PROFIEL

Kunstenaar Nicolas Provost is een genre op zichzelf

De projecten en films van de Belgische kunstenaar Nicolas Provost lijken soms clichés, maar zitten vol zeggingskracht. Zijn boodschap is somber, en toch beeldschoon.

1. Posterbeeld van de expositie Exodus. Beeld Coll. Tim Van Laere Gallery

Turnhout is al niet het centrum van de wereld, en de expositiezalen van cultuurcentrum De Warande liggen ook nog eens ondergronds. Maar de ambitie van exposant Nicolas Provost, een van de bijzonderste kunstenaars van België en sinds eind vorig jaar vader van zoon Angelo Apollo, is er niet minder om.

Die ambitie omspant de teloorgang van de wereld en reikt tot aan de sterren, is te zien in zijn nieuwste werk en ook in de eerste monografie over zijn oeuvre. En nee, dat is niet overdreven. Dat zit zo.

Kunstenaar en filmmaker Nicolas Provost (Ronse, 1969) grossiert in iconische beelden en grote gebaren. Zijn nieuwste werk, Exodus, een video-installatie in twee delen, rijgt er zelfs zo veel aaneen dat het je duizelt. Tegelijk komt nu ook Dream Machine uit, over vijftien jaar Provost: een royaal plaatjesboek met teksten van onder anderen de schrijvers/curatoren Neville Wakefield (Frieze, MoMA) en Leo Goldfield (o.a. Artforum). Het is een overzicht van Provosts werk sinds hij, destijds al voorbij de dertig, aan een kunstenaarscarrière begon.

In een klein, drie minuten durend filmpje uit 2003 zat de essentie van die carrière eigenlijk al als een zaadbommetje verstopt: Papillon d'Amour uit 2003, een semi-abstract werk waarin een dansende vrouw oplost in het niets, als een wuivende zakdoek die uit beeld verdwijnt terwijl de muziek langs de oren schraapt. De kunstenaar leende en bewerkte er een scène voor uit Kurosawa's klassieke film Rashomon.

Nicolas Provost. Beeld Bart Dewaele

Een kras in de eigen huis

Het was Provosts afscheidsbrief aan een geliefde en aan het land Noorwegen, waar hij tien jaar woonde; een afscheid als een kras in de eigen huid. Het werkje (makkelijk online te vinden) werd een onverwachte hit en bleek in geen enkel hokje te plaatsen. Experimenteel in vorm, ook sentimenteel en bombastisch, en ja: beeldschoon.

Experiment en sentiment zijn een uitzonderlijke combinatie in de beeldende kunst van de afgelopen decennia. Filosoof Robrecht Vanderbeeken noemt Nicolas Provost in de monografie 'een genre op zich'. Hoe ziet dat 'genre Provost' er uit? En: wat wil hij?

Eerst terug naar Turnhout. Daar zie je, als je lekker prozaïsch recht vanuit de parkeergarage de royale expositiezalen van De Warande betreedt, panoramische landschappen in het westen van de Verenigde Staten (foto 1). Dit is het eerste deel van de nieuwe installatie Exodus. In roze licht badende canyons, een glanzend meer waar een speedboot doorheen snijdt als een koksmes; een lege weg richting de bergen in de verte... Jaja, die landschappen ken je wel. Straks staat er ook nog een cowboy te paard op een rotspunt uit te kijken - en ja hoor, daar is hij. Elk beeld van deze projectie op vier schermen komt uit een groot, onbewust, collectief Amerika-prentenboek dat we door Hollywoodfilms in ons hoofd hebben.

Nicolas Provost

Nicolas Provost (Ronse, 1969) groeide naar eigen zeggen op met de voordelen van de grensstreek in België: twee talen, een catch 22-achtige politieke situatie, surrealisme én elke dag filmklassiekers op de Franse televisie. Na een studie in Gent werkte hij als grafisch ontwerper en illustrator voordat hij films ging maken.
In 2003 keerde hij in België terug na tien jaar in Noorwegen, waar hij het onmogelijk vond om goed te integreren. Opgepikt door het International Filmfestival Rotterdam werden zijn korte films snel wereldwijd bekend in het experimentele circuit.
In 2006 volgde hij het Script Development Program aan het Binger Filmlab in Amsterdam met The Invader, de film die in 2011 op het filmfestival in Venetië in première ging. Sinds enkele jaren woont hij in New York, met zijn partner, het topmodel Hannelore Knuts, en hun zoon Angelo Apollo.

Afstandelijk effect

Maar Provost doet net iets meer. Toont zijn opnames in wijd plan, steeds uitzoomend, wat zo vier maal naast elkaar een vreemd afstandelijk effect sorteert. Mensen zijn slechts toeschouwers, poppetjes in een natuurpark. En er is nog een kleine afwijking: boven de landschappen hangt soms de glimp van een (digitale) extra maan, of een grote planeet, onrustbarend dichtbij.

In de tweede zaal gaat het vervolgens in een hogere versnelling. Daar bouwde de kunstenaar een spiegelkamer, waarin beelden tegen de achterwand worden geprojecteerd die zich oneindig herhalen in de vloer, het plafond en de wanden. Hier zie je de kosmos of flarden van ruimteschepen die tot geometrische patronen worden verdubbeld. Het beeld is vooral uit bestaande films geknipt (onder meer Kubricks 2001: A Space Odyssey uit 1968). Aan het einde tuimelt een astronaut de ruimte in: stuurloos, zonder lifeline, de eeuwigheid van het sterrenstelsel tegemoet. De elektronische soundtrack biedt geen verlossing. Een zuigende, angstaanjagende installatie is het en dat is precies de bedoeling.

'Ik wilde een sfeer creëren die uitstraalt: we zijn te ver gegaan', zei Provost tegen De Standaard. Ook in andere interviews herhaalt hij het: we naderen het einde van de kapitalistische samenleving, met als meest megalomane maar ook treurige verschijnsel dat nu gedroomd wordt van het koloniseren van Mars, waar de elite naartoe kan vluchten nu het systeem failliet is. 'Pure horror', noemt hij dat. Hij voelt het, zei hij, als hij in België op de snelweg tussen de vrachtauto's staat, afgeladen met spullen die we eigenlijk niet nodig hebben - en hij voelde het extra sterk vorig jaar, toen de geboorte van zijn zoon zich aankondigde: grote zorgen. Dat gevoel is in dit werk gegoten. Als je terugloopt langs de panoramische landschappen lijkt planeet aarde alleen nog maar een leeg decor.

De ratsmodee

Deze installatie Exodus is de opmaat voor zijn tweede speelfilm en je voelt aan je water (en de titel) waar dat heen gaat: naar de ratsmodee. Apocalyps. We verlaten de aarde, dat zinkende schip.

Het lijkt een logisch vervolg op The Invader, Provosts speelfilmdebuut van vier jaar geleden. Die film werd met prijzen overladen, maar distributeurs durfden er hun vingers niet aan te branden. Wellicht was het beeld dat hij daar schetste, van een Afrikaanse immigrant die in het ongenaakbare Brussel geen toegang vindt en onherroepelijk op een destructieve koers raakt, toen te confronterend, te zwartgallig.

Nu de vluchtelingenstromen blijven komen, wordt die film juist visionair genoemd. In hoe hij de westerse angst in beeld giet. In zijn openingssequentie, waarin een porseleinblanke naturiste (gespeeld door Provosts partner, fotomodel Hannelore Knuts) op een strand een Afrikaanse drenkeling (de imposante acteur Issaka Sawadogo) uit de branding ziet kruipen (foto 2). Ze loopt op hem af, hij richt zich vermoeid maar soeverein op, ze kijken elkaar aan. Niet-begrijpend, twee continenten.

Het is een te mooi en een letterlijk te zwart-witplaatje voor wat momenteel gebeurt, maar soms vat een mooi plaatje een ingewikkelde situatie goed samen - symbolisme heette dat voordat het uit de gratie raakte.

2. Hannelore Knut en Issaka Sawadogo in de film The Invader. Beeld Coll. Tim Van Laere Gallery, Antwerpen

Herkenbaar

De symbolen van Provost werken omdat ze herkenbaar zijn terwijl je ze niet eerder op die manier gezien hebt - denk aan zijn Amerikaanse landschappen met extra planeten erboven. Hij schaaft al jaren aan een eigen idioom en bouwde in de afgelopen vijftien jaar een staalkaart aan beelden en effecten die dat 'genre Provost' zijn gaan vormen. Al vroeg gebruikt hij bijvoorbeeld het spiegeleffect, verticaal in het midden of overdwars (foto 3). Je herkent nog de straat of de danseres, maar het gespiegelde, symmetrische beeld wordt toch meteen vervreemdend - een effect dat hij meermalen inzet. Dan is er het travelling shot, de passage door metrotunnels, langs snelwegen of in het kielzog van een vliegtuig, soms versneld of vervormd weergegeven, dat hoofdpersoon of kijker met dwingende vaart ergens heen transporteert.

En er is iets wat 'het fictionaliseren van de werkelijkheid' heet. De kunstenaar perfectioneerde het in Plot Point Trilogy, een drieluik dat hij tussen 2007 en 2012 filmde in New York, Las Vegas en Tokio. Hij filmde 's nachts op straat, werd naar eigen zeggen 'verliefd op personages' en monteerde die straatscènes tot spannende tableaus, bol van suspense. Echte politieagenten, toeristen, portiers en straatverkopers worden - door inzoomen, montage, uitgekiende soundtrack, flarden dialoog (uit bestaande films) - pionnen in een schimmige, nerveuze wereld (foto 4). Spanning is er altijd, verlossing komt nooit. Ze prikkelen, nee, ze jeuken de verbeelding, tot op het ondraaglijke af.

3. Uit: Storyteller. Beeld Tim Van Laere Gallery, Antwerp, Belgium'
4. Scènebeeld uit Plot Point Trilogy. Beeld Coll. Tim Van Laere Gallery

Liefde

Schoonheid, symbolen, bombast, sentiment: Provost gebruikte ze voor studies in schoonheid, in suspense, in liefde. Wereldproblematiek kwam daarin grotendeels niet aan de orde; liefde en menselijk contact wel.

Maar de lat is sinds een paar jaar verlegd. Hij zette al die middelen in voor een film over migratie. En nu, met Exodus, gaat het verder: de 'pure horror' van een verkwanselde wereld zal hij toch aan zijn kijkers aanbieden in zijn Provostachtige versie van schoonheid.

In de monografie liet hij een brief afdrukken die hij kort na de geboorte aan zijn zoontje schreef. 'Er is geen vaste plaats in het universum', zegt hij ter geruststelling, 'alles is in beweging'.

Een dijk van een cliché. Maar zeker is dat het bij deze kunstenaar in elk geval in goede handen is.

Exodus door Nicolas Provost. De Warande Turnhout. T/m 14/2. Dream Machine, Nicolas Provost. Uitgeverij Lannoo, 240 pp., 45 euro.

Met dank aan house

Kunstenaar en regisseur Nicolas Provost (in een interview met Neville Wakefield) zegt dat de invloed van housemuziek en clubs bepalend zijn geweest voor zijn films: 'Ik herinner me de tachtiger jaren als heel dramatisch. Maar alles had wel stijl en daardoor was al die existentialistische stuff beter te verteren. Ik weet niet of het me lukte, maar ik probeerde in elk geval ook stijl te hebben'. (Foto Bart Dewaele)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden