fietslessen, de leeftijdsgenoot om mee te praten en het aaien van konijnenoren. Het probleem dat deze vader-dochterrelatie hoe langer hoe meer onder druk zet, is alleen dat haar vader er absoluut niet kan aarden.

Waarom dat is? Granik onthult alleen het hoognodige over zijn achtergrond, en heel geleidelijk. Eerst laat ze zijn legertatoeages zien. Dan heeft hij een nachtmerrie over helikopters. Hij verkoopt kalmeringsmiddelen die hij krijgt bij een veteranenziekenhuis. De term PTSS valt niet, maar Granik zegt genoeg. De mooi ingetogen acterende acteur Ben Foster geeft hem een dwangmatige opgejaagdheid die nog meer vertelt.

Met Leave No Trace richt Granik, na Winter’s Bone (2010), opnieuw de camera op de gemarginaliseerde mensen in de Verenigde Staten. Liefdevol portretteert ze kleine subgemeenschappen die zich buiten de grote steden hebben gevormd en waarin mensen alleen maar het beste met elkaar voor hebben. Rust vinden ze hier in de natuur, bij dieren, bij elkaar.

Leave No Trace gaat over de manier waarop de wereld omgaat met mensen die niet kunnen aarden op de gebruikelijke plaatsen. Over hoe regels, de mensen om je heen en de wereld in je hoofd de vrijheid beperken. Kun je eigenlijk echt vrij zijn in de keuze van je levensstijl?

Statements genoeg, maar ze worden gefluisterd, in dit fraaie, onnadrukkelijke sociale drama. 

Leave No Trace

Vier sterren

Drama

Regie Debra Granik

Met Thomasin McKenzie, Ben Foster

104 minuten; in 25 zalen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.