Juste la Fin du Monde rekt de grenzen van het verdraagbare op

Je moet iets masochistisch hebben om zo vlak voor Kerst uit vrije beweging twee uur lang naar een disfunctionele familie te willen kijken, zonder happy end.

Nathalie Baye in Juste la fin du monde.

In Juste la Fin du Monde rekt regisseur Xavier Dolan de grenzen van het verdraagbare ver op.

Twaalf jaar lang heeft de jonge homoseksuele schrijver Louis zijn familie niet gezien of gesproken. Af en toe stuurde hij een kaartje, meer niet. En nu is hij terug: hij wil zijn familie vertellen dat hij terminaal ziek is.

Waarom Louis er ooit vandoor ging, laat Juste la Fin du Monde in het midden. Maar regisseur Xavier Dolan heeft er slechts een paar minuten voor nodig om zijn beslissing op zijn minst invoelbaar te maken. Louis is de voordeur amper gepasseerd, of het begint al: het gehakketak, het gevit, de gemene stoten onder de gordel. Zijn moeder, broer en zus praten door en langs elkaar heen, zonder naar elkaar te luisteren. Dodelijk vermoeiend.

Juste la Fin du Monde is gebaseerd op het gelijknamige theaterstuk van de aan aids overleden Jean-Luc Lagarce. Dolan is op papier een goede keuze als regisseur voor de verfilming. 'Een wonderkind' wordt de 27-jarige regisseur genoemd. Hij maakte zes speelfilms, waarvan er vijf in wereldpremière gingen in Cannes. En, belangrijker nog: hij heeft een voorliefde voor verziekte familieverhoudingen en explosieve personages, zo blijkt onder andere uit benauwende films als J'ai tué ma mère (2009) en Mommy (2014).

Drama - Juste la Fin du Monde (***)

Regie Xavier Dolan
Met Gaspard Ulliel, Marion Cotillard, Lea Seydoux, Vincent Cassel
97 min., in 30 zalen.

In Juste la Fin du Monde rekt Dolan de grenzen van het verdraagbare nog verder op. In elk gesprek dreigt escalatie. Die schreeuwt tegen die, verwijt zus volgt op verwijt zo. De schematische opzet van de film leidt er keurig toe dat elk van de familieleden even een moment alleen krijgt met Louis. Maar dat, noch de sterrencast met onder anderen Marion Cotillard, Lea Seydoux en Vincent Cassel, kan de personages echt verder verdiepen. Langzaam maar zeker wordt die zwijgzame Louis (Gaspard Ulliel) met zijn superieure glimlachje, zelfs nog irritanter dan zijn luide familieleden.

Ondertussen gaat Dolan ook nog eens lekker bovenop alle acteurs zitten. Hij vangt ze in close-ups, waardoor er voor de kijker geen ontkomen aan is. En dan, net als alles te veel dreigt te worden, laat Dolan de touwtjes vieren met een leuk dansnummer in de keuken op het kitscherige Dragostea Din Tei van O-Zone, draait hij het geruzie weg naar de achtergrond of dient hij wat felgekleurde jeugdherinneringen op.

Boe-geroep

Of dit werkt, hangt af van de kijkers persoonlijke tolerantiegrens voor geschreeuw. Door sommigen wordt J'ai tué ma mère hartgrondig gehaat: toen Dolan in Cannes de Grote Prijs van de jury won, klonk er boe-geroep. En ja, je moet iets masochistisch hebben om zo vlak voor de Kerst uit vrije beweging anderhalf uur lang naar een disfunctionele familie te willen kijken, zonder happy end. Naar huis te gaan met het gevoel alsof er een vrachtwagen over je heen is gereden. Maar toch: het blijft knap dat een film het gevoel zo kan manipuleren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.