Kan het ook een tijdje zónder die smartphone?

Meer een eigen koers varen

De smartphone ligt eeuwig onder handbereik, we zijn altijd bereikbaar én nieuwsgierig. Kan het ook een tijdje zónder? Ja dat kan.

Beeld Niels Stomps

Op een kleed in een verlaten duinpan lag eens een vrouw. Er was zand, er gonsden insecten, de zon scheen. Verder was er niets. Of wacht even, 4G, ja dat was er ook. De vrouw hoorde de golfslag in de verte en voelde een lome slaperigheid opkomen tot haar hand - swipe, klik, scroll - Facebook opende. Hé, ze zitten op het terras. Wat zit haar haar toch altijd goed. Weer een baby. Black lives matter. Eva is jarig, feliciteer haar. Kijk die salto. Moet je lezen. Festival. Like mijn pagina. Vluchtelingen. Is-ie in Berlijn?

Als een geconditioneerd labdier had de hand het mobieltje gevonden. De duinpan was naar de achtergrond verdwenen. De stilte werd niet gevuld door eigen gedachten, maar door de tijdlijn van een sociaal medium.

Verbonden wereld

We leven in een verbonden wereld, zeggen bedrijven als Google en Facebook vaak bijna poëtisch. Alle wereldburgers aan een draadloos infuus van internet. Iedereen altijd en overal online. Dat klinkt fraai, maar heeft een keerzijde - die steeds meer mensen beginnen te voelen.

De meeste plekken adverteren nog met een kosteloze en uitstekende wifi-dekking, maar het tij lijkt te keren. Bij het raam van een koffietent in mijn buurt prijkt het bordje: wifi-vrij. Binnen ontbreken de laptops, de meeste mobieltjes blijven verstopt.

Documentairemaakster Bregje van der Haak maakte recent voor VPRO-Tegenlicht de documentaire Offline als luxe. Gelijktijdig lanceerde de omroep - o, ironie - de white spots app, die provider- en wifi-vrije zones in de omgeving opzoekt. In Nederland blijken die nogal schaars. Behalve het ondergrondse aquarium van de Arnhemse dierentuin, een enkele 'stralingsvrije' camping en een kleine cirkel op de Veluwe is er geen ontsnappen aan.

Ook ik hunker naar dode tijd waarin mijn brein kan dwalen en mijmeren. Want hoewel ik doorgaans redelijk gedisciplineerd in het leven sta, lukt het me niet om mijn smartphonegebruik aan banden te leggen.

De eindeloze stroom berichten en achteloos te openen apps zijn als het obligate tijdschrift in de wachtkamer van de tandarts. Toch maar even bladeren. Maar bij de tandarts kom ik vrijwel nooit en die smartphone wóónt in mijn broekzak, tas of op de bank naast me.

Ben ik het, of is het mijn generatie? Dertigers en ouder, digitale migranten die pas als volwassenen kennismaakten met e-mail en mobieltjes. Apparaten zijn gemaakt om te multitasken, mensen niet. Tal van neurowetenschappers schreven de laatste jaren over het thema. De multitaskende mens is een mythe. Ook het kind dat eerder kan swipen dan praten, kan het niet.

(Tekst gaat verder onder foto).

Wouter van der Goes (43), Radio-dj

Van der Goes stopte zijn smartphone en iPad afgelopen winter een week in een kluis en deed op de radio verslag van zijn experiment. Tot zijn ergernis vond hij het afschuwelijk. Dat vreesde hij al. Het idee voor het experiment ontstond tijdens een autorit naar huis toen hij per ongeluk zijn telefoon in zijn jas laten zitten en die achter in de auto gegooid. Hij kon er niet bij en 'dat trok hij niet'. Op een parkeerplaats haalde hij zijn geliefde object terug, om tijdens het rijden wat berichtjes te kunnen sturen.

Om de ingesleten gewoonte van het telefoon grijpen te doorbreken, begon hij zijn detox-week. Goed, de rust en stilte waren weldadig, maar hij had vooral continu het gevoel dingen te missen.

De week kreeg geen vervolg, al probeert hij zijn mobiel nu iets vaker in zijn tas te laten en als hij met iemand uit eten is en diegene gaat naar de wc weerstaat hij de aandrang om meteen zijn telefoon te grijpen. Hij blijft soms dromen van de goede oude pre-digitale tijd maar hij is ervan overtuigd dat echt minder bereikbaar zijn gewoonweg niet kan. 'In die week had ik iedereen ingelicht dat we afspraken moesten maken en gewoon op tijd moesten komen. Voor even kan dat, maar dat accepteren mensen niet meer zomaar.'

Beeld Niels Stomps

Multitasken

Herhaaldelijk heeft onderzoek uitgewezen dat multitasken niets anders is dan het uitvoeren van losse taken achter elkaar. Het brein springt als het ware van de ene naar de andere taak en heeft telkens tijd (alleen over de hoeveelheid tijd verschillen de meningen) nodig om weer in de diepe concentratie te komen die je nodig hebt om een taak zo goed mogelijk af te ronden.

Maar hoe komt het dan dat we ons zo moeilijk kunnen onttrekken aan iets dat ons zo afleidt, opjaagt en misschien zelfs minder gelukkig maakt? Het is allemaal de schuld - goddank, we doen het niet zelf - van ons reflexbrein dat als een dopaminejunk zoekt naar vonkjes bevrediging. Elk appje, elk berichtje, elke ping doet dat brein opveren als een kleuter in een speelgoedwinkel - zelfs als de ontvangen informatie volslagen oninteressant of irrelevant is.

Dat reflexbrein, ook wel het intuïtieve brein genoemd, stuurt ons gedurende de dag. Het reageert op emoties en gemoedstoestanden en vooral op het hier en nu, legt psychologiehoogleraar aan de Universiteit Twente José Kerstholt uit.

(Tekst gaat verder onder foto).

Beeld Niels Stomps
Beeld Niels Stomps

Optimale creativiteit

Er is een soort 'strijd' gaande met ons denkende brein, dat reflecteert, logisch, analytisch en creatief denkt, vooruitkijkt en problemen oplost. Maar juist dat reflecterende deel heb je nodig om de informatie te selecteren en er zin en betekenis aan te geven.

Voor optimale creativiteit heb je nog een deel van het brein nodig dat de Vlaamse neurowetenschapper en publicist Theo Compernolle het archiverende brein noemt. Om zijn werk te kunnen doen, het leggen van nieuwe associatieve verbindingen, wacht dit deel van de hersenen permanent op pauzemomenten. Al duren die maar een paar minuten. Geen wonder dat goede ideeën geregeld onder de douche ontstaan.

Volgens Compernolle zien mensen rustpauzes tegenwoordig al snel als verloren tijd die ze opvullen met kleine taakjes. Even wat mail wegwerken, denken ze tevreden over hun eigen efficiëntie. Maar wanneer je die tijd leeg houdt verhoog je juist je productiviteit en tevredenheid is de gedachte.

Minder internetten bevordert ons concentratievermogen. En hoe beter we ons kunnen concentreren, des te tevredener, gelukkiger, creatiever én productiever we zouden zijn, volgens Compernolle.

Zou het echt? Om dat te onderzoeken leg ik mezelf een digitale pauze op en reis af naar Wapserveen. Daar organiseert 'stiltemaker' Sharon Huisman stilteretraites, inclusief ingeleverd mobieltje. Huisman (36) en haar vriend verruilden zes jaar geleden hun stadse leven in Utrecht voor een bestaan in een vijftig jaar oude Drentse leefgemeenschap aan de rand van de hei. Aan een Wapserveens landweggetje, ingeklemd tussen Darp, Havelte en Uffelte. Waar niemand techniekschuw (er is gewoon wifi en een communegroepsapp) is, maar het dagelijks leven toch vooral bestaat uit moestuinieren, timmeren en andere neo-hippieëske activiteiten.

Huisman - type zachte stem, lichte tred, Vrije School - deed een jaar of tien geleden eens een vipassana, zo'n Indiase meditatie-meerdaagse, 'waar je per dag tien uur zwijgend op een kussentje zit'. Vond ze niks. Later volgde ze een ander soort stiltekamp bij een vrijwilligersclub. Daar werd fikkie gestookt, gezwommen in een meer en geschilderd. Als je iemand aankeek mocht je gewoon glimlachen. Dat leek er meer op en enkele jaren terug besloot ze zelf iets soortgelijks aan te bieden.

(Tekst gaat verder onder foto).

Patty Golsteijn (31), Ondernemer en coach

Ze beantwoordt haar mail niet elke dag. Zoals veel digitale lijners is ze een potentieel grootgebruiker. Enthousiasme, altijd meer, altijd 'aan', noemt ze haar valkuil. Om zichzelf in bescherming te nemen experimenteerde ze met het verwijderen van alle sociale apps van haar telefoon. 'Die heb ik toch jaren níét gehad, maar ik heb ze teruggezet en ze beginnen alweer te veel van mijn aandacht op te slokken.'

Ze probeerde ook de telefoon van reclamemaker John Doe: John's Phone, een mobiel waarmee je alleen kunt bellen. Hield ze vier maanden vol. 'Je kan er niet mee sms'en en ik miste Google Maps.' Golsteijn wil ook niet echt stoppen, zoals de meeste minderaars. Want wifi en sociale media zijn vooral hartstikke leuk en handig. Het is zoeken naar 'de juiste mix'.

Beeld Niels Stomps

Dus lopen op zomaar een vrijdag in juli vijf vrouwen en een man in stilte achter elkaar op de heide bij Halsterberg. Het is nog vroeg, de dauw dampt boven de grond, de zon kruipt boven de boomkruinen uit. Een groep militairen van de nabijgelegen basis jogt rakelings voorbij. Goedemorgen roept de voorste. Het klinkt als een commando. Een iemand zegt iets terug.

Vijf vrouwen en een man, globaal tussen de 30 en de 40, levend in steden, vastgeklonken aan hun smartphones, drukke banen, de helft een gezin, zoeken stilte. Een voor een leveren ze hun telefoon in. Twee deelnemers besluiten hun apparaat uitgeschakeld in hun tas te bewaren. Achteraf zegt een van hen: 'Ik heb er drie keer mee in mijn hand gestaan en moest mezelf enorm bedwingen.'

Een paar seconden lang voelt het alsof ik al mijn vrienden en het contact met de wereld weggeef. Een genante observatie, al verzocht de kalme stem van Huisman ons zojuist geen oordelen te vellen over de dingen die we zouden gaan voelen. Het duurt even voordat de tijd verstild. Als we na het avondmaal de heide opwandelen denk ik nog een paar keer aan de foto's die ik met mijn telefoon had kunnen maken.

Offline als luxe

Bekijk via deze link de documentaire Offline als luxe, uitgezonden door Tegenlicht.

Het zwijgen is daarentegen vrijwel onmiddellijk weldadig. Geen beleefdheidsfrasen, niet luisteren naar ratelende mensen die een reactie verwachten. Maar hoe stiller het om me heen wordt, hoe drukker het van binnen blijkt. In mij is het helemaal niet stil. Het lijkt er wel een overvol café. Gedachten die zich aandienen als rinkelende glazen, gelach, muziek, geschreeuw en geroezemoes. Grote Levensvragen afgewisseld met alledaagse trivia. Wat zal ik morgen eten? Ben ik wel gelukkig? Alsof je met een bekende probeert te praten, terwijl een dronken passant iets onbegrijpelijks in je oor tettert.

Het is best een schokkende gedachte dat dit interne café elke dag open is, terwijl ik met andere dingen bezig ben en niet eventjes ga zitten voor een drankje.

Terug op het terrein steekt Huisman een kampvuur aan. Het vuurstaren maakt loom. De enige aanwezige man legt als eerste nieuwe blokken op het vuur. In bed denk ik even aan mijn bank thuis, aan de laatste aflevering van een serie die ik zou kunnen kijken, met een glas wijn in mijn hand. Met het geluid van een zoemende vlieg val ik in slaap.

Het eerste dat opvalt is de lege tijd. Waar je normaal een soort takenlijst hebt die je afwerkt, hoef je hier zelfs niet voor je eigen eten te zorgen. 'Uit de doe-modus gaan', noemt Huisman het en 'gewoon zíjn'. Het tweede zijn de geluiden. Alsof oren in de stilte scherper zijn afgesteld: vliegen, de krakende deur, regen op het dak, vogels, wind, de deur van de houtoven.

Een van mijn collega's keek me verwonderd aan bij mijn zoektocht naar digitale rust. Kijk je dan de hele dag op je telefoon, ook in het weekend? Vroeg hij als een 19de-eeuwse antropoloog die een inboorling ontmoet. Hij, een veertiger, is een bewust digibete burger. Geen smartphone, geen Facebook. Whatsapp kent hij alleen van horen zeggen. Hij vergeet gerust dagen achtereen zijn telefoon op te laden. Tot hij een boos mailtje van zijn chef krijgt, in kapitalen: ZET JE TELEFOON AAN EN NEEM OP. Hij - immer goed geluimd, zou het zijn digibetisme zijn? - vaart er wel bij, alleen mensen in zijn omgeving stoort het soms.

Jojanneke van den Bosch (41), Onlinestrateeg, schrijver en spreker.

Van den Bosch is een early adopter. Ze blogt sinds 2002 en was een van de eerste honderd twitteraars in Nederland. In april van dit jaar nam ze een digitale pauze omdat ze niet meer kon ontspannen. De eerste week wilde ze continu foto's nemen en dingen delen. Wat niet vreemd is, als je van veertig tweets per dag naar nul gaat.

Het voelde goed. Het leek zelfs alsof ze zelf ook minder meningen had, nu ze ze niet meer deelde. Ze voelde zich vrijer, zonder de eeuwige zoektocht naar waardering van de buitenwereld via het nauwgezet bijhouden van je likes. Alsof ze meer op haar eigen koers kon varen. Ook prettig: geen batterijstress meer.

Een week was het plan, het werd een maand. Omdat het zo lekker was: meer gemoedsrust, meer inspiratie, meer zien, meer buiten zijn, gewoon foto's maken met haar camera. Maar omdat sociale media ook geweldig zijn en het bovendien haar broodwinning is, keerde ze terug. De haat-liefdeverhouding met haar telefoon, die ze als earlyadopter járen geleden ontdekte, zal blijven.

Alle deelnemers zoeken een deel van het kwaad buiten zichzelf: ánderen verwachten dat je snel reageert op een mail of appje. Je moet wel. Maar moet je ook de hele dag door, voor het slapengaan en meteen na het ontwaken?

Ik besluit dat ik het niet meer wil. Iedereen heeft zijn eigen verlokkingen. Of het nu het nieuws, buienradar of Snapchat is. Elke duim maakt een eigen routineuze rondgang. Ik wil minder onrust, minder Whatsapp, minder foto's maken, minder Facebook en minder mail checken.

Beeld Niels Stomps

Verslaving

Die avond krijgen we onze telefoons terug. Heel even kijken we als verlamd naar de levenloze apparaten in onze handen. Een voor een gaan ze aan en stromen de rode pushberichticoontjes met getallen vol. Whatsapp, klinkt het als uit een mond, op de vraag waar we het eerste naar gaan kijken. De een wacht iets langer dan de ander, maar uiteindelijk verliezen we ons allemaal in onze 104, 84, 78, 71 en 53 ongelezen berichten.

Een week later probeer ik niet meer onmiddellijk op appjes te reageren - wat overdag aardig gaat, maar 's avonds niet. Ik wil Facebook van mijn telefoon gooien maar stel het vooralsnog uit. En de pas aangeschafte wekker heeft er nog niet voor kunnen zorgen dat ik mijn telefoon al vaker dan één nacht in de huiskamer heb achtergelaten. Verslavingen doorbreek je blijkbaar niet met één stiltepauze.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.