Klinische poëzie op Noorderlicht

'Data Rush' is dit jaar het thema van Gronings fotofestival Noorderlicht. Wat heeft een fotograaf op zoek naar schoonheid te zoeken in de wereld van kabels, servers en lichtpulsen?

Foto's uit You haven't seen their faces, portrettenreeks van de top-100 machtige personen in de Londense City. Beeld Daniel Mayrit
Foto's uit You haven't seen their faces, portrettenreeks van de top-100 machtige personen in de Londense City.Beeld Daniel Mayrit

Dat het digitale tijdperk onbegrensde mogelijkheden biedt en levensgrote risico's met zich meebrengt, hoeft geen betoog. Dat fotomanifestatie Noorderlicht in Groningen ondanks die open-deur-conclusie de wereld achter het dataverkeer tot thema heeft gekozen van haar hoofdtentoonstelling Data Rush, getuigt van zelfvertrouwen. Die wereld van kleurige kabels, lichtpulsen, servers die doen denken aan koelkasten en airco's - de technologie die hart, longen en bloedbaan vormt van onze moderne tijd - wat herbergt die wereld nog voor het oog van een fotograaf op zoek naar geheimen, spanning, poëzie en schoonheid?

Heeft een fotograaf met verbeeldingskracht iets te zoeken in de klinische wereld van nullen en enen, en leveren zijn omzwervingen beelden op die de bezoeker van Noorderlicht verrassen, prikkelen, emotioneren? Het was, daar in de Oude Suikerfabriek aan de rand van Groningen, beslist geen uitgemaakte zaak. Dat typeert curator Wim Melis, die altijd reikt naar grote thema's (Afrika, het paradijs, urbanisatie) en daarbij het risico op een uitglijder zo nu en dan voor lief neemt.

In de monumentale fabriekshal en de kelder eronder wordt het (nieuwe of al eventjes bestaande) werk van bijna vijftig fotografen en kunstenaars getoond op wanden van verlijmd hout, de foto's erop geplakt of op bescheiden beeldschermen getoond, en soms geprojecteerd. Nee, Noorderlicht heeft zijn bescheiden budget niet gespendeerd aan dure lijsten of exorbitante presentatievormen, en dat stoort in deze postindustriële omgeving van beton en ijzer geen moment.

Bewakingscamera

Wie ter oriëntatie door de hal loopt, valt het direct op dat Data Rush geen eenvoudige expositie is. Beelden van mensen - de eeuwige aantrekkingskracht in de fotografie - zijn dun gezaaid, er hangen soms lange verklarende teksten en inderdaad: er zijn meer foto's van kabels, beeldschermen en computerkasten te zien dan de geoefende computergebruiker (wie niet?) lief zal zijn.

Wie die omzeilt, zou zijn oog kunnen laten vallen op lichtelijk pixel-vage prints van de Amerikaanse fotograaf Andrew Hammerand. Dromerige opnamen zijn het, van wat een kalm dorp moet zijn. Suburbia met zijn lange lanen en karakterloze woningen met veranda, badend in het groen, met ontspannen bewoners die hun schijnbaar kalme levens leiden. Sporten, klussen rond de woning, vrijetijdsbesteding.

Wat de foto's een extra lading geeft, is de wijze waarop ze tot stand zijn gekomen. Hammerand maakte gebruik van een bewakingscamera die is opgesteld op een zendmast voor mobiele telefonie. De camera was niet van hem, hij had geen toestemming er iets mee te doen, maar omdat de digitale toegang niet was beveiligd, kon hij hem zich eenvoudig toeëigenen. Draaien, richten en inzoomen op de persoonlijke levenssfeer van de dorpsbewoners; het vormde geen enkel probleem en resulteerde in deze tamelijk onschuldige, lichtelijk voyeuristische beelden.

Voor Hammerands foto's geldt wat voor meer werk opgaat: het verhaal achter het project, het uitgangspunt, is boeiend en soms schokkend - zo makkelijk breek je dus in - maar dat geldt niet automatisch en ten volle voor het zichtbare resultaat. Neem bijvoorbeeld de wand met portretten van de top-100 van machtige personen in de Londense City, het financiële hart van de stad. De Spanjaard Daniel Mayrit reageert met zijn project You haven't seen their faces via een omweg op de opsporingsmethoden van de Britse politie.

Foto uit de serie The New Town, waarvoor de fotograaf inbrak op een bewakingscamera op een zendmast voor mobiele telefonie. Beeld Andrew Hammerand
Foto uit de serie The New Town, waarvoor de fotograaf inbrak op een bewakingscamera op een zendmast voor mobiele telefonie.Beeld Andrew Hammerand

Crimineel aureool

Na de grote, tegen politiegeweld gerichte rellen in 2011 in Engelse steden, verspreidde de politie foto's van demonstranten die zij wilde opsporen voor eventuele berechting. Mayrit zag in deze schandpaalmethode een veroordeling bij voorbaat van mogelijk onschuldige demonstranten en besloot als tegenactie de foto's van de machtigen van de City openbaar te maken - van wie net zomin duidelijk is of zij (on)schuldig zijn aan het veroorzaken van de economische crisis. Door de uitsneden (zo close mogelijk) en de weinig subtiele beeldbewerking (uiteraard niet op schoonheid, maar puur op herkenning gericht) krijgen de bankiers inderdaad, net als de gezochte demonstranten, een crimineel aureool. Goed bedacht en humoristisch, maar toch ook wat gemakzuchtig activisme. Want Mayrit gaat voorbij aan de vooroordelen bij het publiek, dat zich blijkbaar mede door de clichématige fotografische beeldtaal gemakkelijk laat leiden. Een prikkelender presentatie dan honderd foto's van bankiers aan de wand zou kunnen ontregelen en tot nadenken stemmen.

Verwarring en verbazing, dat zijn de emoties waar je op hoopt. Het lijkt of dat gemakkelijker lukt als de fotograaf niet de virtuele, maar de tastbare werkelijkheid tot zijn onderwerp kiest. Van mensen en hun omgang met de digitale werkelijkheid. Zoals de Singaporees Mintio, die portretten maakte van gamers die roerloos naar het beeldscherm staren waarop ze hun door hun vingers gestuurde schijnleven volgen. Mintio gebruikte het licht van de monitor waar ze op staren om hun gezichten witgrijs te laten oplichten. Mooie, lichtelijk trieste beelden.

Net zo herkenbaar (selfies!) zijn de foto's van de Amerikaanse Dina Litovsky. Ze onderzocht hoe in het New Yorkse nachtleven het publiek zijn gedrag aanpast aan de alom aanwezigheid van digitale camera's in smartphones - die draadloze verlengstukken van Facebook. Niet door zich ervoor af te schermen, maar juist door zich er op bijna exhibitionistische wijze aan bloot te stellen en hun persoonlijke grenzen te schenden. Met vaak de fotografie van glamourbladen en pornografisch geladen videoclips als voorbeeld. Litovsky legt met haar werk een nieuw soort lichaamstaal vast: uitbundig, schaamteloos, misschien eenvormig en oppervlakkig - maar wie weet hoe die taal zich ontwikkelt; de menselijke taal moet tenslotte ook ooit zijn begonnen met een klankstoot die door een klankstoot werd beantwoord.

Roman

Fotografisch misschien niet zo interessant, maar als onderwerp intrigerend is het project Rogier van de Nederlandse Joyce Overheul. Zij volgde gedurende drie maanden de 17-jarige Rogier, een intensieve twitteraar. Zonder dat hij het wist, verzamelde zij genoeg informatie over hem om een roman op zijn leven te baseren. In drie maanden plaatste Rogier 5.638 Twitterberichten en 137 foto's op Instagram. Pas toen het boek klaar was, confronteerde Overheul Rogier met haar project. Hij reageerde laconiek; alle verzamelde informatie had hij immers vrijwillig aan de buitenwereld prijsgegeven.

Schild

In dezelfde sferen fotografeerde de Nederlander Bas Losekoot hoe de mobieltjes niet alleen een nieuwe vorm van representatie uitlokken, maar ook worden gebruikt als een schild, waarmee je je in het openbare leven kunt afsluiten. Door te staren naar het beeldscherm, of in het luchtledige terwijl je luistert naar je mobiel.

Relatief veel aandacht is er voor de manier waarop de Verenigde Staten en Europa hun buitengrenzen bewaken tegen ongewenste immigratie en hoe mogelijke terreurverdachten tot in het absurde worden bespioneerd. Hoe geavanceerd de digitale opsporingsmethoden ook zijn, en hoezeer ze ook kunnen imponeren, ze maken in het licht van de actualiteit - bijna-aanslag in de Thalys, duizelingwekkende vluchtelingenstromen naar Europa - toch een onmachtige indruk. Hoeveel informatie er ook wordt vergaard, aan analyse ervan en een antwoord erop lijkt het de autoriteiten immers te ontbreken. Geen reden om minder alert te zijn op de gevaren van de Data Rush die ons overspoelt, wel om ons relativeringsvermogen te behouden.

Humor is het aangewezen middel om dreiging en ernst te relativeren, maar naar dat wapen heeft Noorderlicht te weinig gegrepen. De keer dat dit wel gebeurt, mag niet onvermeld blijven. Dat is bij de opnamen van webcams in de buitenlucht wereldwijd die de Zwitser Kurt Caviezel met zijn computer verzamelde. Met zijn verzameling schetst hij een beeld van de geglobaliseerde wereld zonder daarvoor zijn huis te hebben verlaten. De webcams tonen niet alleen intrigerende en saaie gebouwen en wel of niet verdachte voertuigen, maar ook, haarscherp, een sprinkhaan vlak voor de lens en een vrolijk gekleurd vogelkuiken dat heerlijk onbenullig in de lens kijkt. Wat gaat daar een bevrijdende werking van uit.

Mintio: T.H.O.H.Y. (The Hall of Hyperdelic Youths), 2010. Beeld Mintio
Mintio: T.H.O.H.Y. (The Hall of Hyperdelic Youths), 2010.Beeld Mintio

Meer onbenulligheid

Ook Nate Larson & Marni Shindelman (VS) vonden kenmerken van de digitale tijd die niet apocalyptisch, niet vervreemdend zijn. Ze fotografeerden de plekken waar Twitterberichten werden verstuurd, gebruikmakend van de openbare gps-informatie in tweets. Zo zie je bij de tweet 'Amy is dying' het hospice waar de stervende zich ongetwijfeld bevond. Ook bij 'Tell me I'm not making a mistake. Tell me you're worth the wait', getikt op het parkeerterrein van een treurig Amerikaans motel, is de melancholie tastbaar.

Poëzie en humor leggen het af tegen ernst en welgemeende waarschuwingen op Data Rush. Dat is jammer, want de tentoonstelling slaagt er wel degelijk in de hartenklop van de digitale tijd zichtbaar te maken. Onheilsprofetieën overschaduwen de loutering en de inspiratie die hier kunnen worden opgedaan. Meer vleugjes onbenulligheid hadden wonderen kunnen verrichten.

Data Rush, hoofdtentoonstelling van fotomanifestatie Noorderlicht, Oude Suikerfabriek Groningen. T/m 11/10.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden