Katoenvallei

Op veel plaatsen in Groot-Brittannië is industrieel erfgoed te zien. In Derbyshire bezoekt Gert-Jan van Teeffelen een charmante vallei – wellicht de échte geboorteplaats van het fabriekssysteem....

Gert-Jan van Teeffelen

Oorverdovend is het nog net niet. Er draaien in Masson Mills vandaag maar twee machines, met eindeloze rijen spoelen die razendsnel vol garen worden gewonden. Overal draden, werktuigen en bakken katoen.

Wie de ogen half dichtknijpt, ziet ze krioelen over de houten vloeren: de honderden mannen, vrouwen en kinderen – soms niet ouder dan 4 jaar – die dit soort fabrieken ooit bevolkten.

Hoe anders is het buiten, waar een landschap ligt van steile, beboste hellingen. De vallei is hier zo nauw, dat er langs het riviertje Derwent alleen plek is voor een weg, niet voor huizen. In de bedding werd in 1783 een reusachtig gebouw van rode bakstenen neergezet: een van de eerste Engelse cotton mills. De fabriek hield dapper stand tot 1991. Nu is het een museumpje met wat kledingwinkels.

Groot-Brittannië is de geboorteplaats van de industriële revolutie, die de wereld goedkope spullen, uitbuiting en vervuiling bracht, maar ook – dat duurde even – voorspoed.

Diverse Britse regio’s claimen dat ze de kraamkamer waren van dit industriële proces. Neem Ironbridge in Shropshire, waar ijzergieterijen sinds begin 18de eeuw floreerden. Ironbridge – naar ’s werelds eerste gietijzeren boogbrug – prijkt al lange tijd op de Werelderfgoedlijst.

Het was vooral de massafabricage van katoendraad en textiel die de aanjager bleek van alle groei en innovatie. Katoen bracht Britse industriëlen gigantische rijkdom. Met hun exportwinsten bouwden ze grote landhuizen en hielpen ze het Britse Empire financieren.

Zeker het graafschap Lancashire – boven Liverpool en Manchester – is synoniem met katoen. Ook deze streek maakt reclame als ‘geboorteplaats van de industriële revolutie’. De voormalige ‘werkplaats van de wereld’ is nog bezaaid met oude fabriekscomplexen en naargeestige stadjes.

Zelfs de meeste Engelsen weten niet dat de kiem voor al deze verandering werd gelegd in een groene, knusse vallei verder zuidwaarts: in Derbyshire. Hier liet een legendarisch duo, Richard Arkwright en Jedediah Strutt, vanaf 1771 de eerste katoenfabrieken bouwen. De ijdele Arkwright was een gewiekste ex-kapper die enkele door anderen bedachte technieken uitwerkte en patenteerde. Strutt was een vrome kousenmaker – hij bedacht het ‘elastische’ randje waardoor sokken ook anno 2009 niet afzakken. Ze slaagden er voor het eerst in zeer sterk katoendraad te maken, met door waterkracht aangedreven machines.

‘Arkwright koos voor deze afgelegen vallei omdat hij hier beter beschermd dacht te zijn tegen industriële spionage’, zegt Adrian Farmer, coördinator van Derwent Valley Mills World Heritage. Sinds 2001 is dit gebied eveneens Werelderfgoed. ‘Er is hier slechts een handvol fabrieken gebouwd, omdat de echte expansie daarna volgde in Lancashire. Daardoor behield deze streek zijn charme.’

Het Unescogebied is een strook van ruim 20 kilometer rond de oevers van de Derwent, een aaneenschakeling van bos, verdwaalde fabrieken, oude pomphuizen en groene heuvels. Het loopt van Matlock Bath, ooit een Victoriaans kuuroord maar nu bezaaid met fish-and-chips shops, tot aan het industriestadje Derby.

Vanaf Matlock gaat het langs Masson Mills door een kloof naar Cromford. Dit dorpje, inclusief de grote Greyhound Pub, is bijna helemaal gebouwd door Arkwright, die zo personeel naar zijn eerste fabriek hoopte te lokken. North Street (1776), met zijn grijze rijtjeshuizen van drie verdiepingen, is de eerste echte straat in dit deel van Engeland.

Het dorp is omringd door kanaaltjes, dammetjes en vijvers die de fabriek – al jaren in restauratie – ten dienste stonden. Maar omdat Cromford Mill zo mooi verscholen ligt in het groen, krijg je nooit het gevoel in een industrieel landschap te staan. De vallei met zijn golvende heuvels ligt immers aan de rand van het Peak District, het eerste nationale park van Groot-Brittannië.

Een paar kilometer verderop ligt het dorpje Belper met zijn drukke hoofdstraat, waar de genereuze familie Strutt regeerde. Nog steeds spreken oudere bewoners over ‘onze Jedediah’ – de door hem gebouwde huizen zoals aan Long Row, waar de bewoners werden aangemoedigd hun eigen groenten te verbouwen, zijn nog steeds geliefd.

Zijn reusachtige North Mill – nu eveneens museum – staat er nog, waar het katoen ooit op ruim 4.200 spoelen tegelijk werd gewonden. Het zes verdiepingen hoge gebouw geldt, vanwege zijn ijzeren geraamte, als voorloper van de moderne wolkenkrabber.

‘Er zweefden hier zo veel vezels door de lucht, dat men zei dat je honger erdoor werd gestild’, zegt Stella Howitt, die rondleidingen verzorgt tussen de uitgestalde machines en kleding uit die tijd. ‘Als je te laat was, verloor je je loon van die dag. De bel klonk om half zes ’s ochtends, zes dagen per week.’ Toch stonden zowel Arkwright als Strutt bekend als vrij nette werkgevers, aangezien ze kinderen pas vanaf een jaar of 7 tot 8 in dienst namen, en schooltjes inrichtten. Niettemin bestond tweederde van Arkwrights werknemers – zijn fortuin zou nu een kwart miljard euro bedragen – uit kinderen. Ze verdienden hooguit enkele euro’s per week.

Met enig recht kan Derwent Valley aanspraak maken op de titel ‘geboorteplaats’ van het fabriekssysteem. Het merkwaardige is dat er, ondanks de combinatie van natuurschoon, erfgoed en het ‘goedkeuringsstempel’ van Unesco, amper bezoekers komen.

‘Dit is een vergeten vallei’, zegt Adrian Farmer. De attracties zijn enigszins ‘houtje-touwtje’ – zijn eigen woorden. ‘We hebben nauwelijks geld. In dit land zijn we al verwend met ‘gewoon’ erfgoed.’

Vlakbij liggen bijvoorbeeld Chatsworth House en Haddon Hall. Deze landhuizen dienden vaak als filmdecor en trekken honderdduizenden bezoekers. Als die een kwartiertje zouden omrijden, konden ze zien waar de basis van dit soort weelde is gelegd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden