ColumnSylvia Witteman

Kees van Kooten heeft meer dan gelijk: Kruis of munt is een schat van een boek

Ooit keek ik verschrikkelijk op tegen Kees van Kooten. Dat is nooit helemaal overgegaan; nog steeds lees ik elk interview dat hij geeft. Daarin begint hij opvallend vaak over het lievelingsboek van zijn moeder: Kruis of munt uit 1949 van Jo Boer. Dat klinkt inderdaad als het lievelingsboek van iemands moeder, een streekroman waarin een meisje wordt verkracht en bezwangerd door een malafide stalknecht, met opgeheven hoofd besluit het kind te houden en uiteindelijk tóch trouwt met de stugge jonge veearts.

Maar Van Kooten noemde Kruis of munt ‘schitterend, fantastisch, ongelooflijk goed’ en toen hij dat voor de derde of vierde keer had gezegd, besloot ik het erop te wagen. Ik las Kruis of munt, en Kees bleek méér dan gelijk te hebben. Een verborgen schat van een boek, zomaar gevonden, alsof je een dode mus in je tuin begraaft en stuit op een gouden kist vol diamanten, smaragden en dubloenen.

Het autobiografische verhaal gaat over een Nederlandse familie, opa, oma, moeder en dochter, die noodgedwongen vertrekt uit Indië en terugkeert naar Den Haag. De dochter, Jopie Landman (een opzichtig alias van Jo Boer) is dan nog een peuter. Haar vader heeft het gezin kort na haar geboorte verlaten en is in Indië gebleven, haar moeder projecteert deze frustratie en schande op haar enig kind door het beurtelings van zich af te stoten en beklemmend in haar greep te houden. Het meisje gaat haar moeder steeds dieper haten.

Er komt, om Gerard Reve te citeren, ‘weer geen normaal mens in voor’. Iedereen is doodongelukkig, en al dat ongeluk is op hereditaire wijze met elkaar verweven, zoals dat hoort in een klassieke naturalistische roman. Want dat ís Kruis of munt. Opvallend, want in 1949 was de periode van het naturalisme al een halve eeuw voorbij.

Ik geloof niet dat ik de gedachten en gevoelens van een ongelukkig kind ooit eerder zo beklemmend beschreven heb gezien. Hier is Jopie op bezoek bij haar stokoude, blinde Oom Poes: ‘Ook zijn schoenen die naast elkaar op een rood trijpen bankje zaten waren blind. Zij keken niet door een gespje of een knoopje of een veteroogje vriendelijk de wereld in, het waren hoge, blinde schoenen met alleen van achter een willoze domme lip van elastiek. Het waren blinde schoenen die hun tong uitstaken.’

‘Dit was het afgrijselijke van de zondag: Oom Poes moest gezoend. Voor het kleine meisje, dat nooit haar eigen moeder kuste, nooit haar grootmoeder of haar grootvader, was dit kussen van de blinde man met zijn langs haar kinderlijfje tastende vingers een onreine handeling, die lang iedere vorm van liefkozing voor haar bezoedelen zou. De compensatie van al deze dingen was Poes Staart. Poes Staart was het middelpunt van het bezoek aan de Obrechtstraat: grote witte kater met cyperse staart die hem zijn naam verleend had. (...) Het aaien van de zachte witte vacht was als een zuivering. Het ingehouden en teruggetrokken wrijven van het puntige kattensmoeltje was een zeer zuivere liefkozing, een verfijnd en charmant genoegen, een genieten van luchtige en lichte dingen, die niet thuis hoorden in de donkere muffe kamer met de rood-pluchen leunstoelen onder gehaakte antimakassartjes.’

En zo gaat het maar door. Louis Couperus was toen al een kwarteeuw dood, maar zijn ziel is in Jo Boer gevaren, die overigens ook dood is, na een veelbewogen leven vol omzwervingen. Hoe kan het dat dit boek vergeten is? Indertijd was het een spraakmakende bestseller, en Jo Boer gold als opvallend talent. Kruis of munt móét opnieuw worden uitgegeven. Voor wie (terecht) niet wachten kan: op dbnl.org is het gratis te lezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden