Komedie

Le Havre

Ontroerend sprookje

Meesterregisseur weet van vluchtelingendrama een sprookje te maken, dat de realiteit alleen maar schrijnender aan het licht brengt.

Er was eens een Normandische schoenpoetser, die op een dag een Afrikaans bootvluchtelingetje in zijn turquoise geschilderde huisje aantrof. Zo zou je het verhaal van Le Havre kunnen beginnen. Terwijl zijn vrouw met kanker in het ziekenhuis ligt, ontfermt Marcel Marx, voor wie de zaken niet al te best lopen, zich onvoorwaardelijk over het uitgehongerde, opgejaagde kind. Ook de kruidenier, de bakker en de kroegbazin springen bij met een hartelijkheid die de film meteen de glans van een sprookje geeft - alsof het droeve, uiterst realistische onderwerp niet anders verdient.

Alleen een genie als Aki Kaurismäki kan uit de Europese migrantenproblematiek een warmbloedige, mild tragikomische film als Le Havre smeden, zonder te vervallen in misplaatste sentimentaliteit. Een vluchteling voorbij de vreemdelingenpolitie smokkelen in een afgedekte groentekar: je moet het als 21ste-eeuws cineast maar aandurven. Maar de Finse meesterregisseur schrijft en filmt te standvastig om potentieel foute of smakeloze scènes uit zijn handen te laten glippen.

De verstilde reeks vluchtelingenportretten waarmee hij komt nadat de politie de zeecontainer vol illegalen heeft opengewrikt, de nostalgische hommages aan de Franse cinema van weleer, de zijpaadjes die de film soms inslaat en de naar zee ruikende impressies van havenstad Le Havre: het loopt allemaal vloeiend in elkaar over zonder valse tonen en zonder dat de karakters bijzaak worden.

Ook door het typisch Kaurismäkiaanse acteerwerk, dat op een niet te vatten manier even wezenloos als waardig is, gaan de moedig door het leven struikelende personages je meteen aan het hart. Idrissa móet de overkant halen, Marcels vrouw Arletty mag niet aan kanker sterven.

Of een happy end nu in zicht is of niet, net als in The Man Without a Past (2002) en Lights in the Dusk (2006) fleurt Aki Kaurismäki het aftandse bestaan van zijn personages op met allerlei details, romantische muziek, volle kleuren en vergeefse gezelligheid. Al is het maar een krakend accordeonliedje, het felle rood van een boterhammentrommeltje of de zilveren sigarettenetui waarmee de opmerkelijk behulpzame politie-inspecteur zichzelf enige elegantie verleent. Warmte en misschien wel onmogelijke medemenselijkheid, daar gaat het ondanks alles om in Kaurismäki's films, die nooit wegkijken van de ellende van het bestaan, maar niettemin zoeter lijken te worden naarmate de wereld verslechtert.

Een kwestie van optimisme tegen beter weten in: hoe krachtiger de personages zich in Le Havre om Idrissa ontfermen, hoe duidelijker je als toeschouwer voor ogen ziet hoe dat in werkelijkheid zou gaan.

Voor wie dat niet wil zien, heeft Kaurismäki archiefbeelden uit een echt televisiejournaal in zijn film verwerkt, van de agressieve ontruiming van een vluchtelingenkamp in Calais. Een kort fragment is het, lopend op de achtergrond, maar het volstaat om Kaurismäki's eigen illegalenverhaal in perspectief te plaatsen.

Le havre is een prachtig, ontroerend sprookje, dat de realiteit bepaald niet mooier maakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden