Le domino noir is pretentieloos, maar ook intelligent theater

Theater (opera) - Daniel Auber

In Luik wordt weer eens een opera van Daniel Auber opgevoerd: Le dominio noir. Pretentieloos, intelligent theater. Het varkentje dat wakker schrikt als iemand het mes in hem wil steken, is even hilarisch als aandoenlijk.

Sopraan Anne-Catherine Gillet met varkentje. Foto Lorraine Wauters

Zonder Daniel Auber had België er heel anders uitgezien of misschien zelfs niet eens bestaan. In 1830, toen België en Nederland nog één land vormden, kregen de Belgen genoeg van de bemoeienis van de Hollanders. De pleuris brak uit tijdens een opvoering van Aubers La muette de Portici (De stomme van Portici), ter ere van koning Willem I in de Brusselse Muntschouwburg. De bezoekers herkenden zich in de onderdrukte Napolitanen en zetten het op een rellen. De opstand was een feit.

Le domino noir
Opera
Opéra comique van Daniel Auber
Met o.a. Anne-Catherine Gillet (sopraan)
23/2, Luik, België
T/m 3/3Le domino noir

Opera

Opéra comique van Daniel Auber. Met o.a. Anne-Catherine Gillet (sopraan). 23/2, Luik, België. T/m 3/3.

Gesproken dialogen

De opera's van Auber, in de 19de eeuw een van de succesvolste componisten, worden tegenwoordig nog zelden gespeeld. Nu is er een kans om hem weer eens te horen, in België.

De Opéra Royal de Wallonie in Luik brengt dezer dagen Le domino noir uit 1837. Anders dan La muette de Portici, die wordt beschouwd als de eerste echte grand opéra (het genre met gigantische koorscènes, historische plots en special effects), is het een opéra comique, met gesproken dialogen.

Het verhaal: de Spaanse Angèle de Olivarès staat op het punt het klooster in te gaan, maar gaat nog één keer naar een gemaskerd bal, waar ze vermomd is in een zwart gewaad (domino). Horace de Massarena verleidt haar en na een reeks misverstanden in drie akten komen ze bij elkaar.

Pretentieloos

De Luikse opera laat het stuk ook echt een opéra comique zijn, blijkt vrijdag bij de première. Het is er het huis niet naar om op geforceerde wijze lagen aan het verhaal toe te voegen met een dwingend regieconcept. Maar als de ouverture wordt ingezet en een aantal jongens en meisjes verkleed als dominosteentjes Kabouter Plop-dansjes gaan doen, schrik je toch even: we moeten nog tweeënhalf uur.

Bij het begin van de tweede akte zijn alle twijfels weg. Met het duo Valérie Lesort (beeldend kunstenaar) en Christian Hecq (acteur en komiek) verantwoordelijk voor de regie, brengt Luik pretentieloos, maar ook intelligent theater. Verrassend is de interactie tussen personages en decorstukken die bij nader inzien toch mensen blijken te zijn. Het varkentje dat tijdens het buffet wordt opgediend en wakker schrikt als iemand het mes in hem wil steken, is even hilarisch als aandoenlijk.

Dirigent Patrick Davin slijpt Aubers hartverwarmende melodieën fijn. Sopraan Anne-Catherine Gillet overtuigt als Angèle en Cyrille Dubois (Horace) is met zijn slanke tenorstem en fraaie uithalen geknipt voor dit repertoire. Fraai zijn ook de Alice in Wonderland-achtige kostuums van Vanessa Sannino. Maar het grootste applaus is toch weggelegd voor het varkentje. Er moeten meer opera's komen met schattige varkentjes.