BOEKRECENSIELa Florida

Laila Lalami morrelt slim aan de geschiedschrijving en wekt zo een zwarte slaaf tot leven ★★★★☆

Slechts één zin is er aan hem gewijd in de geschiedschrijving. In haar roman La Florida brengt Laila Lalami de eerste zwarte ontdekkings­reiziger van Amerika overtuigend tot leven.

Ruim dertig jaar nadat Christoffel Columbus het Amerikaanse continent heeft ontdekt, eisen de Spanjaarden, onder wie de Spaanse officier Cabeza de Vaca, sunshine state Florida op voor de Spaanse kroon. In 1527 is dat hoogst eenvoudig. De vlag wordt op het witte zandstrand gehesen en de notaris verklaart, lezend van zijn perkamentrol, dat de koning en koningin van Spanje er een nieuw overzees territorium bij hebben.

Maar het vervolg van de ontdekkingsexpeditie wordt een ramp. Eerst wordt de bemanning geteisterd door honger, dorst, koorts en de aanvallen van inheemse stammen, daarna lijdt de vloot schipbreuk door navigatiefouten. Van de zeshonderd man overleven er vier: officier Cabeza de Vaca (‘koeienhoofd’) zelf, twee Spanjaarden en één zwarte slaaf. 

Hun beroemde overlevingsverhaal gaat als volgt: de vier mannen voegen zich bij verschillende indianenstammen, eerst als dienaren die geslagen worden als iets de dorpsoudste niet zint, daarna als geneesheren die mystieke krachten krijgen toebedeeld (waaronder het uitspreken van het geneeskrachtige Ave Maria). Als ze na acht jaar bij toeval ruiters van een nieuwe Spaanse missie tegenkomen, zijn de mannen zelf halve indianen geworden: ze dragen tunieken van hertenhuid tot op de knie, vlechten tot op hun borst, turkooizen oorbellen en een rode wandelstaf met ara-veren. Het verslag van de officier over zijn jaren bij de inheemse Amerikaanse volkeren, gericht en opgedragen aan de koning, wordt door zijn gedetailleerde culturele kennis over hun talen en leefwijzen van grote antropologische waarde.

De vierde overlevende

Tot zover het originele verhaal, zoals het in de geschiedschrijving werd opgetekend. Maar het oog van schrijfster Laila Lalami (1968, Marokko) valt op iets waar steevast overheen is gelezen: de vierde overlevende, Estebanico, die ook wordt behoed voor ziekte en de verraderlijke zee, is ‘een Arabische zwarte uit Azamor’. Dat maakt ‘El Negro’, concludeert Lalami, de eerste zwarte ontdekkingsreiziger van Amerika. En omdat er over zijn achtergrond niets bekend is – er wordt slechts één zin aan hem gewijd in het complete reisverslag – wekt de schrijfster, tevens professor aan de Universiteit van Californië, hem tot leven in haar roman La Florida, finalist voor de Pulitzer en de Booker Prize.

Haar hoofdpersoon heet Mustafa ibn Muhammad ibn Abdussalam al-Zamori, maar is door de Spanjaarden omgedoopt tot Estebanico. Zijn idioom is stilte en aan het woord is een denker, een zwijgende getuige; geen veroveraar met goudkoorts maar een slaaf van de veroveraar, iemand die tegen wil en dank ontdekkingsreiziger wordt. Lalami geeft de zwarte slaaf de vrijheid die zijn fameuze metgezel niet heeft gekregen, omdat hij een wit voetje bij de Spaanse koning wil halen: Estebanico beschrijft de werkelijke gebeurtenissen, óók de kwalijke details die de officier in zijn beroemde relaas weglaat. Dat de Spanjaarden indiaanse vrouwen trouwden en dat de indianen mishandeld, gemarteld en verkracht werden, bijvoorbeeld. 

In het originele verhaal wordt de slaaf, nadat ze na al die jaren zijn gered, doorverkocht aan de Spaanse onderkoning, die zich op het Amerikaanse continent heeft gevestigd. In Lalami’s verhaal probeert hij onder dit lot uit te komen door zich dood te laten verklaren, zodat hij samen met zijn zwangere indiaanse vrouw kan terugkeren naar haar stam, lang en gelukkig en tot de dood hen scheidt.

Zo rammelt Lalami slim aan de fundering van het historische reisverslag en herinnert ons eraan dat – afhankelijk van de verteller – geruchten, fantasieën en onwaarheden in de officiële geschiedschrijving worden opgenomen en, vooral, weggemoffeld en vergeten. Actueler wordt het niet.

Beeld Nieuw Amsterdam

Laila Lalami: La Florida. Uit het Engels vertaald door Lucie van Rooijen en Inger Limburg. Nieuw Amsterdam; 334 pagina’s; € 22,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden