Julia Wolfe (58) brengt koormuziek naar de gewone mens met Antracite Fields

'Ik ben altijd gevoelig geweest voor spanning in muziek, voor het rauwe, vitale, fysieke'

Haar koorwerk over de mijnwerkers van Pennsylvania maakte Julia Wolfe geliefd bij 'gewone mensen'. Dat was even wennen.

Groepje breaker boys uit de mijnen van Pennsylvania, een helse machinerie van kinderarbeid. Beeld Library of Congress

Geniepige geluiden sijpelen door de concertzaal van State College, een studentenstad in Pennsylvania. Er schemert iets, er kreunt iets. De bromtoon van een basklarinet welt op, luguber als een druppel lijkvocht. Plotseling schraapt de muziek als een puinvergruizer. Om weer terug te zakken in gereutel.

Als de soundtrack van een horrorfilm begint Anthracite Fields, een prijswinnend muziekstuk van Julia Wolfe. Amerika's beroemdste vrouwelijke componist schreef de noten in 2014, als ode aan de slachtoffers die rond 1900 vielen in de antracietwinning van Pennsylvania. Zondag, in de Koorbiënnale, klinkt de Nederlandse première.

Behalve met gruwelimpressies uit de mijnschacht strooit Wolfe (58) in Anthracite Fields met snippers pop en rock. Minimal music à la Steve Reich trekt een spoor van repeterende patronen. En dat ze schatplichtig is aan de Nederlandse componist Louis Andriessen, blijkt uit ritmes die onbarmhartig beuken.

Een ratjetoe? Niet volgens de jury die Wolfe voor haar oratorium in 2015 de Pulitzerprijs toekende in de categorie nieuwe muziek, 10 duizend dollar groot. Ook niet volgens de commissie die haar vorig jaar bevorderde tot MacArthur Fellow, een aanmoedigingspremie zoals alleen Amerika die kent. Vijf jaar lang krijgt Julia Wolfe elk kwartaal ruim 31 duizend dollar bijgeschreven. Straks is ze zo'n 560 duizend euro rijker.

Julia Wolfe

'Ik ben er nog steeds beduusd van', zegt ze. De componist zit op een hotelsofa in State College, 400 kilometer landinwaarts bij New York. Ze is, in zwart broekpak en een witte blouse, alvast gekleed voor de uitvoering van haar prijsstuk door het Penn State Concert Choir en de Bang on a Can All-Stars.

'De erkenning is fijn. Het is niet altijd gemakkelijk als kunstenaar te overleven. Maar na Anthracite Fields heb ik vooral moeten wennen aan het feit dat mijn muziek opeens ook gewone mensen aanspreekt. Nog nooit heb ik zoveel e-mails gekregen. Na een concert komt altijd wel iemand me met tranen in de ogen bedanken.'

Gewone mensen, die vind je in de ivoren toren van de moderne muziek inderdaad weinig. Als het Julia Wolfe lukt ze 65 minuten te boeien en te ontroeren met koormuziek en instrumenten als cello, piano en elektrische gitaar, hebben we met Anthracite Fields wellicht een meesterwerk te pakken.

De emotionele kracht van haar muziek wordt ter plekke bevestigd. Joseph Helinski, fris en monter als een 23-jarige maar kan zijn, zingt als bas mee in het studentenkoor. 'Bij de repetities kreeg ik het soms te kwaad. Ook bij anderen zag ik het gebeuren.'

Eén passage hakte erin, bij Helinski: de lijst met slachtoffers die Wolfe in een mijnregister aantrof. In een minutenlange trance herhaalt de ene koorhelft steeds de voornaam John. De andere helft vult sereen de achternamen in. Ace, Art, Ash. Bab, Backs, Baer. Ring, Ripp, Rist. 'Het is een treurige litanie van immigranten die zich dood hebben gezwoegd', zegt Helinski. 'En dan alleen nog maar de Johns.'

Lof van de elite, lof van het volk. En dan te bedenken dat muziek niet eens Wolfes eerste keus was. Sociale politiek moest het worden, aan de universiteit van Michigan. Als student zette ze haar tanden in lappen tekst van Karl Marx en Friedrich Engels, filosofen die het proletariaat als klasse hadden ontdekt.

Tussendoor tokkelde ze hooguit op een dulcimer, het ranke snaarinstrument dat schittert in volksmuziek uit de Appalachen. Of ze zong Sandy Denny na, de gouden keel van de Britse folkrockband Fairport Convention. 'Op een dag nam een vriendin me mee naar een klasje creative musicianship. Diep van binnen voelde ik iets resoneren. Ik dacht: hiermee wil ik verder.'

Nadat ze was bijgespijkerd in de theorie van toonladders, akkoorden en ritmes, kon ze voor een serieuze muziekstudie terecht op de universiteit van Yale. Later, in New York, liep ze twee zielsverwanten tegen het lijf, de componisten David Lang en Michael Gordon. Ook zij wilden de hedendaags-klassieke muziek redden van serialisme en andere Europese moeilijkdoenerij. Ook zij meenden dat het voorbij moest zijn met de grenzen tussen klassiek, pop, jazz, folk, rock en barok.

Inkervend koorfeest

Oren en grenzen worden opgerekt in de Koorbiënnale.

Koormuziek keurig en saai? Wie in die waan leeft, moet hoognodig naar de Koorbiënnale. De negende editie, die vanavond begint, speelt zich tot en met zondag 9 juli af in Haarlem en Amsterdam. De grenzen van oude en nieuwe koormuziek worden verkend door kanjers als Cappella Amsterdam, Nederlands Kamerkoor, Lets Radiokoor en Huelgas Ensemble. Het festivalkoor van liefhebbers werkt toe naar Carl Orffs hit Carmina Burana, in de pianoversie met Lucas en Arthur Jussen. Er zijn Hofjesconcerten en een Korennacht. Plus, in het Amsterdamse Muziekgebouw aan 't IJ, de Nederlandse première van Anthracite Fields, een inkervend kolenoratorium van Julia Wolfe.

Koorbiënnale.nl

Met z'n drieën vormden ze in 1987 het dwarse muziekcollectief Bang on a Can. Toen Louis Andriessen het trio voor het eerst ontmoette, had hij het snel gezien. 'Julia oogde het rustigst en beleefdst', zei hij tegen een Amerikaanse journalist. 'Maar haar muziek was het scherpst en agressiefst.'

'Klopt', zegt Wolfe. 'Ik ben altijd gevoelig geweest voor spanning in muziek, voor het rauwe, vitale, fysieke. Een van mijn docenten vroeg zich ooit af: waarom schrijven vrouwen toch altijd van die poezelige stukjes voor fluit en piano? Ik dacht: dat zal mij niet gebeuren!'

Componeeropdrachten krijgt ze vooral uit vooruitstrevende oorden als New York en Europa. Tot iemand wakker schrok in Pennsylvania, haar geboortestaat. 'Of ik een stuk wilde schrijven voor een koor in Philadelphia. Ik dacht: dan wil ik iets met de streek doen ook.'

Speurend naar een onderwerp schoot Wolfe een scène te binnen uit haar jeugd. Montgomeryville, jaren zestig. Met haar twee broers nestelt ze zich bij pa en ma op de achterbank. Aan het eind van de plattelandsweg bereiken ze Route 309. Vader, huisarts, slaat rechtsaf. Het gezin gaat cultuurhappen in Philadelphia.

'Linksaf sloegen we zelden. Daar lag Coal Country. Alles die kant op had de spannende geur van het Wilde Westen. Het was onbekend terrein, ook al had ik een oma die was opgegroeid in het mijnstadje Scranton.'

Met de compositieopdracht op zak besloot Wolfe er toch eens te gaan kijken. Ze liep binnen in het Anthracite Heritage Museum. Ze leerde er dat antraciet de parel was van de steenkoolbranche: lange brandtijd, weinig rook. Ze zag de keerzijde van de industriële voorspoed: tussen 1870 en de laatste mijnsluiting in 1993 vielen in Coal Country ruim 30 duizend doden. Onthutsend vond ze de foto's van breaker boys, smoezelige lopendebandjongens die de kolen scheidden van het puin.

Wolfe ging op bezoek bij de nazaten van mijnwerkers. Ze las boeken en oude kranten, pende notitieblokken vol. 'Gaandeweg leerde ik de trieste historie kennen. Maar ik ontdekte ook een andere kant: onder mijnwerkers heerste grote kameraadschap. En ik stuitte op ontroerende details, zoals de bloementuintjes die men kweekte, om aan het leven nog een beetje fleur te geven.'

Deel vier van Anthracite Fields heet Flowers. Boven een tokkelgitaar zingen zonnige vrouwenstemmen over rozen en lelies, magnolia's en wisteria's, zonnebloemen en lavendel, irissen en asters, vergeet-me-niet, vergeet-me-niet, vergeet-me-niet.

Wolfe heeft lang aan het libretto zitten schaven. 'Ik had ook zó veel materiaal.' Uiteindelijk hield ze vijf teksten over. Naast de namenparade en het bloembed is dat bijvoorbeeld een citaat uit de toespraak van een vakbondsman. Zondag in het Amsterdamse Muziekgebouw aan 't IJ zal de gitarist van de Bang on a Can All-Stars met jankende popstem zingen over het vlees en de botten die zijn vermorzeld in de industriële machine die Amerika heet.

'Mijn muziek gaat nooit over noten alleen', zegt Julia Wolfe. 'Maar ik politiseer niet en weiger voor te schrijven wat de luisteraar moet denken. Die is intelligent genoeg.'

Naar de première in 2014 kwamen de mannen en vrouwen met wie ze tijdens haar research had gepraat. 'Ik dacht: benieuwd hoe jullie reageren, per slot van rekening schrijf ik geen Top-40-hits.' Tot haar verbazing raakte de muziek een snaar. Anthracite Fields bleek aan iedereen een ingang te bieden. Behapbare ritmes. Melodieën met een kop en een staart.

En natuurlijk helpen de beeldprojecties. Neem deel twee, Breaker Boys, rond de herinneringen van een kolenjoch. 'Handschoenen dragen mocht niet. Vingernagels had je niet. Het was bloeden, elke dag.' Op een filmscherm boven het koor verschijnen jongens met besmeurde snoetjes. De muziek krijgt een opgewonden groove, je hoort de kolen als het ware stuiteren. Heel de helse machinerie van kinderarbeid mondt uit in een fietswiel dat ratelend tot stilstand komt.

Een fietswiel? Al dat prijzengeld gaat naar een componist die een fietswiel in een stellage schroeft, er een zwengel aan geeft, waarna de spaken ratelend langs een stokje gaan?

Slik in, dat hoongelach. Want in State College, Pennsylvania schiet de brok in de keel bij het besef dat het draaiende fietswiel het wiel is waartegen je vroeger als kind met een knijper een kartonnetje klemde. Krrrr... hoorde je dan, je had een motor!

Van dat plezier kon een breaker boy alleen maar dromen.

Julia Wolfe: Anthracite Fields. Bang on a Can All-Stars, Cappella Amsterdam, Utrechtse Studenten Cantorij o.l.v. Daniel Reuss. Amsterdam, Muziekgebouw aan 't IJ, 2/7, 15.00 uur.

Componist Julia Wolfe

1958 wordt op 18 december geboren in Philadelphia

1984 gaat compositie studeren aan de universiteit van Yale

1987 richt het muziekcollectief Bang on a Can op, samen met de componisten David Lang en Michael Gordon (met wie ze is getrouwd)

1992 wint een Fullbright Scholarship, waarvan ze een jaar in Amsterdam woont

2009 wordt compositiedocent aan de universiteit van New York

2015 krijgt de Pulitzerprijs voor het oratorium Anthracite Fields

2016 wordt verkozen tot MacArthur Fellow

2018 nieuw oratorium over de kledingindustrie voor het New York Philharmonic Orchestra en dirigent Jaap van Zweden

Componist Julia Wolfe

1958 wordt op 18 december geboren in Philadelphia

1984 gaat compositie studeren aan de universiteit van Yale

1987 richt het muziekcollectief Bang on a Can op, samen met de componisten David Lang en Michael Gordon (met wie ze is getrouwd)

1992 wint een Fullbright Scholarship, waarvan ze een jaar in Amsterdam woont

2009 wordt compositiedocent aan de universiteit van New York

2015 krijgt de Pulitzerprijs voor het oratorium Anthracite Fields

2016 wordt verkozen tot MacArthur Fellow

2018 nieuw oratorium over de kledingindustrie voor het New York Philharmonic Orchestra en dirigent Jaap van Zweden

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.