reportage Biggin Hill Museum

Kroonjuweel van de Royal Air Force in WOII opent museum, opgetrokken uit Hollandse bakstenen

Het onlangs geopende Biggin Hill Memorial Museum vertelt het verhaal van de roemruchte vliegbasis, waar in de Tweede Wereldoorlog jongemannen opstegen om het op te nemen tegen de Duitse luchtmacht.

Een Spitfire stijgt op tijdens een ‘Battle of Britain' herdenkingsceremonie op Biggin Hill. Beeld REUTERS

Geoff Greensmith kan zich de dag nog goed herinneren dat er opeens een Luftwaffe-piloot met zijn parachute in de appelboom hing. Hij was de achtertuin in gerend waar zijn vader de onverwachte gast in een wurggreep leek te houden. In werkelijkheid gaf zijn pa, werkzaam op de naburige luchtmachtbasis Biggin Hill, de gewonde bommenwerper brandy. ‘De Duitser greep plots naar zijn binnenzak. Hij haalde geen pistool tevoorschijn, maar foto’s van zijn kinderen,’ vertelt Greensmith driekwart eeuw later.

Greensmith is een van de vrijwilligers in het pas geopende Biggin Hill Memorial Museum. Tegenwoordig is het vliegveld ten zuidoosten van Londen het exclusieve domein van de happy few, maar tijdens de Tweede Wereldoorlog was het de thuisbasis voor The Few, zoals Winston Churchill de helden van The Battle of Britain had genoemd. Niet alleen Britse jongemannen zaten in de Spitfires en Hurricanes, benadrukt het museum, maar ook Polen, Tsjechen, Nederlanders en piloten uit het Gemenebest.

Piloten met een Spitfire tijdens een luchtshow op Biggin Hill, 2017. Beeld Getty

Vanwege de ligging – op een hoogvlakte onder de aanvliegroute vanaf het vasteland – was Biggin Hill het kroonjuweel van de Royal Air Force. Churchill, een buurtbewoner, noemde het The Strongest Link. Toen de kapel na de oorlog afbrandde, maakte Churchill zich sterk voor een nieuw kerkje. Zijn borstbeeld staat in de gebedsruimte, terwijl zich buiten, in de gedenktuin, een gedenksteen bevindt die het Maastrichtse koor Staar in de jaren vijftig had geschonken. Als dank voor de Britse steun aan het Nederlandse verzet.

Naast de kapel is het museum gebouwd, opgetrokken uit Hollandse bakstenen. Aan de hand van zwart-witbeelden, tachtig memorabilia (van Victory bell tot Luftwaffe-servies) en verhalen belicht het museum The Few. Tot de verbeelding spreekt de wonderlijke geschiedenis tussen de galante toppiloot Bobby ‘Lucky’ Stanford Tuck en de Duitse generaal Adolf Galland. Gedurende de oorlog kwamen de twee drie keer oog in oog met elkaar te staan. Ze toonden genade, wat leidde tot een levenslange vriendschap.

Vrouwen

Wat het museum bijzonder maakt is de aandacht voor The Many. Daarin gaat het bijvoorbeeld om de vrouwen, behorend tot de grondtroepen, die op de uitkijk stonden of de toestellen onderhielden. Liefdesverhalen waren onvermijdelijk, zoals die van Lillian Simpson met haar knappe Canadees Keith Ogilvie. Te zien zijn de postkaarten die deze piloot, zo eentje waar de term dashing voor is uitgevonden, stuurde uit het krijgsgevangenenkamp Stalag Luft. Daar zou hij betrokken raken bij The Great Escape.

Memorabel zijn ook de verhalen van de plaatselijke bewoners, zoals een lid van de burgerwacht die gelegerd was in het nabijgelegen Darwin House, waar de mannen exerceerden op de tennisbaan van de beroemde bioloog. Zijn dorpsgenote Olivia Achard had de gewoonte, op weg naar de kerk, niet ontplofte bommen op te rapen om deze netjes in haar fietsmandje te leggen. Wel baalde ze ervan, zo schreef ze aan haar naar Cornwall gevluchte zussen, dat een Duitse bom was neergekomen op haar moestuin.

Het museum kreeg onlangs gratis publiciteit toen de BBC nieuws over Mays bezoek aan Brussel abusievelijk begeleidde met beelden van The Few, horend bij een item over dit charmante museum. Menig brexiteer, dromend van de Blitz-spirit, zal hier het onbewuste van Freud in hebben gezien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden