Interview Paul Mason

Laat het dromen niet over aan extreemrechts

De Britse journalist en activist Paul Mason zoekt naar een nieuw model waarin mensen weer meester over hun bestaan kunnen worden. Gedreven praat hij over zijn ideaal, waarin technologie een belangrijke rol speelt, maar dan wel technologie die wordt getemd door humanisme.  

Paul Mason Beeld Joe Hart

Het is een van Paul Masons vroegste herinneringen, een mijnwerkersfestival in zijn geboorteplaats Leigh in Lancashire in de vroege jaren zestig. Op het veld stond een boksring waarin mannen tegen elkaar vochten. ‘Een uitdager had bloed op zijn gezicht, een ander een verdwaasde grijns. Ze waren merendeels dronken, met ontvelde gezichten van het vechten. Wat ik me vooral herinner, is mijn vaders hand die over mijn gezicht gleed om mijn ogen te bedekken’, schrijft Mason.

‘Voor mij symboliseert dat verhaal de verhouding van de Britse Labourbeweging tot het kapitalisme. Je moet eraan meedoen, maar binnen dat systeem probeer je een beschavende kracht te zijn’, zegt Mason, in de lobby van een hotel in Amsterdam.

Journalist en activist Paul Mason (59) is een robuuste, vriendelijke man met een onmiskenbaar Noord-Engels accent. Hij praat zoals hij schrijft. Gedreven, met redeneringen die dwars door tijd en ruimte razen, van Catalonië naar China, van de jonge Marx naar Nigel Farage.

Paul Mason

Paul Mason (1960) is een Engelse journalist en activist. Hij studeerde muziek en politicologie in Sheffield en Londen. Daarna werkte hij onder meer voor het BBC-programma Newsnight en de Britse tv-zender Channel 4.

In 2016 verliet hij Channel 4, zodat hij zich volop kon wijden aan het maatschappelijk debat, zonder gehinderd te worden door de eis van onpartijdigheid die de Britse wet aan publieke zenders stelt. Hij schrijft onder meer voor The Guardian. In 2016 publiceerde hij Postkapitalisme, dat internationaal de aandacht trok.

Het dronken, chaotische mijnwerkersfestival van Leigh, ‘bijna een schilderij van Breughel’, is een ijkpunt in zijn denken. ‘Iedere man op dat veld werkte voor de staat, de eigenaar van de mijnen. Hij woonde in een huis dat het eigendom was van de staat en maakte gebruik van de diensten die door de staat gratis werden verleend. Het was een vorm van staatskapitalisme. Iedereen op dat veld wist: als we de regels van de economie gehoorzamen, wordt ons leven beter. Nu zitten we in een samenleving waarin mensen denken: ook al gehoorzamen we de regels van de economie, ons leven zal toch slechter worden.’

De mijnwerkers van Leigh voelden zich meester over hun eigen bestaan. In zijn boek Een stralende toekomst gaat Paul Mason op zoek naar een nieuw model waarin mensen weer meester over hun bestaan kunnen worden. De wortels van zijn queeste liggen in het verleden, maar zijn blik is strak op de toekomst gericht.

Technologie kan een nieuwe vorm van socialisme naderbij brengen, betoogt hij, in een vervolg op zijn vorige boek Postkapitalisme. Door automatisering en nieuwe technologieën als 3D-printen kunnen producten en diensten gratis of veel goedkoper worden, waardoor mensen veel minder lang hoeven te werken. Het ideaal van Marx komt naderbij: ’s morgens aan de arbeid, ’s middags vissen of filosoferen.

‘We moeten een nieuw model vinden waarin iedereen zich net zo gelukkig en zo geïntegreerd in de samenleving voelt als toen. Misschien is het onmogelijk, misschien leven we in permanente onzekerheid. Maar ik denk dat we gelukkiger kunnen zijn.’

Een utopie? Wellicht, maar links moet weer leren dromen, zegt Mason, anders is er maar één partij die zijn aanhangers een betere toekomst belooft, extreemrechts met zijn fantasieën over een etnisch pure, sociaal-conservatieve en autoritaire samenleving. De mijnwerkers van Leigh, of hun nazaten, zijn er gevoelig voor. In 2016 stemden ze massaal voor de Brexit. Dat komt mede door de ernstige verwaarlozing van zulke stadjes, zegt Mason.

Beeld Joe Hart

‘Als ik op vrijdagmiddag in Londen naar het station ga om de trein naar Leigh te nemen, word ik bijna van de stoep geduwd door alle mensen die op weg zijn naar de pub. Twee uur later stap ik uit op het station van Wigan – Leigh heeft zelf geen station. Het eerste wat je ziet, is een pandjeshuis, een enorme vestiging van Cash Converters. De straten zijn dood, op een paar daklozen na die tegen elkaar schreeuwen vanonder hun dekens. De enige lichtpuntjes zijn bedrijven die heel lage lonen betalen. Barbershops zijn booming. Vroeger liet je een keer per maand je haar knippen. Nu gaan sommige mannen elke week naar de kapper. Er is een kleine economie van barbershops, sportscholen en nagelsalons, waar mensen zonder veel geld diensten uitwisselen met andere mensen die weinig geld hebben. Als je een dag in zo’n stad doorbrengt, ben je gechoqueerd. Als je er je leven doorbrengt, denk je: ik ben in de steek gelaten.’

Toch is de stem voor Brexit eerder ingegeven door culturele onvrede, vooral immigratie, dan door sociaal-economische onvrede.

‘Dat is waar, en het is moeilijk voor links om dat te accepteren. Binnen Labour denken veel mensen dat je alles kunt oplossen met banen en investeringen. Dat is niet het hele verhaal. Ik zou liever geen cultuuroorlog voeren, maar zoals Trotski zei: jij bent misschien niet geïnteresseerd in de oorlog, maar de oorlog is wel geïnteresseerd in jou. Rechts vraagt: wat zijn jullie waarden, wie zijn jullie? En links zegt alleen: banen en investeringen.’

Hoe moet je de inwoners van Leigh dan overtuigen? U schrijft: we kunnen ze niet geven wat ze willen, wit privilege en een sociaal-conservatieve samenleving.

‘Voor de verkiezingen van 2017 heb ik campagne gevoerd voor Labour in Noord-Engeland. Een kwart tot een derde van de Brexitstemmers zegt: het kan me niet schelen of de economie instort, als de immigranten maar verdwijnen. Tegen die mensen kun je alleen maar zeggen: stem niet op ons. Tegen andere mensen kun je zeggen: we worden het misschien niet eens over immigratie, maar we hebben jullie banen en investeringen te bieden. In 2017 ontmoette ik mensen die terugkwamen van de UKIP naar Labour en zeiden: alles wat ik nodig had, was dat jullie lieten zien dat jullie om ons geven. Maar het is waar: de breuk tussen de sociaal-democratie en een sociaal-conservatief, relatief oud en wit deel van de arbeidersklasse kan misschien niet geheeld worden.’

U heeft veel kritiek op het neoliberalisme, maar het was ook een antwoord op een economie die in de jaren zeventig vastliep. Wat had de regering anders kunnen doen?

‘Het oude systeem stierf. Ik maakte zijn dood mee. De lichten gingen uit bij ons thuis, letterlijk. In het midden van de jaren zeventig had je in Engeland een driedaagse werkweek omdat de mijnwerkers onophoudelijk staakten. Ik herinner me een Britse minister die op televisie een publieke aankondiging deed. Bij kaarslicht, want er was geen licht meer in zijn kantoor.

‘Alle modellen van kapitalisme komen op een gegeven moment aan hun einde. Dan worden ze vervangen door een ander model. Het probleem van het neoliberalisme was dat we te horen kregen dat het permanent was. Het einde van de geschiedenis. Er is geen beter model dan de vrije markt. Het enige wat we moeten doen is de markt verdiepen, meer deregulering, meer globalisering. De bourgeoisie gaf de politiek op. Voor haar werd politiek economie. Wat goed was voor de markt was goed voor de samenleving.’

Beeld Joe Hart

Paul Mason is een van de denkers in en rond de Labourpartij van Jeremy Corbyn. Corbyn gold lange tijd als de personificatie van ‘oud-links’, maar zijn partij beseft dat zij niet terug kan naar het staatssocialisme van weleer, al was het maar omdat jonge aanhangers andere prioriteiten hebben, zoals een geloofwaardig klimaatbeleid.

‘Een radicaal pleidooi voor menselijkheid’ is de ondertitel van Paul Masons boek. Als humanist vindt Mason dat de mens zelf zijn wereld moet scheppen. Dat humanisme wordt echter van alle kanten bedreigd, schrijft hij. Door het neoliberalisme, dat van de mens een speelbal van de markt maakt. Door populistisch rechts dat het individu wil onderwerpen aan de hiërarchie en de autoritaire tradities van de gemeenschap. Door dictatoriale leiders als Xi Jinping of Vladimir Poetin. Door machines die ons dreigen te manipuleren met hun algoritmes en kunstmatige intelligentie.

Toch bieden machines de beste kansen op een stralende toekomst, zegt Mason, mits ze getemd worden door het humanisme. Stel je een wereld voor waarin alles goedkoop of zelfs gratis is, omdat het heel efficiënt wordt geproduceerd door machines. Een wereld waarin iedereen voor een habbekrats zijn huis kan 3D-printen. Een basisinkomen zou mensen nog meer vrijheid geven, ook de vrijheid om met elkaar samen te werken. Naast de markt en de staat zou een sector ontstaan van niet op winst gerichte coöperaties, zo schetst Mason.

Het is een utopie die niet alleen aan Marx doet denken, maar ook een beetje aan de lezing The Economic Possibilities for our Grandchildren van de Britse econoom John Maynard Keynes uit 1930. Keynes voorspelde dat ‘onze kleinkinderen’ nog maar 15 uur per week zouden hoeven te werken.

‘Het was een beetje een grapje van Keynes, het was een lezing voor 16-jarige schooljongens. Maar ik denk dat hij een ding goed zag. Door verbetering van productiviteit en technologie kan overvloed ontstaan. Alle utopieën, de christelijke utopie, de marxistische, de schertsende utopie van Keynes, berusten op het idee van afwezigheid van schaarste.’

Maar de ‘kleinkinderen’ van Keynes, dat zijn wij. En we hebben liever extra inkomen dan vrije tijd.

‘De overvloed die Keynes voorzag is pas mogelijk geworden door informatietechnologie. Maar een andere samenleving ontstaat pas als wij de controle over die technologie overnemen, bijvoorbeeld door de opbrengst te gebruiken voor een basisinkomen dat mensen betaald om te leven, niet om te werken.’

De hond van Paul Mason Beeld Joe Hart

Voorlopig zie ik vooral bedrijven als Uber die werknemers uitbuiten ten gunste van investeerders.

‘De opkomst van informatietechnologie is gepaard gegaan met de opkomst van gigantische monopolies. Zo’n bedrijf als Uber zou niet mogen bestaan. Je zou het moeten vervangen door een coöperatie of een staatsbedrijf. Stel je Uber voor als een publiek systeem in een stad als Amsterdam. Dat zou prima werken. We moeten de macht van de grote bedrijven breken, zoals in de 19de eeuw de macht van monopolisten als de Bell Telephone Company werd gebroken.

‘Amazon neemt 30 procent op alles wat je er koopt. We zouden tegen Amazon-topman Jeff Bezos moeten zeggen: dank u wel, u heeft een prachtig systeem bedacht, nu wordt u onteigend, net als de spoorwegbaronnen in de 19de eeuw. En van Amazon maken we een coöperatie van werknemers, waardoor alles goedkoper wordt. Waarom kunnen we ons zo’n maatregel niet meer voorstellen? Dat is mijn grote frustratie.’

Omdat we niet meer in utopieën geloven.

‘Natuurlijk zeiden postmodernistische denkers terecht dat utopieën gevaarlijk zijn, dat ze tot de Holocaust of de goelag kunnen leiden. Dat is waar. Maar het probleem is nu dat alleen rechts een utopie heeft, van een etnisch pure, sociaal-conservatieve samenleving. Ik geloof echter dat jonge mensen in steden als Amsterdam van hun vrijheid houden. Ze zien niets in hiërarchische, quasimystieke, onderdrukkende en raciaal georiënteerde ideeën.’

Is dat niet het probleem? De kloof tussen grote steden als Amsterdam en de omringende gebieden?

‘Ik heb een boekje geschreven over de Bund, de Pools-Joodse arbeidersbeweging die de sjtetls introk om mensen te onderwijzen. Zoiets zou je nu ook moeten doen.’

De tijden zijn toch veranderd? Zo’n aanpak zou nu heel bevoogdend worden gevonden. Komt u ons beschaven? Opzouten!

‘In elk stadje heb je jonge activisten met een moderne visie, daar kun je mee beginnen. Waar het om gaat: je moet mensen een hoopvol narratief geven. Laten we het geen utopie noemen, maar een project. Links en het centrum moeten het eens worden over de uitgangspunten van een nieuw, groen kapitalisme. Ik ben daar optimistisch over. Uiteindelijk denk ik niet dat jonge generaties als op een gekostumeerd bal de jaren dertig willen naspelen.’

Paul Mason: Een stralende toekomst De Bezige Bij; 400 pagina’s; € 29,99.

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six passeerden al de revue.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden