Kunst is niet gebaat bij inspraak

Wekelijks nemen de cultuurspecialisten van de Volkskrant stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst. Deze week: Rutger Pontzen.

De zaak-Dumas. Vorige week barstte zij los. Dumas kreeg sinds 22 jaar weer eens een grote tentoonstelling. In het Stedelijk. De kranten stonden er vol van. Ook de Volkskrant. En ja, de stukken waren ronduit lovend.

Totdat onder de kop 'Vinden jullie Marlene Dumas echt zo goed?' een tegenoffensief werd ingezet. Het ingezonden artikel van Sander van Walsum leidde tot veel reacties, mails en post. Algemene strekking: het is inderdaad niet te begrijpen waarom die Dumas zo veel aandacht krijgt en zo op het schild wordt gehesen. Want, zo luidde de kritiek, echt figuratief kan Dumas niet schilderen. Ze kliedert eenvoudig foto's na. En nog slecht ook. Al die zogenaamde critici, die Dumas zo de hemel in hebben geprezen, die zijn helemaal niet zo kritisch en praten alleen maar elkaar na. Met hun kleren-van-de-keizerprietpraat. En daarbij: waarom moet je überhaupt over kunst schrijven?

In al mijn vergevingsgezindheid zou ik schrijven dat niet iedereen van Dumas' werk hoeft te houden. Dat kunst geen zaak is van de gemene deler of van conformisme. Je kunt het nauwelijks afkeuren dat iemand de verdiensten van Dumas niet ziet - hoe spijtig het ook is als het gebeurt.

Wat me wel verbaasde was de heftige toon. De gretigheid waarmee alle meningen geventileerd werden en de agressie die daarbij kwam kijken. De mening van Van Walsum werd niet schouderophalend of met zwijgende instemming gelezen. Nee, mensen klommen in de pen. Kwamen in opstand.

De agressie richtte zich misschien niet eens tegen Dumas. Wel tegen het Stedelijk, dat zo veel zalen voor haar heeft ingeruimd. En vooral tegen het legertje recensenten dat zo lovend over de tentoonstelling had geschreven. Té lovend. Bewoordingen die als een keurslijf insnoeren hoe de bezoeker kunst moet bewonderen. Als een van hogerhand gedicteerd voorschrift. Een dictaat waarop je überhaupt geen tegengeluid mag laten horen. Tegengeluiden die om ideologische redenen uit de krant worden geweerd, zo luidde de suggestie.

Met het artikel van Van Walsum stond iemand op die verwoordde wat heimelijk werd gedacht. Die zich verzette tegen de autoriteit van de kunstcritici. Hij kneep een steenpuist aan latente walging en stil verzet uit. Gaf de non-believers een stem. 'Bravo'. 'Mijn man van de dag!' 'Dank je wel.'

Het ressentiment van de meeste briefschrijvers kwam voort uit het gevoel iets in de maag gesplitst te krijgen. Op de mouw gespeld. Door de strot geduwd. Door de exegeten van de kunstkritiek. Door de kunstpausjes. De achter elkaar aanhollende bewonderaars met hun holle frasen en dikdoenerij.

Opvallende eenstemmigheid: we maken zelf wel uit of een schilderij goed of slecht is. We laten ons geen knollen voor citroenen verkopen. Kunst is toch universeel? Dan geldt dat ook voor mij. Ik bepaal zelf wel of een voet, gezicht of hand anatomisch correct is geschilderd. Of niet. Opvallend ook: de hang naar 'doe maar gewoon, da's gek genoeg'. De hang naar medezeggenschap en inspraak. Naar democratische rechten voor wat betreft smaak en kunde. Naar egalitair gedrag dat elitair denken uitsluit.

Alleen spijtig dat met medezeggenschap, inspraak en 'gewoon doen' nog nooit een enkel kunstwerk van belang het levenslicht heeft gezien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.