nieuwstaal

Kunstenaar Vibeke Mascini voert campagne voor het woord ‘doodsreutel’

Het woord beschrijft volgens haar perfect het fysieke aspect van sterven.

null Beeld

‘Ik wil het woord doodsreutel reanimeren, want het beschrijft als geen ander woord het intreden van de dood.’ Beeldend kunstenaar en schrijver Vibeke Mascini (30) wil het uitsterven van het woord doodsreutel voorkomen. Het woord staat niet in de fysieke Dikke Van Dalen en volgens Mascini is dit een teken dat een woord verdwijnt. Om dit te voorkomen wil zij dat ‘doodsreutel’ zoveel mogelijk in publieke teksten wordt genoemd.

Het verdwijnen van de omschrijving van de rochelende ademhaling, vlak voor het overlijden is volgens Mascini tekenend voor onze omgang met de dood. ‘Wij zijn de dood steeds meer gaan verbloemen met cryptische omschrijvingen, zoals dat iemand de strijd heeft verloren of wij vieren zijn leven. De dood krijgt daardoor iets abstracts, terwijl de doodsreutel juist het lichamelijke aspect van sterven beschrijft.’

In TENT zijn daarom sinds 16 oktober tot en met 15 november 31 lege krantenstokken te zien, die behangen moeten worden met publicaties over dit bedreigde woord. Er zijn al zes stokken behangen met publicaties van onder andere de Groene Amsterdammer en Trouw, waarin het woord doodsreutel voorkomt.

Mascini’s oproep om in publicaties het woord doodsreutel te noemen begon al in 2017. Zij plaatste toen in de Volkskrant een ‘In memoriam doodsreutel’. Sindsdien hebben verschillende schrijvers en kranten gehoor aan haar oproep gegeven en sinds 2018 staat het woord in de online Dikke Van Dale. De nieuwe Dikke Van Dale verschijnt pas in 2025, dus Mascini blijft nog doorvechten voor het overleven van doodsreutel.

‘Doodsreutel’ is vooral als woord in kranten en geprinte teksten verdwenen. Bij een zoektocht naar het woord op internet stuitte Mascini wel op YouTube filmpjes van mensen die de doodsreutel van hun geliefden vast hebben gelegd en hebben gedeeld. Wat bij haar eerst verbazing opriep, want waarom zou je zo een intiem moment delen op een publiek platform als YouTube, veranderde in begrip. Zij zag namelijk dat nabestaanden juist troost konden putten uit de laatste ademhaling van andere stervenden. Die laatste ademhaling bleef daarnaast bewaard, net als het stof wat overblijft van je lichaam. ‘De dood is dus minder vergankelijk geworden door die filmpjes.’

Die geruststelling is juist in deze tijd troostrijk volgens Mascini. ‘Door de coronapandemie zijn wij ons als mensen meer bewust geworden van onze sterfelijkheid. Maar in de media is er vooral veel aandacht voor cijfers en grafieken, er zijn weinig beelden van mensen die doodgaan door corona. Daarom blijven de sterftecijfers heel abstract. Met mijn projecten probeer ik de dood meer zichtbaar te maken, zodat mensen er minder bang voor zijn.’

Mascini’s werk in TENT is onderdeel van het project in het kader van de afsluiting van het stadsdichterschap van Dean Bowen. Onder de noemer Wat ik je nog wilde zeggen heeft hij met curator Rianne Zijderveld een tentoonstellingsproject gemaakt over de sociale impact van taal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden