Interview Boeken

Kristen Roupenian schreef dé internetsensatie van 2017, Cat Person: ‘Het was best schokkend’

Kristen Roupenian Beeld Urszula Soltys

Haar verhaal Cat Person voor The New Yorker werd een enorme internetsensatie, waarvan Kristen Roupenian (37) nog aan het bijkomen is. Nu is haar debuutbundel uit, met personages die vol gaan voor wraak, woede, angst en lust. Wat voor wereld- en mensbeeld schuilt daarachter?

‘Het afgelopen jaar kwamen al mijn dromen uit én ben ik twintig keer gestorven aan paniek en uitputting.’ Vraag Kristen Roupenian hoe het is: je verhaal gepubliceerd krijgen in het prestigieuze weekblad The New Yorker, net nadat je afgestudeerd bent; een verhaal dat vervolgens viraal gaat, door miljoenen mensen over de wereld wordt gedeeld, gelezen en bediscussieerd ­– wat nooit op deze schaal gebeurt bij literaire fictie – en ze zegt: ‘Het was best schokkend.’

‘Want wat zo bizar is aan die hele situatie: dit is wat ik wilde, toch? Je wilt aandacht als schrijver. Je wilt dat mensen lezen wat je schrijft. En toch, de onhoudbare kracht erachter… Ik weet niet, het is lastig uit te leggen. Zelfs nu nog voelt het prematuur om er iets zinnigs over te zeggen. Ik ben er nog altijd mee bezig: wat het betekende, hoe het voelde.’

Cat person

Eind 2017, ze was net klaar met haar schrijversopleiding aan de Universiteit van Michigan, schreef Roupenian (37) het verhaal Cat Person. Ze stuurde het naar verschillende tijdschriften, die het allemaal vriendelijk afwezen. Maar The New Yorker hapte toe. Het waren de begindagen van #MeToo, en Cat Person ­ – over een stroef verlopen date en de belabberde seks die daarop volgt – werd een instant internetsensatie. Het is (met meer dan 4,5 miljoen hits) de best gelezen literaire fictie uit de geschiedenis van The New Yorker, en het op een na meest gelezen verhaal uit dat tijdschrift in 2017 ­– ná de met een Pulitzer Prize bekroonde onthullingen van Ronan Farrow over de seksuele terreur van Harvey Weinstein.

Cat Person wordt verteld vanuit het perspectief van de 20-jarige student Margot, die na een paar weken over en weer sms’en uitgaat met de dertiger Robert. Het afspraakje mondt uit in seks waar Margot eigenlijk geen zin in heeft, maar toch mee instemt. Vooral omdat ze denkt dat het te laat is om nee te zeggen en er tegenop ziet Robert te kwetsen.

Het korte verhaal ontlokte hevige (online) discussies over de vraag wat ‘instemming’ betekent en over het ‘verschil tussen de seksen’. Cat Person spleet de lezers in twee kampen: zij die zich maar al te zeer in het verhaal herkenden (vrouwen). En zij die zich erdoor in de hoek voelden gezet (mannen). Ondertussen stroomde Roupenians mailbox over, schreef ze onlangs in een geestig essay over die periode. Met fanmail. Met haatmail. Met ‘gedetailleerde beschrijvingen, van mannen, over seksuele ontmoetingen die ze hadden gehad, omdat ze dachten dat ik dat gewoon wel zou willen weten’.

‘Ik kreeg ongefilterd te lezen wat mensen van mijn verhaal dachten, wat ze van mij dachten’, zegt Roupenian. Wat extra verwarrend was, omdat – nu haar verhaal circuleerde op internet – nog weleens vergeten werd dat Cat Person fictie is, en geen verzameling dagboekaantekeningen. ‘Werd ik als 37-jarige gevraagd te komen vertellen waarom het voor 20-jarige vrouwen zo moeilijk is seks te hebben met mannen in het digitale tijdperk.’

‘Elke schrijver moet op een gegeven moment accepteren dat er allerlei ideeën over hem of haar bestaan’, zegt ze. ‘Zo’n idee draagt jouw gezicht, het draagt jouw naam, maar het is niet wie jij bent. Daar heb je geen controle over. Dat accepteren is voor de meeste schrijvers een proces van langzaam loslaten.’ Ze lacht: ‘Bij mij was het meer een gewelddadig losscheuren.’

Gehuld in een wijde grijze trui zit ze achter een bord eieren met spek en worst, in het restaurant van het chique Parker Hotel in New York. Hier geeft ze interviews over haar debuut, een verhalenbundel. Want wat ook tussen de ontelbare mails in haar inbox zat: een stapel aanzoeken van uitgeverijen. Binnen een week na de publicatie van Cat Person had Roupenian – die daarvoor slechts één verhaal in een literair tijdschrift had gepubliceerd – een contract van 1 miljoen dollar op zak. Voor een nog te schrijven roman, en voor de verhalenbundel You Know You Want This, die vrijdag in Nederlandse vertaling (als Je weet dat je dit wil) is verschenen.

Dus houdt ze nu haar eerste interviews sinds Cat Person. ‘Mijn agent en uitgever zeiden vorig jaar dat het prima was als ik een radiostilte zou inlassen. Ik hoefde geen interviews te geven, ik hoefde nergens op te reageren, ik hoefde niet op Twitter. Ik mocht gewoon verdwijnen en weer terugkomen als mijn boek uit zou komen. Dat nam het gevoel weg dat het afgelopen zou zijn na één hectisch weekeinde, niet alleen met dat verhaal, maar ook met mij.’

Hoe was het om na het meningencircus rond Cat Person weer te gaan schrijven?

‘Het was eng. Maar ik heb geluk met mijn leeftijd. Ik ben 37. Als ik 27 was geweest zou het veel lastiger zijn geweest om mezelf voor te houden dat dingen komen en gaan, dat mensen meningen hebben, maar dat de storm uiteindelijk gaat liggen. En iets anders dat ik mezelf voorhoud: lang was mijn grootste zorg hoe ik de huur zou gaan betalen als schrijver. Nu dat voorlopig is opgelost, probeer ik mezelf eraan te herinneren: alle andere problemen zijn luxeproblemen.’

U bent relatief laat begonnen met schrijven.

‘Ik zou het zo willen formuleren: ik ben relatief laat begonnen met succesvol schrijven. Ik schreef al heel lang onsuccesvol.’

Hoe kwam dat?

‘Ik denk dat er veel redenen zijn. Ik was altijd een fervent lezer, een boekenwurm; dat was echt de kern van mijn identiteit. En als je zoveel van lezen houdt als ik, is het het meest logische dat je gaat schrijven. Ik had ook geen baan kunnen hebben waarvoor ik niet twee of drie uur per dag zou moeten lezen. Maar terwijl lezen zo prettig is omdat ik er helemaal in opga, mijn ego erin kan verliezen, stond bij schrijven mijn ego me juist in de weg. Ik dacht voortdurend: is dit goed, is dit slecht? Het was zo frustrerend dat ik er uiteindelijk mee ben gestopt. Maar rond mijn 30ste dacht ik: als het alternatief is om helemaal niet te schrijven, kan ik net zo goed iets slechts schrijven. Dat haalde de druk eraf.

‘En ik besloot: ik kan dingen schrijven die ik zelf graag lees. Voorheen wilde ik iets serieus en intellectueels schrijven, omdat ik graag wil dat mensen denken dat ik een serieus en intellectueel persoon ben. Toen bedacht ik: als toch niemand leest wat ik schrijf kan ik ook een thriller schrijven.’

Lastig identificeren

Wie bij Je weet dat je dit wil hoopt op meer verhalen zoals Cat Person, komt bedrogen uit. Waar de aantrekkingskracht van Cat Person in hoge mate schuilt in het precieze realisme, in de pijnlijk herkenbare manier bijvoorbeeld waarop Margot het merkwaardige gedrag van Robert in zijn voordeel blijft interpreteren (als hij haar op hun eerste date meeneemt naar een Holocaust-film houdt ze zichzelf voor dat hij dat doet om indruk te maken op een arthouse-meisje zoals zij); met de andere personages in Roupenians verhalenbundel blijkt het iets lastiger je te identificeren.

Van horror tot sprookje tot regelrechte thriller; de verhalen in Je weet dat je dit wil zijn grotesker dan Cat Person. De personages spelen verontrustende machtsspelletjes, treiteren en intimideren, hebben ongemakkelijke seksuele verlangens of kunnen alleen van zichzelf houden. Er is een schoolmeisje dat op haar verjaardagsfeestje wenst dat haar bezoek verandert in een kluwen monsters (en de wens komt uit), er is een man die alleen nog opgewonden raakt als hij fantaseert dat zijn pik een mes is (spoiler-alert: de wens komt niet uit).

‘Ik heb er lang over nagedacht welk verhaal ik hier zal voorlezen’, zegt Roupenian bij de aftrap van haar tournee, op een drukbezochte avond in boekwinkel The Strand in Manhattan. ‘Veel verhalen zijn voor boven de 18. En mijn vader is hier vanavond ook, dus dat beperkt enigszins de keuze.’ En ze begint aan Bijtertje (Biter), een niet ongeestig verhaal over Ellie, die graag haar tanden in het vlees van collega’s zet.

De ontvangst van Je weet dat je dit wil is sterk verdeeld. Het online magazine Slate noemde het ‘raar en pervers’, radiozender NPR prees het als ‘bot, leuk en evocatief’ en criticus Parul Sehgal van The New York Times noemde het ‘een saai en behoeftig boek.’ Roupenian haalt er in The Strand haar schouders over op: ‘Tijdens de werkcolleges op de universiteit was iedereen al voor of tegen mijn verhalen. Zo gaat het altijd.’

Koos u met opzet voor verhalen die in stijl totaal niet op Cat Person lijken?

‘Ik had de verhalenbundel in essentie al af voordat The New Yorker mijn verhaal publiceerde. Ik had een volgorde, ik had een titel. Toen Cat Person viraal ging, wist ik dat een van de vreemde bijwerkingen zou zijn dat mensen me als een realistische schrijver gingen zien. Wat ik totaal niet ben. Sommige uitgeverijen wilden dat ik de bundel zou openen met Cat Person, maar ik wilde van meet af aan duidelijk zijn (het eerste verhaal, Stoute Jongen, gaat over een stel dat een vriend betrekt in hun seks, en hem steeds meer manipuleert tot het volledig misloopt, red.). Er zal dus een bizarre correctie plaatsvinden als mensen de bundel lezen: sommigen zullen dat leuk vinden, anderen niet.’

Wat trekt u aan in genres als horror en thrillers?

‘Als ik zelf lees, wil ik een intense ervaring: die me aan het lachen maakt, die me doet huiveren, die me bang maakt en zorgt dat ik de bladzijden omsla. Dat is wat ik verlang als lezer, dus dat zie ik als mijn taak als schrijver.

‘Ook in Cat Person zitten veel elementen van een klassiek horrorverhaal. Als Margot met Robert mee naar huis gaat, heb je de neiging te roepen: Nee! Doe het niet! Niet naar binnen! Maar Margot gaat maar door. Het is ook interessant in welke context je het verhaal leest. Als Margot in de auto van Robert zit, realiseert ze zich dat ze eigenlijk niets van hem weet, en denkt ze: zou hij me gaan vermoorden? Wanneer je Cat Person als los verhaal leest, is haar gedrag herkenbaar: dat heb je ook weleens gedacht, en dan corrigeer je jezelf: doe normaal. Wanneer je Cat Person echter in de context van dit boek leest, tussen de andere verhalen, wordt een mogelijke moord een reëel gevaar.’

De personages in uw verhalen geven zich vaak over aan emoties die sociaal niet erg wenselijk zijn, die je liever zou verbergen, waarvoor je je schaamt. Ze gaan vol voor wraak, woede, angst, lust.

‘Ik ben in het dagelijks leven obsessief bezig met goed doen: met anderen op hun gemak stellen, zorgen dat ik niemands gevoelens krenk. Dusdanig dat het in een nadeel kan veranderen: ik was soms zo met anderen bezig, op een enigszins manipulatieve manier, dat ik een beetje in de war raakte over wat ik zelf nu wilde. Maar als ik aan het lezen was, was ik vrij, dan was ik ontslagen van de plicht om goed te zijn, of misschien beter: goed te lijken, mijn beste gezicht op te zetten. En met schrijven… Het is niet zo dat ik een wereldbeeld heb waarin iedereen kwaadaardig is, helemaal niet. Maar het zijn de vraagstukken die ik wil neerzetten en onderzoeken en wil uitvergroten; omdat ik er geen ruimte voor heb in mijn dagelijks leven.’

Kristen Roupenian: Je weet dat je dit wil. Uit het Engels vertaald door Tjadine Stheeman. Nieuw Amsterdam; 256 pagina’s; € 20,-

Hoe ontstaat een verhaal?

‘Ik denk of plan niet veel van tevoren. De beste verhalen schrijf ik snel, als een soort explosie; meestal in een dag. Vaak begint het met iets dat me dwars zit: hoe iemand zich gedroeg, wat me kwaad maakte. Of hoe ik me gedroeg; als ik het gevoel heb dat ik egoïstisch of pesterig of manipulatief was, en dat knaagt aan me. Wat ervan overblijft in het verhaal is vaak niet de oorspronkelijke situatie, maar het oorspronkelijke gevoel, in het extreme doorgevoerd.’

Cat Person is geïnspireerd op een aantal dates die ze had na het beëindigen van een lange relatie met een man en voordat ze de schrijfster Callie Collins ontmoette, haar huidige vriendin. ‘Vooral een online ontmoeting met iemand die onaangenaam tegen me deed’, vertelt Roupenian, was een motor voor haar verhaal. ‘Ik was boos over hoe ik was bejegend. Maar ik was ook ontdaan vanwege mijn eigen gedrag. Op basis waarvan had ik besloten dat ik deze persoon kon vertrouwen? Vooral de beginfase van daten – niet alleen online – bestaat zoveel uit interpretatie en projectie en giswerk. Ik heb veel nagedacht over het ongemak dat ik voelde, en dat in wezen voortkwam uit het feit dat ik iemand in mijn hoofd heb laten ontstaan en in essentie een relatie had met een denkbeeldig iemand. Waar ik pas achter kwam toen het te laat was. De angst daarvoor vormt de basis van Cat Person.’

Niet alleen Margot, bijna al uw personages slagen er niet bijster in om zich in een ander te verplaatsen.

‘Ja, empathie en het falen van empathie. Dat zou je ­– naast macht, gender en seks – wel een thema van deze bundel kunnen noemen. Ik denk dat een reden is dat mijn relatie tot empathie is veranderd gedurende de tijd dat ik deze verhalen schreef. Ik zag mijn eigen empathisch vermogen altijd als een louter goede eigenschap. In staat zijn je in te beelden hoe iemand anders zich voelt, leek me een groot goed. Totdat ik me realiseerde dat ik het interpreteren van de ander vaak inzette voor mijn eigen gewin, om de ander te krijgen waar ik die hebben wilde. ‘Jij zit en zo in elkaar, het lijkt me dat je het beter anders kunt aanpakken’. Best manipulatief.

‘Empathie an sich is niet goed of slecht – het is gewoon raden wat iemand anders denkt, en daar dan op reageren. Maar wanneer je niet kunt erkennen dat je er ook naast kunt zitten, zoals Margot, kun je in vreemde situaties belanden. Ik wil niet beweren dat het onmogelijk is de ander te kennen, maar wat ontbreekt bij veel mensen is een nederigheid in relatie tot de ander.’

Hoe gaat u nu om met de ontvangst van uw verhalenbundel?

‘Een van de dingen die Cat Person me heeft geleerd is dat je geen controle hebt over de meningen van andere mensen. Het heeft geen zin in discussie te gaan met mensen die zich afvragen: ‘Nou nou, is deze verhalenbundel wel 1 miljoen dollar waard?’ Dan denk ik: Nee, want is welke verhalenbundel dan ook 1 miljoen dollar waard? Ik weet het niet. Maar mij hoor je niet klagen.

‘Wat me wel een beetje stoort is wanneer mensen me als een ingénue behandelen die per ongeluk dit succes binnen is gestruikeld, in plaats van als een volwassene die met opzet iets heeft geprobeerd, of je nu vindt dat ik daarin geslaagd ben of niet. De meeste recensies zijn serieus en overdacht, maar soms voelen ze meer als hype en pop. ‘Oooh, herinneren jullie Cat Person? Hier is ze weer!’

Roupenian: ‘Dan wil ik met mijn ogen rollen. Don’t call me Cat Person, please.’

CV

1981 – geboren in Plymouth, Massachusetts

2003 – studeert af aan Barnard College, New York (Engels en psychologie)

2003-2005 werkt voor het Peace Corps in Kenia, waar ze voorlichting geeft over hygiëne en hiv-preventie

2005 en verder – werkt onder meer als klasse-assistent, cais­sière in een boekwinkel, freelanceverslaggever, kinderoppas, onderzoekscoördinator in een ziekenhuis

2010 – behaalt Master of Arts in Engels aan Harvard, Cambridge

2014 – promoveert aan Harvard op hedendaagse Afrikaanse literatuur

2017 – behaalt Master of Arts in Fictie aan het Helen Zell schrijversprogramma van de Universiteit van Michigan, Ann Harbor

2017 – publiceert haar korte verhaal Cat Person in The New Yorker. Verhaal gaat viraal, en wordt miljoenen keren gelezen

2017 - tekent een contract van 1,2 miljoen dollar voor een roman en een verhalenbundel bij Scout Press/Simon & Schuster

2018 – HBO koopt het recht de verhalenbundel te ontwikkelen tot een tv-serie

2018 – Entertainmentbedrijf A24 koopt de rechten om haar horror-script Bodies, Bodies, Bodies te verfilmen

2019 – debuteert met de verhalenbundel You Know You Want This

Roupenian werkt momenteel aan een roman en een scenario. Ze woont in Ann Harbor, Michigan met de schrijver Callie Collins

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden