Lexicon der onterecht vergeten woorden Sylvia Witteman

Lawaaisaus is, zoals veel armeluiskost, veel lekkerder dan je zou denken

Ik herlas een oud kinderboek, Jelle van Sipke-Froukjes van Nienke van Hichtum. Haar Afke’s tiental is terecht beroemd, maar Jelle mag er ook wezen. Hij is arm met een goed hart, zoals dat hoort. De gebruikelijke jongensboekbelevenissen ontrollen zich; Jelle is, als rechtgeaard Fries, dol op ‘kaatsen’, een Friese variant van handbal, en hij redt een zielige hond. Dat laatste betekent natuurlijk nóg een mond te voeden voor de arme ouders, en er is al zo weinig.

Wat aten zij? Niet veel. Boterhammen met ‘fijngewreven aardappel’ ertussen. En ’s avonds aardappelen met ‘lawaaisaus’. Die lawaaisaus boeide mij hevig. Wat was dat dan? Ook mijn Amsterdamse tante Truus gebruikte dat woord, niet zonder minachting, over een saus die men kon bereiden bij vlees ‘dat geen jus gaf’. Tartaartjes bijvoorbeeld. Wat goot je dan over je aardappels?

Er werd een klont margarine gesmolten en gebruind, daarin ging een gesnipperd uitje, een vermorzeld tomaatje, en even later een scheut maggi en een plensje water. Voila, lawaaisaus. Echt best lekker, trouwens. Ik maak nog steeds wel eens iets dergelijks (maar dan beter), bijvoorbeeld als er plotsklaps vegetariërs aan tafel zitten.

Maar ja, doodarme Friese arbeidersgezinnen hadden een eeuw geleden geen margarine, maggi of tomaat. Toch maakten ook zij lawaaisaus. Dat ging zo: Een stukje vetspek werd uitgesmolten, het hete vet werd omgeroerd met wat bloem, een scheut azijn, en aangelengd met water tot een dikkige saus. Ik denk dat ze op Van Goghs Aardappeleters ook lawaaisaus eten bij die piepers. Ook deze saus heb ik wel eens nagemaakt. Het is veel lekkerder dan je zou denken, zoals veel armeluiskost. Ik deed er ook een schepje mosterd door.

Blijft de kwestie van dat ‘lawaai’. Mijn tante legde uit: het geluid, als je water bij de de sissende margarine gooit. Veel lawaai, om niets. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden