Interview Jules Deelder

Jules Deelder wordt 75, en dat wordt in stijl gevierd

Beeld Adriaan van der Ploeg

Er is een speciale gin, in de geest van schrijver-dichter Jules Deelder, voor 75 euro de fles.  En in De Doelen in zijn thuisstad Rotterdam komt een feessie, want daar hebben de mensen recht op. Ter gelegenheid van zijn 75ste verjaardag maakt Deelder de balans op. Wat hij nog mist: die ene plaat, van die jazztrompettist.    

Tis nogal wiedes, en Jules Deelder draait er niet omheen zoals hij hier zit: Tony Fruscella is een moeilijk geval, een probleem op poten. Want, alstublaft, de enige plaat van die gozer – deze Arthur Rimbaud van de jazz, een trompettist in de bui-ten-ca-te-go-rie – ontbreekt in zijn collectie van meer dan tienduizend jazzlangspeelplaten.

Dan ben je 75 jaar geworden, en heb je heel veel platen verzameld, maar die ene plaat dan weer niet. Ja, we hebben het hier over een uitzonderlijk exemplaar van het Atlantic-label, nummer 1220, uit 1955, met zwart etiket. De enige plaat die Tony Fruscella  als bandleider heeft uitgebracht, met Allen Eager op tenorsax, ook niet de minste. Een goeie kop heeft die Tony op de hoes, om het zo maar te zeggen, toen pas 28 jaar oud.

Zijn getormenteerde ziel is by the way reeds een mensenleven geleden, in 1969, uit het weefsel in staat van ontbinding vertrokken. 

Goed, ja, het gaat goed. Wat? Ja! En de gin ook, met een wolkje tonic erin, de twee ijsklontjes in zijn glas reeds gesmolten, zoals hij hier zit in de Van Wassenaerkamer van De Doelen in Rotterdam. In zijn nieuwe huis heeft de orde ’t nog niet voor het zeggen, vandaar deze tijdelijke pleisterplaats. Ja, die verjaardag komt er aan, 75 jaar, dat feest hierzo. Jezus Christus, daar wil hij eigenlijk niks mee te maken hebben, maar de mensen hebben recht op een feessie, en het is wel de bedoeling dat hij er wat aan overhoudt, net als geschiedde aan de verkoop van zijn oude huis – haha! - de eerste miljoenendeal in zijn leven.

Hoopt hij toch dat die gin ook in vliegende vaart gaat, de HARDGIN, in zijn geest gefabriceerd bij de firma Loopuyt te Schiedam. Als-ie alle 1944 genummerde flessen verkoopt, dan verdient hij meer dan aan al zijn gedichtenbundels, tezamen dus. Huh! 75 euro de fles is een substantiële bijdrage aan het Tibetaanse Begrafenisfonds – hoor het hem zeggen. 

Een pick-up, geïnstalleerd door zijn manager, staat gereed. Hij dacht vanochtend, weet je wat, plaatjes gaat hij meenemen, twintig plaatjes waarvan hij denkt, of  zeker weet, dat het bezoek die niet kent.  Twee Albert Heijn-tassen vol zeldzaam jazzvinyl worden geleegd, en plaat voor plaat valt in het jubelende herfstlicht dat de kamer binnen schijnt, daarbij begeleid door de opgewekte swing van Jules’ stemgeluid.

– Heb je die? Ja? Ken je die? Ja? Nee! Die kent niemand. Dusty Blue van Howard McGee. En deze van Harold Oulsey. En Scott Bradford?

Jules Deelder: ‘De mensen hebben recht op een feestje.’ Beeld Adriaan van Der ploeg

En kijk, in het kader van het magische Fruscella-wezen heeft hij daarom nu een jazzplaat van Brew Moore in zijn handen, om hier te draaien. Daar staat een nummer op, geschreven door Tony Fruscella. Die plaat van Fruscella zelve, die uit 1955, die is allejezus zeldzaam, de originele natuurlijk, die vind je nooit, daar zijn er toentertijd misschien vijfhonderd van geperst. Maar waar zijn ze gebleven? Waar ben je, Tony Fruscella? Laten we zeggen dat hier niet sprake is van een retorische vraag, voor de verzamelaar J.A. Deelder te R.

Jaren geleden hoorde hij ’m voor het eerst. Sodemieter, man! Daar gebeurde iets! Zitten ze allemaal over Chet Baker te ouwehoeren, weet je wel, een ook niet onverdienstelijke blazer, maar dit gaat wel iets verder, als verhalenverteller dan hè. Die prachtige trompet, die... Ach hou op! Er is nou eenmaal muziek waar je nekharen van overeind staan, en andere muziek, kutmuziek. Tis weinig wat Fruscella heeft opgenomen, maar wat-ie heeft opgenomen, was wel steengoed.

Ja, wanneer is het wat? Ja daarom!  Opgegroeid in een weeshuis, ja dan kom je d’r wel. Later werd hij een ongrijpbare krotenkoker, bij zijn wijf eruit geschopt, zonder vast adres of telefoonnummer. Knocked out! Zwaar aan de stuff natuurlijk, en de drank,  net als die gasten met wie hij speelde. Onbekende buitenstaanders, maar zeker geen weifelaars.

Hoor wat Jules een keer overkwam: dat ie tegen iemand zei dat hij van Tony Frusculla hield. Ging die gozer huilen! Echt waar. Die man kon het niet geloven dat hij ooit nog iemand in zijn leven zou tegenkomen die Tony Fruscella kende. Ja, wie kent hem nou?  In het meesterwerk van Fred van Doorn, Lost Heroes - De Vergeten helden van de jazz, wordt hij vibrerend op het schild gehesen: van een zeldzame schoonheid in lyriek en melancholie, met een coole sound die Miles Davis en Chet Baker tot in hun vezels beïnvloedde. En wat die Van Doorn schreef, daar was geen woord van gelogen!

Hij herleest graag zijn eigen werk, en dan, godverdomme, moet hij er vaak om lachen. Beeld Adriaan van der Ploeg

Bevriend met Jack Kerouac, de beat-schrijver, dat lees je weleens. Ja ja! Hij zwierf rond in Greenwich Village in New York. Ja, je kwam mekaar makkelijk tegen, in die tijd. Maar vrienden... Tis een mysterie, zijn leven, en dat mysterie dient in stand te worden gehouden. Dat maakt de muziek nog beter. In toenemende mate is hij van mening dat muziek een groot geheim is dat je niet onder woorden moet brengen – want anders, zoefffff, dan is het weg. 

Wat krijgen we nou Jules, in je boek Swingkoning (2006) gleed de hele bliksemse jazzgeschiedenis uit je koortsig typende vingers. Over Ornette Coleman, Bix Beiderbecke, Art Pepper, Roland Kirk, en ga nog maar 375 pagina's door. Oké, dat is waar, erkent hij ruiterlijk. Eerlijk: hij herleest graag zijn eigen werk, en dan, godverdomme, moet hij er vaak om lachen.  Zo! Zo!, denkt hij dan, dat is gewoon heel goed geschreven. Die gast kan wel wat.

In zijn platenkast thuis staat een Japanner, een Japanse persing van Tony Fruscella. Dat deze Aziatische heruitgave uit de jaren tachtig beter is, dat acht hij niet uitgesloten. Halo! Tis toch anders. Een originele klinkt beter, ook al klinkt-ie niet beter. Via een bevriende drummer bereikte hem onlangs het bericht dat de Tony Fruscella-plaat in Amsterdam was gesignaleerd. Voor maar 35 euro! Die gozer die hem kocht, zou hij wel eventjes willen spreken. Want al is die originele in slechte staat, dan zou hem niet rotten. Voor vijfduizend euro neemt hij ’m alras over, of ruilen voor zijn Japanner. 

Kijk, de 1568 van Blue Note, die van saxofonist Hank Mobley, die zoekt hij ook al heel lang. Die gaat nu voor meer dan 10 duizend dollar, de 1568, die met Curtis Porter op tenor. Ken je die plaat uit ’64 van the Diamond Five? Je weet wel, die met die zwarte hoes - Brilliant! Kost nu 1.250 euro. Dat is de duurste Nederlandse jazzplaat aller tijden. Het is de laatste tijd de pan uitgerezen, met die prijzen, niet normaal man.

Jules in Vinylspot Beeld Adriaan van der Ploeg

Bij Lex van Lex Vinylspot in Rotterdam loopt hij wekelijks naar binnen, die heeft een hoop goeie platen staan. Bovendien heeft hij er krediet, omdat hij af en toe een stapeltje platen op zijn toonbank pleurt – van John Coltrane dus, op het Impulse-label. Brrrrr! Die draait-ie nooit, daar vindt-ie geen tyfus aan. Na drie maten weet hij het al, en dan moet dat eindeloze notengebrei nog komen. Miles Davis zei al tegen Coltrane: joh, haal die sax eens uit je muil, anders hou je nooit op.  Pleurt op! Het is kitsch, een Hollywood-idee van slangenbezweerdermuziek.

-Zo, hoor je dit: Allen Houser Quartet, met Buck Hill op saxofoon.  Zie daar, het grootse moment van gelijktijdigheid, het samen spelen.

Altoos, ook in het vooruitzicht, HARDGIN, een nieuwe bloemlezing, met, welja, één nieuw verhaal. De schone techniek van het recyclen van eigen werk behoeve nimmer te worden geschuwd in Huize Deelder. As we speak, zijn er nu wel twee kakelverse dichtregels in zijn typemachine te bewonderen, in afwachting van wat komen gaat, voor je weet heb je een cyclus te pakken – of geen ene reet.

Formaat heerst aller wegen op de achtergrond muzak.

Verzet in sector zeven geruisloos achter het behang geplakt.

Deze regels verdienen het ten stelligste om te worden beantwoord, poneert de dichter. Hoe dat dan zou moeten, is dat hij een isolement moet bewerkstelligen, voor het daverende vervolg.  Geduld heeft hij echter niet in ruime mate voorradig, dat gedoe dat je gaat zitten en schrijven. Kolere! Moet dat?

Wat hem nog minder inspireert, is de literaire scene in ons moerassig ondermaanse. Het is zo klein en bekrompen – Jules raakt op stoom. Op luide toon: We hebben godverdomme op de barricades gestaan om van dat kleingeestig geneuzel af te komen, is het weer helemaal terug! Zet eens een keer een DEUR OPEN, OF EEN RAAM. Gemberthee, godverdomme. Giftanden uit, en de gemberthee op het theelichtje. Knus schemeren, achter de gordijnen, loerend door het spionnetje. En maar lullen over elkaar, die schrijvers. Die gast van Joe Speedboot, die Tommy Wieringa, of Connie Palmen. O man, ze kunnen mekaar wel dood kijken. Ja joh!! 

– Ken je die? Lefty Edwards. Lefty Edwards, op het jazzlabel van Motown, Workshop. Die ken je echt niet.  Zag halo, mag het wat vlotter!

In dat nieuwe  Deelderiaanse epistel, Plaatselijke Verdoving, duikt zijn ouwe heer op, gewezen handelaar in vleeswaren. Die ging dood op zijn 58ste, en die heeft niets anders gekend dan pijn in zijn sodemieter. Ze spoten hem vol met medicijnen waar-ie geen moer aan had , aan pijnstillers begonnen ze niet, want daar kon hij verslaafd aan raken. Dat geouwetyfushoer! Hij in eigen persoontje heeft het gebruik van de medicinale middelen, zoals bekend, nooit geschuwd. Nou is hij 75, heeft hij nooit wat gehad, en zeker geen pijn.

Deelder Doelt

Omdat Jules Deelder 75 kruisjes achter zijn naam heeft, wordt hij zondag 24 november in De Doelen in Rotterdam feestelijk onthaald. Boris van der Lek, Hans Dulfer, Benjamin Herman, John Engels Jr., Cok van Vuuren, Peter Wassenaar, Arend Niks, Kim Hoorweg, Loes Luca, Frédérique Spigt, De Likt, Hans Dorrestijn, DJ Swoolish komen allemaal voor hem, en Wilfried de Jong is de presentator van dienst. Jules komt zelf ook, zegt ie.

Hij heeft al zijn valse tanden nog.

Toen zijn vader dood ging, zat Jules in Londen, langharig te zijn in de sixties, en zeker niet te klaverjassen.  Nu staan we quitte, dacht hij. Toen Jules werd geboren, was zijn vader tewerkgesteld in Duitsland, en toen zijn vader dood ging, was Jules er niet. Ja zo is het gegaan! Jammer? Welnee. Al die conventies van, je moet er zijn voor je moeder, en je moet bij de begrafenis zijn. Hoezo? Die man in de kist was zijn vader niet meer, dat was zijn lichaam. Denk nou niet dat hij het de laatste eer bewijzen tot in den treure afwijst. Het komt er soms van, effe de stand opnemen, noemt hij dat, kijken wie er nog over zijn. Met een gerust hart kan hij zeggen dat de muziek op begrafenissen erop vooruitgaat. De dooien hanteren heden ten dage eigenhandig de arm van de pick-up, door voorafgaand zelf de setlist samen te stellen.

Voor zijn eigen crematie vindt hij My Old Flame van Charlie Parker een homerische kandidaat, zo voor bij het vuur. Ook Tony Fruscella krijgt een uitnodiging voor de Laatste Fik. Niks geen rondvliegende vonken, maar een hele eenzame tune, Lover Man van Fruscella. Ken je die? Die kent niemand. Komt van een verzamelaar van Al ‘Jazzbo’ Collins, East Coast Jazz Scene. Stond niet op de hoes, maar stond er wel op. Echt wat voor Fruscella, je hoorde hem wel, maar je zag ’m niet. Alles voltrok zich in een flitssssss.

– Zo! Hier, Jack Sels, een Belg, saxofonist. Ken je die? Heet eigenlijk Sjaak. Rijkesluiszoontje, raakte miljoenen kwijt en werd havenarbeider. Kijk naar de hoes,  zit-ie op een geribbelde beddensprei, getverdemme. Daar gaat -ie! Zo, die komt binnen! IE PA TIE PA TIE PA. Zijn we klaar? Mooi. Als de foto’s maar goed zijn.

Jules Deelder, HARDGIN. De Bezige Bij, 21,99 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden