Onze gids deze week Hella Jongerius

Kleurkoningin Hella Jongerius over de schoonheid van Scandinavisch groen, Afrikaans rood en de films van Wes Anderson

De wereld mag kleuriger, vindt ontwerper Hella Jongerius. Dus weg met het beperkte palet uit de industrie en leve Scandinavisch groen, Afrikaans rood en de films van Wes Anderson.

Beeld Els Zweerink

‘Kijk toch eens, wat een licht. En hoe mooi die kleuren daarop reageren. Fantástisch!’ Hella Jongerius (55) is verrukt. De Nederlandse productontwerper gidst ons langs haar solotentoonstelling Breathing Colour in Museum Boijmans van Beuningen. Door een van de museumramen valt een lentefrisse ochtendzon op maagdelijk witte doeken met subtiele gele en groene stiksels, die als wasgoed aan het museumplafond hangen. Zo had ze het bedoeld. ‘Door de intensiteit en warmte van het licht zijn deze kleuren nu heel anders dan vanmiddag of in de avond.’

Hella Jongerius had een groots overzicht van al haar producten van de afgelopen 25 jaar kunnen laten zien in het Rotterdamse museum. Haar loopbaan begon tenslotte als een komeet in 1993, met vazen en wasbakken van buigzaam rubber voor het vernieuwende ontwerpplatform Droog Design. Vervolgens pionierde ze met ambachtelijke producten, zoals porselein en aardewerk voor Koninklijke Tichelaar Makkum, het oudste familiebedrijf van Nederland. Waarna de industrie de weg vond naar het Jongeriuslab, zoals haar studio heet. Haar Polderbank voor meubelmerk Vitra is een internationale bestseller; haar uitverkochte collecties voor IKEA zijn gewilde collector items. Maar deze ontwerpen spelen een figurantenrol in Boijmans.

Beeld Els Zweerink

Wat er wel staat, is feitelijk één grote installatie die meer dan tien jaar kleuronderzoek samenvat. Deze kleurervaring begint in de ochtend, verbeeld met die zachte doeken en glanzende kubussen in frisse kleuren. Daarna volgt het middaguur met een metershoge, schelpvormige sculptuur met tientallen hoekige vlakken, elk met een andere lichtinval. Daardoor lijkt het alsof de installatie uit allemaal verschillende kleurvlakken bestaat, terwijl deze toch echt egaal blauw is. Een gefilterd daglicht reikt nog net tot in de zaal met donkeroranje museummuren en vurige wandkleden, de gloedvolle namiddag. De avond bevindt zich in de buik van het museum, waar de ogen zich eerst enkele minuten moeten aanpassen aan de zwarte muren met donkere paarse en blauwe wandkleden en vazen in gedimd kunstlicht. Precies zoals het Jongerius voor ogen stond. ‘Bezoekers moeten in alle rust kleur fysiek beleven.’

Jongerius is een kritische ontwerper met een onderzoekende geest. Halverwege haar loopbaan doekte ze zomaar haar goedlopende studio in Rotterdam op, om met haar man en twee jonge kinderen naar Berlijn te verhuizen. ‘Ik had te veel personeel, te veel opdrachtgevers, te veel ruis. Ik moest afstand nemen.’ Dus vertrok ze naar een stad die ze niet kende. Een stad zonder een noemenswaardige designscene ook. Daar kan ze in de luwte werken met een klein ontwerpteam, hoofdzakelijk vrouwen. Ze hoeft niet in de schijnwerpers te staan. Ze heeft een missie. ‘Ik ben geen ontwerper geworden om alleen maar mooie spulletjes te maken.’

Haar tentoonstelling Breathing Colour is een pamflet tegen kleurvervlakking. ‘We lijden aan kleuranorexia. We zitten vast aan een kleursysteem waarin de industrie een zeer beperkt palet aan pigmenten gebruikt. Deze kleuren moet altijd hetzelfde zijn, nu en over tien jaar. Of ze nou op textiel of op glimmend metaal zijn aangebracht. Of je er in de felle middagzon of in de avondschemer naar kijkt. Maar ik geloof juist heilig in instabiele kleuren die verouderen en veranderen, die ademen met het licht.’

Beeld Els Zweerink

1. Museum: Museum der Dinge, Berlijn

‘In dit museum in een rijtjeshuis in Kreuzberg staan… nou ja, allemaal dingen. Asbakken, afwasborstels, radio’s en lampen, maar ook suffe souvenirs en een originele Frankfurter Küche, een van de eerste moderne keukens uit 1926. Als Nederlander herken je al die gebruiksvoorwerpen meteen en toch zie je een compleet andere cultuur. Je ziet zelfs het verschil tussen de Oost- en West-Duitse keukenapparaten. Het propvolle museum heeft inmiddels een collectie van 20 duizend objecten die zonder enige vorm van hiërarchie in eenvoudige stellingkasten staan, alsof je een tweedehandswinkel inloopt. Totaal niet cultureel-correct. Juist daardoor heeft dit museum een lichtvoetigheid die ik aangenaam vind. Het is een archief van het alledaagse leven. Dat is waar het bij de meeste designmuseums zo aan schort. Die kopen allemaal dezelfde bijzondere stoel van die ene bekende ontwerper. Maar die hoef ik niet in mijn huis.’ Met een spottende lach: ‘Ik ben een beetje die loodgieter met een lekkende kraan.’

Het Museum der Dinge. ‘Aangenaam lichtvoetig’ Beeld Armin Herrmann

2. Ontspannen: De meren van Berlijn

‘Ik hou erg van zwemmen. In en rond Berlijn, waar ik sinds tien jaar woon, liggen veel meren. Door de vroegere tweedeling in Oost en West heeft Berlijn veel dubbel, waaronder ook deze fantastische recreatieplekken die echt in de natuur liggen. Je waant je soms in Scandinavië. Ik hoef niet de hele dag in de stad te zitten, dus vaak rijden we even naar zo’n meer. Sommige kun je gewoon vanaf het centrum met de S-Bahn bereiken. Het water is brandschoon, al lijken enkele meren aan het einde van de zomer wel een modderpoel. Het grootst en bekendst is natuurlijk de Wannsee, die overigens heel toeristisch is en dus niet zo leuk. De echte Berlijners hebben hun eigen geheime adresjes. Heel leuk, zo’n vijftig daarvan zijn onlangs beschreven in het prachtige boek Take me to the lakes.’

3. Duitse taal: Peter Fox

‘Duits is een prachtige taal, heel precies maar ook speels. Soms tenminste. Peter Fox is een vrolijke rapper in plat Berlijns. Schüttel dein Speck bijvoorbeeld gaat over dansen. Van hem heb ik Duits geleerd, gewoon door liedjes na te zingen. Ik ben inmiddels behoorlijk verduitst. Berlijn is mijn neue Heimat. Het is een grote stad met fysieke ruimte. Mensen zorgen er ook beter voor elkaar. Ze corrigeren elkaar vaker, wat eigenlijk nogal dorps is. Door mijn familie en mijn werk voor KLM en vloerkledenfabrikant Danskina, ben ik nog vaak in Nederland. Vaker dan ik zou willen. Wat telkens weer opvalt hier, is het lawaai. Overal.’

Peter Fox. ‘Van hem heb ik Duits geleerd.’ Beeld Getty Images

4. Wandeling: Rehberger-Weg

‘In Basel is sinds kort de Rehberger-Weg geopend. Dat is een vijf kilometer lange natuurwandeling door bergen en bossen die begint in Fondation Beyeler, een prachtig museum voor moderne kunst. Het gebouw is van architect Renzo Piano. Langs het wandelpad staan 24 bijzondere kunstwerken in de openbare ruimte, geselecteerd door kunstenaar Tobias Rehberger. Onderweg kun je ook in de Rijn zwemmen. Je kleding stop je in een waterdichte bal, waarmee je de stroom af dobbert. Het pad eindigt op de campus van meubelmerk Vitra. Dit bedrijfsterrein is echt uniek – dat zeg ik niet omdat Vitra een belangrijke opdrachtgever van mij is, maar vanwege de fantastische architectuur, waaronder het eerste Europese gebouw van Zaha Hadid, het designmuseum van Frank Gehry en de bijzondere showroom van Herzog & De Meuron met alle Vitra-meubels. Ik heb de route overigens zelf nog niet gelopen dus het kan tegenvallen.’

Rehberger-Weg in Basel. ‘Langs dit natuurwandelpad staan 24 bijzondere kunstwerken.’ Beeld Studio Rehberger

CV Hella Jongerius

1963 geboren in De Meern op 30 mei

1993 afstuderen aan Design Academy Eindhoven

1994-1997 deelname in Droog Design

2002 collectie voor stoffenfabrikant Maharam NY (bekend van Ray & Charles Eames en Verner Panton)

2003 eerste solotentoonstelling in Design Museum London

2005-heden verantwoordelijk voor Kleur & Materialen bij meubelmerk Vitra

2005 ontwerpt vazen- en kledencollectie voor IKEA

2009 verhuizing van Rotterdam naar Berlijn

2010 solotentoonstelling Misfit in Museum Boijmans van Beuningen, Rotterdam; publicatie boek Misfit

2011-heden cabine-interieurs voor KLM

2016 publicatie boek I Don't Have a Favourite Colour: Creating the Vitra Colour and Material Library

2017 winnaar Sikkens Prijs

2018 expostitie Beyond the New (i.s.m. Louise Schouwenberg) in Neue Sammlung München (t/m 16 september)

Hella Jongerius woont en werkt in Berlijn met architect/criticus Lucas Verweij en hun twee kinderen. 

5. Architectuur: Elbphilharmonie, Hamburg

‘Net zoals heel cultuurminnend Nederland het een paar jaar geleden had over de opening van museum Voorlinde, is heel Duitsland nu in de ban van de Elbphilharmonie in Hamburg. Het is een nieuwe concertzaal die is gebouwd op een oude graansilo, alweer een ontwerp van architectenbureau Herzog & de Meuron. Het ligt prachtig in een knik in de Elbe. De bouw heeft krankzinnig veel geld gekost, met allerlei bijbehorende schandalen. Ook hier ben ik overigens nog niet geweest. Maar dit kán niet tegenvallen. Het geluid moet zo te gek zijn. Dus heb ik concertkaarten voor Youssou N’Dour. Eigenlijk moet je dan naar een klassiek concert maar dat vind ik iets voor thuis.’

Elbphilharmonie. ‘Ik ben er nog niet geweest, maar dit concertgebouw, bovenop een oude graansilo, kan niet tegenvallen.’ Beeld Getty Images

6. Muziek: Rokia Traoré

‘In Mali heb je de griotten, verhalenvertellers. Een griot reisde van stad tot stad om verhalen te vertellen, dat konden nieuwtjes zijn maar ook legendes of liefdesverhalen. Een soort journalisten eigenlijk. Deze verhalen zijn door Rokia Traoré, een jonge muzikant van begin veertig, op eigentijdse muziek gezet. Ik vind het interessant hoe oude tradities worden vernieuwd en zo levend worden gehouden. Ik heb dat zelf ook gedaan met eigentijdse ontwerpen voor de ambachtelijke aardewerkfabriek Koninklijke Tichelaar Makkum. Dat Rokia Traoré dat ook doet, wist ik niet toen ik haar muziek voor het eerst hoorde. Ik vind het gewoon heel zacht, heel sfeervol. Haar album Beautiful Africa is een van mijn favoriete platen.’

Rokia Traoré. ‘Haar muziek is heel zacht en heel sfeervol.’ Beeld Getty Images

7. Reizen: Singita Lebombo Lodge, Zuid Afrika

‘In het Kruger Park in Zuid-Afrika heb ik een safari gemaakt. De overnachting was in deze lodge, héél luxe. Ik ben geen luxedier, maar dit was heel bijzonder. Een safari is eigenlijk iets, eh… moeilijks. Het is toch aapjes kijken. Maar in de lodge mag je zo vaak je wilt op safari met een eigen auto. In alle rust kun je zo genieten van dieren in hun natuurlijke habitat. En als er ergens een vogel in de lucht hangt, dan weet de chauffeur wat daar aan de hand is. Of hij ziet een spoor in het zand waarna je bij een kudde giraffes uitkomt. Ik heb ook budgetreizen van drie maanden gemaakt langs Burkina Faso, Ghana, Togo en verder langs de westkust van Afrika, en daarna langs de oostkust door Kenia, Mozambique en Tanzania. Dat was met mijn man, nog vóór onze kinderen. Wat ik bijzonder vind aan Afrika is het aardse en pure. In Azië hangt overal zo’n wolk van mystiek, maar in Afrika snap ik het meteen. Het is ook een cultuur waarin vrouwen dominant zijn. Dat hele continent wordt gerund door sterke vrouwen.’

8. Film: Wes Anderson

‘Wat zo leuk is aan de films van regisseur Wes Anderson zijn de fantasievolle verhalenlijnen. Het is rare humor in een surrealistische setting. De leukste is The Darjeeling Limited over drie broers die met de trein naar hun moeder reizen in een klooster in India. Het is een beetje slapstick, maar zó grappig. En ja, die kleuren natuurlijk.’

The Darjeeling Limited. ‘Een beetje slapstick, maar zó grappig.’

9. Kerk: Chiesa San Gabriele, Milaan

‘Soms doe je per toeval de mooiste ontdekkingen. Elk jaar in april reis ik, net als de rest van de internationale designwereld, naar Milaan, voor de meubelbeurs. Dit jaar was ik voor het eerst verdwaald en kwam zo langs een kerk van de befaamde Italiaanse ontwerper en architect Achille

Castiglioni.’ (Deze kerk werd eind jaren zestig ontworpen door Castiglioni na de dood van zijn broer Pier Giacomo, met wie hij een succesvolle ontwerpstudio had. De leegte na dit verlies zou voelbaar zijn in het gebouw met een tamelijk kaal interieur, red.) ‘De gevel heeft een fraai baksteenpatroon, terwijl het modernistische interieur in strak beton is uitgevoerd. Ik kreeg daar een ontzettend Ronchamp-gevoel bij, die befaamde betonnen kerk van Le Corbusier op het Franse platteland.’

Kerk: Chiesa San Gabriele, Milaan. ‘Soms doe je per toeval de mooiste ontdekkingen.’

10. Favoriete kleuren: Scandinavisch groen en Afrikaans rood

‘Voor mannen van rond de vijftig is bruin not done. Dat staat voor de bedompte jaren zeventig. Maar voor de jongeren staat bruin voor espresso, voor pure chocola, een compleet andere beleving. Iedereen heeft een ander geheugen voor kleur. Daarom is het onzin om te zeggen: die kleur is het mooist. Ik heb twee jaar geleden niet voor niets het boek I Don’t Have a Favourite Colour uitgebracht. Maar toch, ik hou enorm van de rode aarde van Afrika, die het mooiste is in een donker avondlicht. En ik hou van het groen van de bossen in Noord-Europa, bijvoorkeur in zacht ochtendlicht, zodat er niet te veel kleur is. De ochtend is ook mijn favoriete moment van de dag. Lekker fris. Ruimte voor iets nieuws. Op mijn studio heb ik lange tijd als regel gehad dat er de eerste drie uur niet werd gepraat. Dan ontstaat er een heldere, schone energie. Goed voor je creatieve bubbel.’

11. Kunstenaar: Giorgi Morandi

‘Dit voorjaar zag ik bij toeval in Heerenveen of all places een tentoonstelling van deze hedendaagse Italiaanse schilder van stillevens, eigenlijk alleen maar vazen, in olieverf. Hij heeft niet zo veel geschilderd. Maar de kleuren zijn zo gelaagd en verfijnd. Natuurlijk vind ik oude kunst ook geweldig, met die volle, diepe kleuren. Maar ik vind het nog interessanter om te zien hoe mijn tijdgenoten daarop voortbouwen. Marlene Dumas die zwarte aquarellen maakt. Zwarte! Kunst, dat bevat de eerste kleuren die wij als mens hebben gemaakt. Dáár komen we vandaan qua kleur. En kijk dan eens wat we er van hebben gemaakt in onze alledaagse leefwereld. Zo vlak. Ik wil laten zien dat het anders kan.’

Kunstenaar: Giorgi Morandi. ‘De kleuren zijn zo gelaagd en verfijnd.’ Beeld Imageselect

De solotentoonstelling Breathing Colour van Hella Jongerius bestaat uit speciaal ontworpen vazen, wandkleden en geometrische objecten, die de wisselwerking tussen kleur, vorm en licht verkennen. De installaties zijn aangevuld met kunstwerken uit de vaste collectie van Museum Boijmans Van Beuningen. T/m 12 augustus 2018. 

Beeld Els Zweerink
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.