Nieuws

Kunstgaleries verliezen in 2020 kwart van omzet, maar zien online verkopen stijgen

Nederlandse galeries verloren in 2020 bijna een kwart van hun omzet, maar de sector blijft overeind. Door de pandemie zijn de online verkopen sterk gestegen en zijn er minder nieuwe galeries geopend. Dat blijkt uit het onderzoek dat de Nederlandse Galerie Associatie (NGA) vrijdag presenteert.

Anna van Leeuwen
Galerie Ramakers, Den Haag Beeld Natascha Libbert
Galerie Ramakers, Den HaagBeeld Natascha Libbert

‘De gevolgen van de crisis vallen mee’, zegt de voorzitter van de NGA, Philip de Jong, die het onderzoek uitvoerde. De omzetdaling die werd gemeten bij de 85 onderzochte galeries is weliswaar fors, 23 procent, maar galeries bleven overeind. De helft maakte gebruik van coronasteun van de overheid. Bovendien werden er minder kosten gemaakt, bijvoorbeeld omdat een groot deel van de kunstbeurzen werd geannuleerd.

Wat verder opvalt is dat er de afgelopen jaren nauwelijks nieuwe galeries zijn bijgekomen. Uit het vorige onderzoek in 2017 bleek 25 procent van de galeries minder dan vijf jaar oud, in 2020 ging dat om slechts 5 procent. De Jong vindt de cijfers verontrustend: ‘Het risico bestaat dat je een toplaag van galeries overhoudt die steeds dominanter wordt en waar niet tegenop te concurreren valt.’

Enorme push

In 2020 waren galeries (als ‘niet-essentiële winkels’) slechts een paar weken dicht, in december. Toch ontvingen ze 22 procent minder bezoekers. Mogelijk waren bezoekers in de ‘intelligente lockdown’ alsnog terughoudend of wisten ze niet dat de galeries open waren.

Tegelijk blijkt dat bijna de helft van de ondervraagde kunstkopers tijdens de pandemie evenveel kunst kocht, ruim een kwart zelfs meer. Een op de vijf kocht in 2020 voor het eerst kunst via digitale kanalen. De pandemie heeft de digitale markt een ‘enorme push’ gegeven, zegt De Jong.

Aan het onderzoek dat vorig jaar is uitgevoerd hebben 85 galeries, 140 kunstkopers en 15 kunstbeurzen meegedaan. Die laatste hebben het meest onder de pandemie geleden, omdat evenementen lange tijd niet waren toegestaan. De Amsterdamse KunstRai werd bijvoorbeeld wel vijf keer verzet en kon pas in 2021 doorgang vinden. De Jong: ‘Wat helpt is dat beurzen veel met vrijwilligers en flexibele krachten werken.’

Olav Velthuis, hoogleraar economische sociologie aan de Universiteit van Amsterdam en kunstmarktexpert, is niet verrast door de resultaten van het rapport: ‘Deze trends zijn in lijn met die in de internationale kunstmarkt.’ Waarin Nederland volgens Velthuis echter verschilt, is dat veel Nederlandse galeries klein zijn en weinig omzet genereren. Deze galeries kunnen bestaan dankzij een andere inkomstenbron of een vermogende partner: ‘Daardoor zijn ze relatief ongevoelig voor fluctuaties in de markt.’

Toekomstbestendig

Wat Velthuis opvalt in het rapport van de NGA is dat kunstkopers niet minder lijken te kopen, maar galeries toch minder omzet draaiden: ‘Daar zit frictie tussen. Er wordt meer via online kanalen, de verkopen verplaatsen zich dus. De grote vraag die boven de markt hangt is of het huidige galeriemodel toekomstbestendig is. De pandemie heeft die vraag urgenter gemaakt.’

Op korte termijn ziet Velthuis wel reden tot optimisme bij galeries: ‘Mensen staan te popelen om weer geld uit te geven op de plekken waar ze dat eerder ook deden. Er is geen reden om te verwachten dat ze dat niet zullen gaan doen net als voor corona.’ De eerstvolgende Nederlandse kunstbeurzen vinden plaats in mei (Art Rotterdam) en juni (Tefaf Maastricht).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden