Koffiedik roeien

Volgens Willem Velthoven, Neerlands eerste 'multimediaprofessor', kan het nog wel even duren eer de nieuwe media tot nieuwe kunstvormen leiden....

DE HOOGLERAAR vliegt wekelijks van Amsterdam naar Berlijn. Aan de kunstacademie daar doceert hij dan twee dagen lang 'monomedia' (omdat 'multimedia' volgens hem een hol begrip is geworden), verkondigt hij opgewekt de ondergang van het papieren boek, en slaapt een nacht onder zijn bureau. Om elke woensdagavond van Berlijn naar Amsterdam te vliegen, naar vrouw en kind en de sores van een eigen bedrijf en een bed dat meer is dan een futon in een cel.

Grafisch vormgever Willem Velthoven, oprichter van het magazine Mediamatic, is vanaf deze zomer de eerste bijzonder hoogleraar op het gebied van nieuwe media aan de Duitse Hochschule der Kunste. Bij zijn aanstelling - voor vijf jaar - liet hij al ballorig weten dat hij geen onderricht zou geven in 'multimedia': 'Want wat is dat nou? Iedere keer als er twee soorten media bij elkaar kwamen, heette dat multimedia. En als het goed ging, zoals bij de cinema, was het kunst.'

Ze vonden het wel best, in Berlijn. Want Velthoven kreeg de leerstoel - gesponsord door een dochter van de Deutsche Bank - niet omdat hij een waterig Internet-apostel is, of een 'techno-hobbyist' - wat hij trouwens óók is -, maar omdat hij, motiveerde de Hochschule, 'verbindingen legt tussen kunst en bedrijfsleven'. Met Mediamatic ontwerpt Velthoven websites, maar adviseert hij ook bedrijven als de Rabobank.

'Je zoekt naar klanten die aan het veranderen zijn', zegt Velthoven. 'Een bedrijf als Randstad dat van kaartenbak overgaat op online-bemiddeling. De hele arbeidsmarkt-bemiddeling begint er schoorvoetend aan. Dat gaat over relaties tussen mensen, over netwerken. Kan met kaartenbak en telefoon, maar je kunt het ook elektronisch doen. Een bank als de Rabo gebruikt nieuwe media voor zijn kernactiviteit. Dat gaat bij banken heel goed, omdat geld om te beginnen al een abstractie is. Geld is al honderden jaren virtueel.'

Velthoven studeerde kunstschiedenis en grafisch ontwerpen en richtte in 1985, samen met Jans Possel, Mediamatic op, een magazine over kunst en media dat de reputatie had hoogdravend en bizar-ontoegankelijk te zijn, maar evenzogoed internationaal werd geprezen en bekroond. Toen het blad beroemder werd dan zijn oprichter, noemde Velthoven zijn ontwerpbureau ook maar Mediamatic, en betrok - naast Internet-bedrijven als De Digitale Stad en XS4ALL - een etage aan de Amsterdamse Prins Hendrikkade, daar waar vroeger de kweekschool voor de zeevaart had gezeten ('Dat was toen de hoop der natie').

Mediamatic is nu een gezond bedrijf, met brood op de plank voor een ruime dertig medewerkers. Dat is wel eens anders geweest. Toen Velthoven eraan begon, was hij als ondernemer een dilletant die langs een paar bijna fatale hindernissen moest struikelen voordat hij wat vastere grond onder de voeten kreeg. De grootste misgreep was Triple P. Dat automatiseringsbedrijf vroeg hem in 1995 de hele corporate communication opnieuw op te zetten.

Velthoven: 'Ze wilden het niet gewoon doen, met hulp van de gebruikelijke reclamebureaus, maar anders, met kunstenaars bijvoorbeeld. De leider van hun communicatie-afdeling was meteen overspannen. Die werd geconfronteerd met een stel idioten. Ik had het nooit mogen doen. Het heeft me veel te veel tijd gekost. Ik kon het ook niet. Het heeft een half jaar geduurd. Toen waren we bijna failliet.'

Hij is, ondervond Velthoven, geen manager, en ook geen automatiseerder: 'Ik ben beter als sparringpartner. Wij zijn de eeuwige dilletant die steeds fris naar een probleem kijkt. Daarna komen de automatiseerders die het echt kunnen uitvoeren. En een organisatie-adviesbureau zijn we ook niet. Die fout hebben we gemaakt bij Triple P. Maar ons erbij halen kan heel zinnig zijn. Bij de Rabo zei iemand dat hij mij gevraagd had omdat ik zo'n pain in the ass kan zijn.'

Een van zijn grote frustraties van de afgelopen vijf jaar is 'dat het allemaal zo zakelijk is geworden'. Leuk dat er klanten kwamen, nog leuker dat die net op tijd kwamen. Maar ze slokten ook steeds meer tijd op, terwijl Velthoven eigenlijk speels wilde blijven, 'onderzoekend en avontuurlijk'. De halve wereld sprong bovenop Internet, maar ondertussen, zegt hij, stond de culturele ontwikkeling van nieuwe media zo goed als stil.

ONDER studenten media op kunstacademies is de neiging tot vrijzwevend experimenteren niet geweldig groot. Al was het maar omdat ze al snel, vaak nog voor hun afstuderen, in de verleiding komen voor goed geld 'domme screensavers te ontwerpen voor reclamebureaus'. Voor zover nieuwe media al nieuwe cultuur hebben voortgebracht, laat die zich volgens Velthoven lastig beoordelen. 'Maar als je ziet wat we tot nu toe met zijn allen hebben gepresteerd, stemt dat droef.'

Het is nog te nieuw en te vers, zegt hij. 'Het blijft ook koffiedik roeien. Want ook het kunstbegrip verandert. Wat wij nu renaissancekunst noemen, werd toen heel anders begrepen. Als je erbij staat, kun je het niet kritiseren. De eerst oprispingen van nieuwe-mediakunst waren de computerspelletjes, midden jaren tachtig. Primitief. Alleen tekst. Maar je kon iemand horen roepen dat-ie telkens boven dat meer neerstortte. Ik was daar van onder de indruk. Het had een enorm absorberend vermogen.'

Techniek, zegt hij, gaat voor de cultuur uit. Nadat het schrift ontstond, werd het nog duizend jaar slechts gebruikt voor boekhouden. Na de uitvinding van de boekdrukkunst duurde het nog eeuwen voordat de literaire roman ontstond. Het kan, wil Velthoven maar zeggen, nog wel even duren voordat de nieuwe media zoals we die nu kennen, tot nieuwe kunstvormen zal leiden.

'De film bestond ook al twee generaties voordat de zeggingskracht van de montage werd ontdekt. Ik weet niet of nieuwe media iets zal opleveren wat door de kunstgeschiedenis op hetzelfde plankje wordt gezet als de literatuur of de beeldende kunst. Maar ik weet wel de muziek al verandert door zoiets als MP3, en dat ook steeds meer schrijvers erdoor gefascineerd worden. Iemand als Dirk van Weelden - die kan het ook niet laten en is elke keer geweldig gefrustreerd. Als schrijver is hij een volwassen cultuurproducent, maar nu wordt hij telkens teruggetrapt naar de kleuterschool. Hij moet het helemaal opnieuw leren.'

Stokpaard van Velthoven - en onderwerp van zijn inaugurele rede in Berlijn - is de ondergang van het boek: 'Ik zit daar heel geduldig op te wachten. Niet van de roman natuurlijk, maar van de fysieke verschijningsvorm. Het is een logische ontwikkeling. Boeken worden steeds dunner en lichter en goedkoper, terwijl de oplages omhoog knallen. Dat verdwijnen is al lang begonnen, en iedereen accepteert het ook. De boekdrukkunst was de eerste enorme verschraling vergeleken bij de handgeschreven boeken. En de pocket van nu is een al bijna niet meer aanwezig ding. Als je dat extrapoleert, verdwijnt het boek.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden