Koopman blijft toch in Nederland

Dankzij een reddingsactie van het ministerie van OCW blijven Ton Koopman en zijn Amsterdam Baroque Orchestra & Choir voorlopig in Nederland gevestigd....

Koopman dreigde te vertrekken omdat zijn ensemble kampt met financiële problemen. OCW reageerde daarop door een pakket extra subsidies te organiseren: vijftig mille van het ministerie zelf, vijftig mille van het podiumkunstfonds FAPK en 85 duizend euro uit de HGIS-cultuurgelden van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Die bedragen komen boven op de jaarlijkse subsidie van drie ton uit hoofde van de Cultuurnota.

Volgens OCW is de tussentijdse extra subsidie ‘eenmalig en bij hoge uitzondering’ verleend omdat Koopman en zijn gezelschap ‘buiten hun schuld’ in geldnood waren geraakt. In 2003 zegde platenmaatschappij Erato plotseling een opnamecontract op dat Koopmans orkest jaarlijks vijf ton opleverde. Koopman is OCW erkentelijk: ‘Het ministerie heeft ons heel goed geholpen.’ Maar hij wijst er ook op dat de Nederlandse toppositie in de oude muziek alsnog verloren zal gaan als structurele maatregelen uitblijven.

Volgens Koopman is de Nederlandse overheid ‘verwend’ geraakt doordat de wereldwijd toonaangevende oude-muziekpraktijk in ons land decennia lang zichzelf wist te bedruipen, vooral uit platenverkopen. ‘Tegenwoordig is de eis: minimaal 15 procent eigen inkomsten. Ik ben al blij met 15 procent subsidie.’ Koopman staat nog steeds persoonlijk garant voor wanneer het financieel misgaat met zijn ensemble. ‘Iemand als Bernard Haitink heeft dat bij mijn weten nooit hoeven doen. Wij kunnen voor een ton rood staan bij de bank. Vorig jaar naderden wij die grens. Dan weet je: dit is geen gezonde bedrijfsvoering meer.’

In Frankrijk kunnen ensembles als het zijne veel meer subsidie krijgen: één tot anderhalf miljoen euro per jaar. Met zo’n bedrag aan extra subsidie in Nederland zou volgens Koopman de complete sector oude muziek geholpen zijn. ‘Dat is nog niet eens de helft van de subsidie voor één regionaal symfonie-orkest.’ Barokensembles opereren relatief goedkoop, omdat zij bestaan uit kamermuzikanten die hooguit vier maanden per jaar gezamenlijk optreden.

Koopman: ‘In die periode trekken wij wel even veel toeschouwers als een streekorkest in een heel jaar.’ Dat is bovendien een internationaal publiek. ‘Wij toeren over de hele aardbol, en de zalen zitten altijd vol, ook met jonge bezoekers, terwijl het publiek voor de klassieke muziek in het algemeen vergrijst. Wij zijn ambassadeurs van de Nederlandse kunst en cultuur in het buitenland.’

Maar daardoor kampt Koopmans gezelschap ook met hoge reiskosten. Met een hogere subsidie zou hij die niet langer hoeven door te berekenen aan de concertzalen, die zelf ook steeds minder te besteden hebben. Koopman zou graag meer optreden in Nederland. ‘Vooral voor kleinere steden als Zwolle en Leeuwarden zijn wij nu vaak te duur. Dat is jammer, want ook daar is publiek genoeg.’

Koopman wil ook jonge talenten gaan begeleiden, zodat die het stokje tijdig van hem kunnen overnemen. Hij denkt aan vorming van een Young Amsterdam Baroque Orchestra & Choir, bestaande uit jonge veelbelovende musici. ‘Ik stop niet voor m’n 85ste, maar dan houd ook mijn orkest op te bestaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden