Kak, daar is ze goed in

De koningin is het leukst om na te doen. Sanne Wallis de Vries heeft iets met haar, lijkt snel op haar, kan haar stem gemakkelijk imiteren....

Hoe praatte de koningin vroeger als ze de kinderen instopte? Wáltrústán? Wat denkt ze? Daar ben je toch nieuwsgierig naar? Stel man, je bent de koningin van Nederland: hallo! Hoe doe je dat?

De wens Beatrix te imiteren had Sanne al vanaf het begin dat ze meedeed met het cabaret in Kopspijkers. Raar genoeg rustte er het eerste seizoen een vaag soort taboe op. Het koningshuis hè. Als je met z'n drieën aan tafel bij Kopspijkers zit, bespreek je het nieuws met elkaar. Maar de koningin, die nooit iets mag zeggen, kun je toch geen woorden in de mond leggen?

In het jaar daarna zei Beatrix niks over het huwelijk van haar zoon met Máxima, ze zei niks over de ouders van Máxima, ze zei niks over Fortuyn en toen volgde de moord op Fortuyn en toen zei ze nog niks. Beatrix moest nu toch eens iets gaan zeggen, besloten ze in de Kopspijkersvergadering. Yes!, vond Sanne, maar dan moest ze ook écht iets zeggen, niet te voorzichtig. Een rechtse antimonarchist doodgeschoten, daar konden ze toch een goede tekst op maken?

De daaropvolgende uitzending liet Sanne de koningin verklaren: 'Als iemand die táegen de monarchie is, wordt vermoord door iemand die táegen de jacht is, spreken wij op het paleis van een winwinsituatie.' Ohooooooooo, deed de zaal geschokt. Ji¿j wilde het, zei mede-imitator Owen Schumacher naderhand tegen Sanne.

Er gebeurde niks. Niemand protesteerde. Zo hoort het ook. Het was gewoon humor aan het einde van een zaterdagavondprogramma. En goede humor legitimeert alles. Je mag overal grappen over maken. Als ze maar goed zijn.

Dus wat ging die Balkenende de mist in toen hij zich dit jaar zo opwond over satire op het koningshuis. Dacht ie iets te doen voor de koningin en zette ie haar alleen maar verder voor het blok. In al die roddelbladen staan: dat is erg. Gefotografeerd worden in je bikini tijdens je vrije weekend: dat is kwetsend. Maar Kopspijkers? Satire is gezond. Het lucht op. Een nar heeft een functie in de samenleving.

Prinses Laurentien is ook heel leuk om te imiteren. 'Ik hoor d'rbi`ji`j, bij De Familieeeej.' Een soort wethouder Hekking. 'Ik heb óók een hoed.' Kak, daarin is Sanne goed. Een persoonlijkheid werkelijk te pakken hebben is fantastisch. De clou van mensen nadoen is dat je twee kenmerken van ze uitvergroot - je kunt nooit iemand in al zijn complexiteit laten zien. Bij Laurentien zijn dat (1) haar gebit omdat ze altijd haar tanden laat zien en (2) haar ogen die zo gretig heen en weer flitsen. Hoewel dat in het echt ook wel meevalt hoor. Die parodie is gewoon grappig bedoeld, meer is het niet.

Toen Tineke Netelenbos nog minister was keek ze elke zaterdagavond met haar man, in de hoop dat ze erin zat. 'Ik lijk goed', had ze gezegd, 'alleen dat lachje heb ik niet.' Had Tineke gelijk in. Dat lachje deed Sanne om aan te geven dat Tineke zich weer eens had vastgeluld.

Wie Sanne graag nog eens zou willen spelen? Connie Palmen. Die zuipt en die rookt en die schrijft. En dan heeft ze ook nog zo'n kapseltje en zo'n duidelijk accent. Gewoon een dankbaar type. Die heb je soms.

Verder is het cabaret in Kopspijkers voor Sanne vooral iets ernaast. Anderen imiteren is niet haar hoofdambitie. Dat was ook het bizarre van de rel die Balkenende veroorzaakte met zijn kritiek. 'O, ik hoop dat ik niet de geschiedenis in ga als het meisje dat de koningin nadeed', dacht Sanne.

Komend jaar zal ze vaker aanschuiven aan de tafel van Kopspijkers. Wekelijks kijken daar drie miljoen Nederlanders naar, gelukkig realiseert ze zich dat nooit. Sanne heeft meer tijd, omdat ze na Stuk even geen nieuwe solovoorsteling doet.

Op het podium voelt ze zich duizend keer zelfverzekerder dan in het echte leven. Het is een cliché, maar waar: dan transformeert ze; komt ze in een andere staat. Dan kruipt ze in de huid van Sanne Wallis de Vries als optreedpersoon. Die niets te maken heeft met de dagelijkse Sanne. Tenzij het een slecht optreden is en haar gedachten afdwalen naar haar vriend Jackó, de boodschappen, haar net overleden goudvis Vippie (6).

Op het podium heeft zij de avond in handen. Ik weet waar we heengaan mensen, ik weet waar het naartoe gaat, kom maar op. In het gewone leven gebeurt maar gewoon van alles, zonder een aanwijzing, zonder voorspelbare afloop. In de voorstelling loopt het tenminste netjes af: einde. Daarna verandert ze weer langzaam in de gewone Sanne.

Daarom werkt het signeren van cd's meteen na de voorstelling ook niet. Dan is het publiek getuige van haar aftakeling, verkeert ze nog tussen twee werelden. In licht dat ze niet zelf heeft uitgekozen, tegenover mensen die ze niet kent, in een ongecontroleerde situatie. Overgeleverd.

Performen is overtuigen. Gisteren was Elvis op de televisie. De oer-performer. De ultieme performer. Wat een plezier om naar te kijken. Hoe langer Sanne optreedt, hoe beter ze de kunst begrijpt. Het is een toestand die je oproept. Jij moet het doen, die avond, mét het publiek. Niet ondanks het publiek, ofwel het monster. Dit wordt een leuke avond, vertrouw maar op mij, ik neem de verantwoordelijkheid. Binnen tien minuten moet je een pact gesloten hebben met de zaal. Als jullie nu niet aanhaken houdt het op.

Van kleins af aan wist ze: dit wil ik en dit kan ik. Ik kan optreden en mensen aan het lachen maken. Toen ze als 6-jarige Jasperina de Jong voor het eerst op de televisie zag, wist ze dat ze later ook zoiets zou doen. Geen idee waar ze het talent vandaan heeft. Maar het is ook iets wat je ontwikkelt. Leren en les krijgen en repeteren zijn wonderschoon. Het is zó leuk om beter te worden. Elke dag zangoefeningen doen en op een gegeven moment merken dat je stem getraind is.

Stuk, haar derde avondvullende soloprogramma, was de meest extreme voorstelling tot nu toe. Er zitten geen grappen in van: even gemakkelijk tussendoor. Sanne doet wat ze wil doen. Misschien is het wel zo dat hoe uitgesprokener je bent, hoe gemakkelijker je het publiek meekrijgt. Als je zelf niet goed weet wie je bent of wat je wilt, is het voor de toeschouwer moeilijker zich over te geven.

Laatst schreef ze: 'Ik geloof dat ik niet ijdel genoeg ben om mezelf lelijk te vinden.' Zo vindt ze zichzelf er ook te weinig toe doen om een moreel standpunt uit te dragen op het podium. Heel vaak kreeg ze te horen: ben je eigenlijk wel geëngageerd? Ja, antwoordde Sanne altijd, want dat is ze (en als het niet zo was zou ze het ook nog wel zeggen). Het is alleen maar de vraag wat je ermee doet in het theater. Wie publiek wil voorhouden wat goed en fout is, moet dominee worden.

Sanne ageert in haar voorstelingen, ze hoopt zelf iets teweeg te brengen, in plaats van te reageren op het wereldnieuws. Haar programma's gaan over mensen, miscommunicatie, hun onderlinge contacten en wat ze elkaar kunnen aandoen - op alle niveaus. Het publiek moet aan het denken worden gezet, mentaal even door elkaar worden geschud, lachen of tranen, dat maakt niet uit.

Wat is waarheid? Die vraag vormt de kern van haar programma's en daarmee zijn ze evengoed geëngageerd. Wat is waar? Wanneer weet je iets zeker? Vragen die haar ernstig bezighouden - voor een tentamen wetenschapsfilosofie haalde ze eens een 9.

In haar eerste voorstelling, Sop, speelt ze een Amsterdamse man: 'Alles is versonne.' Zo is het. Jij denkt dat je zelf bepaalt wat je aantrekt, maar twee jaar geleden lag dat al voor je klaar in een kelder. De ontwerper bepaalt wat je draagt. Is jouw mening ook jouw mening? Of is dat voornamelijk de mening van de kranten die je leest en de televisieprogramma's die je ziet? In Stuk vraagt ze zich af in hoeverre herinneringen berusten op waarheid. Of zijn het vooral interpretaties van hoe jij het verleden beleeft?

Jan Mulder probeerde Sanne bij Barend & Van Dorp te ontlokken wat ze stemt. Dat doet er nu juist niet toe: 'Wat ben je toch voorspelbaar', zei ze tegen Mulder. Lastig is dat ze zo'n hoofd heeft waaraan je meteen ziet dat ze zich ergert. Als ze dat probeert te verbergen zie je dat ook weer meteen. Een vrij chagrijnige kop gelijk, maar daar kan ze ook niets aan doen.

'Ben je wel gei¿nteresseerd in politiek', werd haar gevraagd. Ja, zei Sanne, gewoon ja, verder niets - ze hing ook wat afwezig achterover, zag ze later op de videoband. Naast haar zat Heike Hupseknotsemans, de vroegere lijsttrekker van Leefbaar Nederland, die oostblokdame van 22. Die het er allemaal niet beter op maakte, want die zat daar zo Fries onverzettelijk: ik-ga-ditgewoon-doen!

Toch viel het best mee, in vergelijking met een interview bij Hanneke Groenteman in het begin van haar carrière. Stevig bierdrinkend wimpelde Sanne vragen af: 'Ja, weet ik veel.' Intussen heeft ze geleerd dat ze bij dat soort optredens van tevoren duidelijk moet weten welk verhaal zij wil vertellen. Ze moet daar niet afwachtend gaan zitten en zich laten leegzuigen. Of geprikkeld antwoorden (maar wel oprecht): 'Kom kijken naar mijn voorstelling, als je dat wilt weten.' Schiet niemand iets mee op.

Ze is vrij links van het midden - op een groene manier. Maar wat is nog links en rechts? Verbazingwekkend vond ze de verwondering van links-intellectueel Nederland over de snelle opkomst van Fortuyn. Je weet toch dat het morrelt in die wijken dacht ze, zelf woonachtig in de Amsterdamse volksbuurt De Pijp, dat weet je toch als je om je heen kijkt? Ze hadden geen idee. Enorm elitair. Je kunt ook alleen maar van die softe theorietjes ontwikkelen als je het zelf gewoon goed hebt.

Ze sprak laatst iemand die zich in de islam heeft verdiept en Sanne de vrouwonvriendelijke kant ervan voorhield. 'Dat jullie vrouwen niet veel bozer zijn', zei hij. 'Ik hoor jullie niet.' Natuurlijk is Sanne kwaad. Maar wat kan ze ermee? Terwijl het nota bene onder haar eigen ogen gebeurde. Haar Marokkaanse werkster vertrok bij haar man omdat hij er zo agressief van werd dat zijn vrouw zich onafhankelijker ging opstellen.

Na een nacht stappen met vriend Jackó op een Grieks eilandje belandden ze in een klein café bij de haven. Het begon al licht te worden; een paar priesters wachtten op de boot. Ineens begon ze een monoloog over religie en achterlijkheden en vrouwenonderdrukking. Daar kon geloof toch niet voor bedoeld zijn! Jackó mompelde iets van: 'Ik wist niet dat jij zo uh. . .

Sanne verbaasde zich alleen over de vurigheid waarmee het er allemaal uitkwam. Maar wat moet je met zo'n felle monoloog in het theater? Vrouwen die twee passen achter hun man moeten lopen, de agressie op straat, de doorgeschoten tolerantie. Je kunt wel roepen: weg ermee!, maar dan houdt alles op. Dat is te gemakkelijk.

Het leven is nogal een kluif. Wie worstelt er niet? Eigenlijk begint Sanne het nu pas leuk te vinden. Vroeger kon ze verzuipen in doemgedachten.Heel lang heeft ze gedacht: waarom zou ik gezellig de tafel dekken en lekker eten als ze dat in Afrika niet kunnen? Waarom zou ik genieten als er bij mij om de hoek brandhaarden zijn?

Tegenwoordig begrijpt ze dat je een completer mens wordt als je jezelf geluk toestaat. Je functioneert slechter als je niet blij bent met wie je bent of wat je hebt. Heel langzaam is tot haar doorgedrongen dat wie wil presteren, ook ontspanning moet zoeken. Ze treedt beter op als haar huis op orde is en ze gezond is en goed voor zichzelf zorgt. Ja, het is niet genieten om het genieten, die calvinistische inslag heeft ze nu eenmaal.

Pas geleden was ze nog bij haar Beppe. Die heeft zo'n ander leven gehad. Binnen een eeuw is alles zo veranderd. Haar vader zegt weleens: 'De wereld verandert heel snel, maar mensen niet - die houden in wezen dezelfde basisbehoeften.'

Komend jaar gaat ze een huis zoeken met Jackó. Ze heeft nog nooit samengewoond. Misschien krijgen ze wel kinderen.

Jezus, Sanne moet oppassen dat ze niet te mild wordt. Zoals ze Beatrix liet zeggen tegen het Kopspijkers-cabaret, de dag na de uitval van Balkenende: 'Tandje erbáj jongens. Het kan best wat harder.'

Ze heeft zin een filmpje te maken met de drie schoonzusjes. Mabel, Máxima en Laurentien die commentaar leveren op een voetbalwedstrijd. Goed man.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden