Kaurismäki's laatste juweeltje: The Other Side of Hope

In Kaurismäki's laatste juweeltje wordt een realistisch vluchtelingenrelaas prachtig gecombineerd met slapstick. Het lijkt alsof in The Other Side of Hope twee films naar verzoening zoeken.

Kevin Toma
The Other Side of Hope. Beeld
The Other Side of Hope.Beeld

Inmiddels denk je het wel te kennen, het Finland van Aki Kaurismäki (60). De alomtegenwoordige mistroostigheid krijgt onvermijdelijk een kleurtje, al is het maar een rode vaas of een likje gele verf op de muur. De treurige types die de films bevolken, dragen permanent een pokerface. Hun leven verlenen ze sjeu met mooie oude auto's en (Finse) tango's in een achterafkroeg. Of het nu om een zelfmoordenaar gaat, een door geheugenverlies geplaagde outcast of een eenzame nachtportier, steeds toont Kaurismäki zoveel compassie met zijn helden dat de misère bitterzoet afloopt.

Toch is het de vraag of het ook zo zal verkeren voor de jonge Syriër die in The Other Side of Hope als verstekeling op een boot in Helsinki belandt. Na aankomst gaat Khaled (een indrukwekkend introverte rol van debutant Sherwan Haji) vrijwel meteen naar het politiebureau om asiel aan te vragen, vertrouwend op een rechtvaardige behandeling. Bovendien, denkt hij, is dit de enige manier om in contact te komen met zijn zus. Samen zijn ze gevlucht uit Aleppo, nadat hun familie bij een bombardement is omgekomen. Bij de Bulgaarse grens is Khaled haar kwijtgeraakt.

The Other Side of Hope

Tragikomedie

Regie: Aki Kaurismäki

Met: Sherwan Haji, Sakari Kuosmanen, Simon Al-Bazoon, Tommi Korpela, Kati Outinen, Janne Hyytiäinen, Ilkka Koivula, Nuppu Koivu.

98 min., in 30 zalen.

'Je moet vrolijk kijken, want de melancholici worden het eerst teruggestuurd', adviseert een Irakese lotgenoot. Van de veronderstelde Finse barmhartigheid is al snel geen sprake meer. Khaled verdwijnt in de illegaliteit. Dan is het een kwestie van tijd voordat zijn pad dat van het andere hoofdpersonage kruist, vijftiger Wikström (Kaurismäki-veteraan Sakari Kuosmanen), die een lucratieve overhemdenzaak én zijn huwelijk opgeeft om een typisch Kaurismäkiaans restaurant te beginnen: kleurig maar kansloos .

Het is net alsof in The Other Side of Hope, op het filmfestival van Berlijn bekroond met de Zilveren Beer, twee films naar verzoening zoeken. Enerzijds is er het voor Kaurismäki's doen realistische relaas van Khaled, die in het asielzoekerscentrum gruwelijke nieuwsbeelden uit zijn land ziet en op straat wordt aangevallen door neonazi's.

Anderzijds blijkt het restaurant het decor voor het prachtige soort slaapwandelslapstick waarop de Finse meestercineast patent heeft, zoals de kok die al zo lang niets heeft uitgevreten dat aan zijn hoofd spinnenwebben groeien.

De twee gezichten van The Other Side of Hope (Toivon tuolla puolen) maken de zwartgallige humor nog ongemakkelijker. Het laat zich onmogelijk voorspellen hoe het voor Khaled zal aflopen. Over alles hangt een waas van teleurstelling en woede die zich door geen grap of kleurtje laat verdrijven. Ook niet door de fantastische muziekkeuze.

Kaurismäki, die zich met voorganger Le Havre (2011) al uitsprak over de vluchtelingencrisis, strooit behalve een enkele tango vooral veel straatblues rond. En als Khaled dromerig-droef tokkelt op de saz, lijkt het bijna onmogelijk nog terug te keren het vertrouwde, al met al troostrijke Kaurismäki-universum. Heel spijtig dat de Fin heeft aangekondigd dat dit juweeltje zijn laatste film zal zijn.

Aki Kaurismäki heeft zijn eigen filmgenre gecreeërd

Als het kan ontregelt hij elk interview. Achttien films regisseerde Aki Kaurismäki, altijd stijlvast. En nu is er zijn laatste, over vluchtelingen. Het is hem ernst. Lees hier het interview met Aki Kaurismäki. (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden