Kleine Perzik mag niet chatten

Hardnekkig zoeken 110 miljoen Chinese computergebruikers hun weg op het streng bewaakte internet. Even hardnekkig probeert de overheid hen tegen te houden....

Nog geen tien seconden zit je in de chatroom van 163.com, of de boot isal aan. 'Hallo', groet iemand die zich O98 noemt. 'Er is een nieuwesensatie op internet, een verleiding voor je lichaam en ogen. Ga naaryyx.go.pl.'

De chatroom van 163.com, een van de grootste webportalen van China, heeft ook bezoek van Hete Meid, Verpleegster en Kleine Perzik. Ze prijzenhun waren aan zoals dat overal ter wereld gaat in de ranzige nissen vanhet net. 'Ik ben 20 jaar, weeg 51 kilo, heb een grote boezem, en vraag500 renminbi voor een hele nacht.'

Welkom op het Chinese internet, het strengst bewaakte net ter wereld.Want probeer je door te surfen naar de verlokkingen van yyx.go.pl, dan komje nergens. Geblokkeerd. En Hete Meid, Verpleegster en Kleine Perzik wordenna een paar minuten uit de chatroom gebonjourd - om niet veel later hardnekkig terug te keren. En weer te worden verwijderd. Enzovoorts, totdatze het zat zijn.

Het Chinese internet groeit en bloeit. Eind dit jaar zal het meer dan 110 miljoen gebruikers tellen die chattend, gamend en bloggend vaak urenper dag achter het scherm doorbrengen. De Chinese internetindustrie is big business aan het worden, getuige ook de recente belangstelling van Amerikaanse bedrijven voor Chinese zoekmachines.

Voor de Chinese staat levert het een boeiend dilemma op. Peking juichtde groei van internet aan de ene kant toe, omdat het de modernisering vanhet land ten goede komt. Op elke zichzelf respecterende universiteit zijnde studentenflats tegenwoordig standaard uitgerust met snelleADSL-verbindingen. Maar de vrijheid van het net boezemt de machthebberssteeds meer angst in. In het land waar alle media traditioneel ondertoezicht van de staat staan, moet ook internet er nu aan geloven.

Peking bepaalt steeds strakker wat wel en niet mag, of het nu gaat om het uitwisselen van sekspraatjes of om nieuws en meningen die niet in de kraam van de Chinese regering te pas komen. Er is een zwarte lijst vanwoorden: een Chinese surfer die op Google 'China mensenrechten' of 'Taiwandemocratie' intikt, krijgt maar weinig hits. Anoniem op het Chinese webvertoeven is lastig geworden door een identificatieplicht. Overtreding kanvoor korte of lange tijd verbanning van het net betekenen.Internetpolitie, die surfend speurt naar politiek incorrecte meningen, isin opkomst. Sites die de regels blijven overtreden, worden zonder pardongesloten, zoals onlangs nog een site overkwam die 'separatistische'ideeën zou propageren in de provincie Binnen-Mongolië.

De droom van sommige internetactivisten - dat het net een sterkekatalysator zou worden voor democratisering van de Chinese samenleving -is hierdoor aan het vervliegen. Internet is een nieuw ideologisch slagveld,aldus de Chinese Communistische Partij, en onder de bezielende leiding vande nieuwe president Hu Jintao is de aanval ingezet om de op drift geraaktecyberspace te heroveren.

Vitaal onderdeel van de campagne is dat de staat zelf steeds meer zijn plaats op het net claimt. China kent inmiddels duizenden overheidssites,compleet met eigen opiniefora. De machthebbers hebben ontdekt dat interneteen nuttige uitlaatklep voor ontevreden burgers kan zijn, en daarmee voorde regering een handige manier om erachter te komen wat er onder het volkleeft.

Als het zo uitkomt, wil Peking ook wel luisteren. Het is inmiddels een paar keer gebeurd dat corrupte partijfunctionarissen straf kregen nadatze op internet aan de schandpaal waren genageld. Zolang het maarbeheersbaar blijft en de 'sociale stabiliteit' niet in gevaar komt, luidthet motto van de Chinese nanny state.

Manipulatie via internet heeft onverwachte risico's, merkte Peking eerder dit jaar, toen populaire websites als sina.com.cn miljoenen handtekeningen tegen Japan verzamelden. De staat liet het eerst begaan, omdat het mooi in de officiële campagne tegen Japan paste. Maar de staatsdiensten die belast zijn met propaganda, leerden dat je toch goed moet oppassen met het opzwepen van dergelijk nationalistisch sentiment: toen anti-Japanse betogingen in Peking en Shanghai uit de hand liepen,moest alsnog snel worden ingegrepen.

Wat mag nog wel op het Chinese net? Met Peking meeschelden op de Taiwanese separatisten en hun trawanten bijvoorbeeld. De volgende dialoogwas onlangs te volgen op bbs.cctc.com, het praatcafé van China CentralTelevision, de staatsomroep. 'Ik had laatst een chat met iemand die zeidat ie uit Henan kwam. Maar volgens mij was het een Taiwanees. Hijvertelde dat de Communistische Partij in de oorlog tegen de Jappen bijnaniet had gevochten, dat het de KMT was die vocht. Ik erger me aan zulkeinfo. En toen stuurde hij me later nog een e-mail met anti-patriottischeinformatie ook.'

Ene Midnight Silent beaamt dat verhaal. 'Het zijn allemaalanti-Chinese mensen in de VS, Australië en Canada. Ze letten alleen maarop de zwakke kanten van China en vergeten de goede. Ze moeten zichschamen. Ik woon nu zelf in Australië en zie dat de Taiwanezen die zichwillen afscheiden van China met de Amerikanen en Falun Gong samenwerken.' Nan6nhn12 weet wel hoe je zulke types moet aanpakken. 'Geef me een AK47,dan knal ik ze allemaal neer.'

Is het Chinese net inmiddels potdicht gemetseld? Nee, wie handig is,kan nog steeds om de staatsblokkades heen manoeuvreren. Maar er zijn heelweinig mensen die de moeite en het risico willen nemen, zegt een Shanghaisestudent. 'Ik zie om me heen dat het de meeste studenten ook nietinteresseert, dat politieke gedoe. We chatten over dagelijkse dingen, overuiterlijk en vriendjes, we spelen spelletjes als Counterstrike.'

Het ministerie van Informatie heeft onlangs een nieuwe maatregel afgekondigd. Om de verspreiding van 'onjuiste' berichten tegen te gaan, moeten nieuwssites voortaan vijf redacteuren in dienst hebben met minstensdrie jaar ervaring bij de staatsmedia. De sites moeten ook over eenreserve van omgerekend een miljoen euro beschikken; foute berichtgevingwordt beboet. Het Chinese net is weer wat strakker aangetrokken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.