Column

Laat genie Ramanujan in zijn denken volledig vrij

Het maken van een boeiende speelfilm over een wiskundige leek mij een bijna onmogelijke opgave, maar met The Man Who Knew Infinity is het wel degelijk gelukt. De film gaat over het wiskundig genie Srinivasa Ramanujan (1887-1920), een Indiër die zonder een noemenswaardige opleiding de fellows van Cambridge versteld deed staan met zijn originele inzichten.

Max Pam
null Beeld Warner Bros
Beeld Warner Bros

Ramanujan was een ontdekking van G.H. Hardy. Vermoedelijk heeft niemand ooit helderder over wiskunde geschreven dan hij. Zijn essay Apologie van een wiskundige, waarin Hardy de schoonheid van wiskunde probeert uit te leggen, kan zelfs ik begrijpen. In 1913 schreef Ramanujan (Dev Patel in de film), een eenvoudige klerk in Madras, een brief aan Hardy (Jeremy Irons) waarin hij zijn inzichten kenbaar maakte.

Weliswaar was Ramanujan niet geschoold in het wiskundig idioom - zonder het te weten had hij wiskundige principes ontdekt die allang ontdekt waren - maar Hardy zag onmiddellijk in dat hij te maken had met een natuurtalent. Ongeveer op dezelfde manier zou de beroemde Bertrand Russell tegen de onbekende Wittgenstein zeggen dat hij in hem zijn meerdere had gevonden. Hardy haalde Ramanujan naar Cambridge en samen zouden zij baanbrekende artikelen publiceren.

Wat de film ontroerend maakt, is de cultuurschok die Ramanujan te verwerken kreeg. Vanuit de sloppen van Madras kwam hij ineens terecht tussen Britse academici, die hun excentriciteit en hun arrogantie cultiveerden. Maar Ramanujan bleef geheel zichzelf. Mooi is dat Hardy hem op een delicate manier in zijn waarde laat, ook als het komt op het punt van de religie. Hardy is een atheïst, altijd op zoek naar bewijzen, terwijl Ramunajan vooral op zijn intuïtie afgaat. Ramanujan is vegetariër en kookt op zijn kamer zijn eigen potje. Uit India heeft hij zijn rituelen meegenomen en hij aanbidt de hindoegodin Namagiri, over wie hij zegt dat zij het is die hem zijn wiskundige ideeën influistert. Het was ook Namagiri die in een droom aan zijn moeder heeft geopenbaard dat haar zoon naar Engeland moest vertrekken. Voor Hardy telt tenslotte alleen het besef dat Ramanujan een genie is, die men in zijn denken volledig vrij moet laten.

Hardy heeft eens over Ramanujan gezegd dat gehele getallen zijn vrienden waren, maar misschien benaderde de Duitse wiskundige Kronecker (1823-1891) de drijfveren van Ramanujan meer, toen hij opmerkte: 'De gehele getallen zijn door God geschapen. Al het andere is mensenwerk'. Ramanujan kon geweldig rekenen en beschikte over een kolossaal geheugen voor getallen.

Niet lang na de Eerste Wereldoorlog werd Ramanujan ziek: tuberculose. Hardy reed per taxi naar het ziekenhuis en ging aan het bed zitten. Omdat Hardy totaal het vermogen miste om over koetjes, kalfjes of gezondheid te praten, begon hij volgens C.P. Snow de conversatie zo: 'Ik geloof dat het nummer van mijn taxi 1729 was. Het leek me nogal een saai getal.' Waarop Ramanujan opveerde uit zijn bed en riep: 'Nee, Hardy! Nee, Hardy! Het is juist een heel interessant getal dat op twee verschillende manieren kan worden uitgedrukt als een som van twee derde machten.'

Dus als: 1729 = 13 + 123 = 103 + 93.

Een van Ramanujans beroemdste formules is: 1 + 2 + 3 + 4 + ... = ¿1/12. Op YouTube proberen wiskundigen uit te leggen hoe een optelsom van gehele getallen kan leiden tot een negatieve breuk. Inderdaad wonderbaarlijk. Ik geef me over: dit moet de hand zijn van God.

Van mormonen tot boeddhisten en van christenen tot baptisten verklaart Max Pam de beleving, de folklore en de uitvoering van religieuze rituelen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden