Koningin Wilhelmina Vorstin van scheurmakers en slappelingen

Geboren: 31 augustus 1880 in Den Haag. Verpoosde zich graag met: sjoelen en schilderen. Wuifde: met vier vingers. Wilhelmina-logica: de door Hirohito geschonken Japanse borden en schalen noemde ze na de oorlog het Chinese servies....

JANNY GROEN

KENNELIJK was het, ook buiten de Nederlandse grenzen, in één oogopslag helder. Koningin Wilhelmina was een mannetjesputter. 'De enige koning van Europa', merkte een Franse diplomaat kort voor de Tweede Wereldoorlog op.

Zo'n uitspraak streelde haar ego. De koningin hechtte zeer aan het imago van mannelijk leiderschap. Uit alle memoires, pamfletten, geschriften en biografieën over haar (tot en met de meest recente van C. Fasseur toe) doemt een vrouw op die waardige vastberadenheid uitstraalde, die fier was in haar optreden, gereserveerd, dominant, overmatig zelfbewust, vaak buitengewoon onaangenaam en horkerig.

Wilhelmina hield zich verre van wufte vrouwelijkheid. Van de hedendaagse mythe die is gesponnen rond lady Di, de glamoureuze koningin der harten, had ze ongetwijfeld gegruwd. Een dergelijk imago zou haar te inhoudsloos, te kwetsbaar, te weinig krijgshaftig zijn geweest. In haar prille jeugd kon ze wellicht nog worden betrapt in een bekoorlijk japonnetje, maar al heel vroeg kleedde Wilhelmina zich als een statige matrone. Die, zo schetste dichter Adriaan Roland Holst, 'voor het oog bestond uit een geveerde pothoed, gestut door een kennel bontvossen'.

In haar leiderschap werd Wilhelmina gedreven door een welhaast soldateske vaderlandsliefde, die stevig wortelde in de Oranje-geschiedenis. Ze had graag willen uitgroeien tot een tweede Willem van Oranje. Bij grote beslissingen vroeg ze zich ook regelmatig af hoe de Vader des Vaderlands gehandeld zou hebben. Zo diep was haar bewondering voor vaderlandse grootheden, dat zij door haar particulier secretaris Thijs Booy soms in de gangen van het paleis werd aangetroffen terwijl zij 'saluerend langs de portretten van De Ruyter, Tromp, Evertsen en Karel Doorman liep'.

De opmerking van de Franse diplomaat over de koning van Europa sloeg meer op haar stevig mannelijke statuur dan op haar internationale visie. Weliswaar had Wilhelmina reeds in de vroege jaren dertig de confrontatie met nazi-Duitsland voorzien en in 1940 resoluut een compromis-vrede afgewezen, maar tot een staatshoofd van Europees formaat groeide ze niet uit.

Niet alleen omdat ze als constitutioneel monarch officieel geen regeringsverantwoordelijkheid droeg, maar vooral omdat haar politieke ideeën louter nationalistisch waren geïnspireerd. Booy: 'Voor haar waren Den Briel, Veere, Heiligerlee, Mook geen namen met kleine lettertjes op de kaart, maar luide namen. Met haar stierf de laatste Nederlander, voor wie Leiden in de eerste plaats de stad van de heldhaftige Van der Werff en zijn burgerij was, die in Madrid in de eerste plaats de zetel van Philips II zag; die nog na zat te genieten van De Ruyters drieste tocht naar Chattam.'

Zelf schrijft ze in haar, zwaar gekuiste, herinneringen Eenzaam maar niet alleen (1959) dat ze al vroeg droomde van 'grote daden'. Op een herdenkingsavond in Den Haag voor de gesneuvelden van de Lombokexpeditie, hoorde de jonge koningin een door luitenant Alting van Geusau getoonzet gedicht, dat bij haar een verlangen wekte om iets, 'wat dan ook' te presteren. Wilhelmina: 'Toen reeds was er in mijn onderbewustzijn een onbevredigdheid over de onmacht, die het in een kooi opgesloten zitten meebracht, waardoor het nemen van initiatief, welk dan ook, onmogelijk was. En een niet geringere onbevredigdheid had bij mij de slappe tijdgeest van die jaren gewekt.' In wat oneerbiediger bewoordingen zei ze zich, bijvoorbeeld tijdens kabinetsformaties, te voelen als 'een sik aan een touw'.

Wilhelmina droomde van een sterke natie, die - inclusief de koloniën - meer zou voorstellen dan een onbeduidend stipje op de wereldkaart. Maar daar was nationale moed, eenheid en vastberadenheid voor nodig. En dat trof ze in haar vaderland maar mondjesmaat aan. Tot haar grote ergernis stond ze aan het hoofd van wellicht het meest verzuilde land van Europa, waar slechts bij de gratie van het (slappe) compromis geregeerd kon worden. Ze had een diepe afkeer van politieke 'scheurmakers', die de 'hokjesgeest' bevorderden. Schopte, al vanaf het prilste begin, tegen de schenen van haar onwelgevallige ministers.

Vijftig jaar lang heeft ze de neiging om krachtig in te grijpen moeten onderdrukken en daarbij rekte ze regelmatig de constitutionele grenzen op. Goed geïnformeerd, vasthoudend en vindingrijk probeerde ze nieuwe kabinetten naar haar hand te zetten. Nationale kabinetten liefst. Immers, 'Nederland één onder Oranje', was haar ultieme doel. Meestal kreeg ze haar zin niet en legde ze zich, mokkend, neer bij de wens van de meerderheid.

De meeste speelruimte kreeg of greep ze tijdens de twee wereldoorlogen. In het Interbellum voelde ze zich geketend, stond het regeren met gebonden handen haar dermate tegen, dat ze - tot driemaal toe - met de gedachte van abdicatie speelde. Ze fulmineerde tegen de afbraak van de nationale defensie; de lauwe reactie irriteerde haar mateloos.

Maar tijdens militaire crises was ze in haar element. Als een krijgsheer trok ze dan door het land en inspecteerde zelf haar troepen. Ze controleerde alles, weinig ontging haar en wat ze zag - vaak een zooitje ongeregeld - beviel haar maar matig. Officieren die in haar ogen hun plicht hadden verzaakt, werden voor het front van de troepen ongenadig uitgekafferd.

Krachtig en geïnspireerd leidde ze vanuit Londen het verzet tegen nazi-Duitsland. Met heldere boodschappen bereikte ze, via radio-Oranje, haar onderdrukte volk en groeide zo uit tot het symbool van nationale eenheid waarnaar ze bijna een halve eeuw had gehunkerd.

Na haar tiendaagse triomftocht door het bevrijde zuiden van Nederland, klampte ze zich vast aan een 'hernieuwd sociaal koningschap'. Ze wilde regeren bij koninklijk besluit, hoogstpersoonlijk de wederopbouw leiden. Koesterde de illusie dat ze, door haar contacten met de Engelandvaarders in Londen, dichter bij het gewone volk was komen te staan.

Groot was haar verbittering toen, kort na de oorlog, de oude constitutionele regels werden hersteld en ook de verzuiling zich weer in alle hevigheid manifesteerde. Drie jaar later in 1948 gaf ze - met gemengde gevoelens, die ze verborg achter een wild uitgeschreeuwd 'leve onze koningin' -, de kroon in handen van haar dochter Juliana. Ze was teleurgesteld en opgelucht tegelijk, want na vijftig jaar wist ze zich bevrijd uit haar 'gouden kooi'.

De restricties van het koningschap waren kennelijk zo knellend geweest, dat ze zich onmiddellijk van alle parafernalia ontdeed. Wilhelmina kon geen minuut meer wachten. Toen ze na de ceremonie op de terugweg naar Scheveningen ontdekte dat haar koninklijke lijfwacht nog bij haar in de auto zat, zette ze deze op de haar karakteristieke botte wijze langs de snelweg.

Ze was moe, de dagen van het regeren zat. Ze had ook een immense krachttoer geleverd. Had het wankele koningschap in een tijdspanne van een halve eeuw, waarin twee wereldoorlogen plaatsvonden, de republikeinse revolutie dreigde en de techniek van de vélocipède naar telefoon, televisie en vliegtuig sprong, niet alleen overeind gehouden, maar vaste grond onder de voeten gegeven. Als koninklijk symbool had ze daarvoor een grote prijs betaald: levenslange eenzaamheid.

Zelf was ze zich dat pijnlijk bewust. 'Blackie, mijn trouwste en liefste vriend', liet ze op de grafsteen van haar lievelingsbeest graveren. En Booy verzucht: 'Wat een eenzaam, eenzaam mens. . . de grote vriend was een hondje.'

Janny Groen

Dit is de 24ste aflevering van een serie over honderd belangrijke Nederlanders van deze eeuw. De volgorde is chronologisch (op basis van geboortedatum). Onder het kopje Gepasseerd staan de namen van tijdgenoten die de tophonderd niet hebben bereikt.

GEPASSEERD

R. Casimir (1877-1957),

Peter van Anrooy (1879-1954).

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden