Knus boekje voor stedelingen, maar observaties over de koe zijn tam en suggestief

Boek (non-fictie) - Het geheime leven van de koe

Rosamund Young heeft het allemaal gezien: de slinkse trucjes die koeien verzinnen om het weitje te bereiken waar ze wezen willen. Oma koe die op haar kleinkind past.

De troost die een jonge moeder ontleent aan naaste familie als haar kalfje is gestorven. Een koe die menselijke hulp zoekt als ze een zware bevalling voelt aankomen. Young weet dat de ene koe een stuk koppiger, sneller beledigd, wijzer of gezelliger is dan de andere.

Non-fictie ** Rosamund Young; Atlas Contact; 157 pagina's; euro 18,99.

De ouders van Young hadden de eerste biologische boerderij van Engeland, in de Cotswolds. Van kindsbeen af heeft Young dus boerderijdieren meegemaakt. Ze is ervan overtuigd dat koeien, indien ze hun gang kunnen gaan, slimme keuzes maken die hun welzijn verhogen. Maar door het moderne, grootschalige boerenbedrijf hebben we 'steeds minder' oog voor dit natuurlijke gedrag, zegt ze.

Op zich houd ik van boeken die dierengedrag beschrijven. Ik smul van de verhalen van Jane Goodall en Frans de Waal over apen, Len Howard over mezen, Achilles Cools over kauwen. Allen observeren zij hun dieren nauwkeurig en systematisch, en bovenal welwillend en liefdevol. Zo helpen deze ethologen ons af te kicken van het behaviorisme, met zijn taboe op het idee dat dieren een innerlijk leven hebben. In vergelijking met deze groten zijn de observaties in Het geheime leven van de koe maar tam en suggestief. Eigenlijk biedt Young niet meer dan een handvol anekdotes die haar boodschap moeten onderstrepen: grootschalige dierhouderij is verdorven! De manier waarop wij boeren is superieur!

De vrijheid van koeien op een traditioneel bedrijf is ongetwijfeld beperkter, en als dierenliefhebber vind ik dat een probleem. Maar de melkveehouders die ik spreek (ja, dat doe ik weleens) zien óók duidelijke verschillen tussen hun koeien en praten bijna vertederd over hun favorieten. Zo 'geheim' is dat leven van de koe dus niet. Althans, niet voor rundveehouders; misschien wel voor romantische stedelingen. Die hebben hier een knus boekje aan, en zullen vast genieten van de idyllische kleurenfoto's waarmee het rijkelijk geïllustreerd is. Maar ik mis een heldere focus. De bulk van de tekst is bovendien al zo'n vijftien jaar geleden geschreven, de referenties zijn verouderd. Waarom was dit relaas eigenlijk een heruitgave waard?