JR is ambachtelijk volmaakt en visueel adembenemend, en ook het acteren staat onder stroom

Een goeie vondst: een kind als metafoor voor de immoraliteit van het bankensysteem, en voor de ondoorgrondelijkheid ervan

jr, fc bergman Foto Foto Kurt Van der Elst

JR door FC Bergman

Gezien: 28/3, Schelle, nabij Antwerpen. 16 t/m 18 juni op het Holland Festival.

****

‘Geld’. Dat is het eerste woord dat valt in de grootse voorstelling JR van het Vlaamse collectief FC Bergman. En het is waar deze vier uur durende kapitalistische koortsdroom om draait. FC Bergman brengt de roman JR (1975) van William Gadis op toneel, een meedogenloze satire op het kapitalisme, in een ambitieuze coproductie van drie Vlaamse toneelhuizen, die in juni ook in Nederland op het Holland Festival is te zien. 

De groep, bekend om hun gedurfde ensceneringen, overtreft zichzelf met een hemelbestormend decor dat moeiteloos de megalomanie van beurs en bankwezen evenaart: midden in de reusachtige hal van een voormalige elektriciteitscentrale in Schelle verrijst een 14 meter hoog flatgebouw van vier verdiepingen. In dit gebouw verdwijnen en verschijnen op vernuftige wijze 25 ruimtes: kantoren, woningen, een café, een sauna, een metrocoupé – alles in perfect gedetailleerde, hyperrealistische jarenzeventigstijl. 

Het publiek zit aan vier kanten van het gebouw en ziet daardoor slechts een deel van de scènes, die razendsnel op elkaar volgen en in elkaar grijpen. Met filmbeelden, geprojecteerd op de lamellen, zien we wat zich aan ons oog onttrekt. Achter de schermen moet het een duizelingwekkend parcours zijn, met 15 acteurs en 21 figuranten, plus camera- en geluidsmensen en overige technici. Maar op een paar kleine haperingen na werkt alles perfect: JR is ambachtelijk volmaakt en visueel adembenemend.

In het eerste deel wordt in geëxalteerde scènes vooral de anekdote van de roman naverteld. Epicentrum is de enigmatische 11-jarige JR, die op schoolexcursie naar de beurs de lol van handel en speculatie ontdekt en daar bijzonder bedreven in blijkt, zonder zich de morele implicaties aan te trekken; hij is immers een kind. Het joch spant de ploeterende componist Edward Bast als ‘zaakwaarnemer’ voor zijn karretje, en zijn meedogenloze handeldrijven stort iedereen om hem heen in het verderf. 

Dat is een goeie vondst: een kind als metafoor voor de immoraliteit van het systeem, en voor de ondoorgrondelijkheid ervan. Niemand weet meer wie erachter zit of waarom het gebeurt, er is nauwelijks nog een oorzaak aan te wijzen, enkel de desastreuze gevolgen. Die gevolgen zijn echter weinig subtiel, voelbaar gedateerd en onvermijdelijk erg Amerikaans: hebzucht, ellende, echtscheiding, depressie, drugsverslaving en zelfmoord, kunstenaars die hun roeping verloochenen – allemaal de schuld van het systeem.

FC Bergman volgt Gaddis in die groteske uitvergroting: bankiers zijn hier slechteriken uit een stripboek. Alles ademt de nervositeit van de ratrace; ook het acteren staat onder stroom. Lang is dat gepast en geestig, maar het houdt de personages ook oppervlakkig. Heel soms gaat het eerste deel daardoor een beetje slepen, ondanks de consequent knetterende energie. Overigens is dat nauwelijks bezwaarlijk, want er valt in dit caleidoscopische universum genoeg te genieten. 

Acteurs als Oscar Van Rompay (Bast) en Frank Focketeyn weten een fraaie verstilling en introspectie aan hun personages mee te geven. Jan Bijvoet voorziet een hysterische dronkemansrol gaandeweg verbluffend van diepgang. Er zijn prachtige, sfeervolle taferelen op muziek: eenzame mensen in de bar, in bleek Edward-Hopperlicht; een vrouw in een donkere kamer, met in de schemering alleen haar contouren zichtbaar. 

Ronduit schitterend is de finale van deel één, als in een lange beeldende scène de verhaallijnen dramatisch culmineren en de ravage in al die levens in een oogopslag zichtbaar wordt. Dan ontstijgt JR het filmisch realisme en raakt aan iets diepers: een haast onbenoembare, universeel menselijke tragiek. Dat zijn momenten van grootse, roerende impact.

Na de pauze wordt het realisme losgelaten en escaleert alles in een aangrijpende orgie van wanhoop en lawaai, waarna aan het slot mooi klein wordt ingezoomd op de ondergang van Bast. Doorgedraaid, uitgehold en leeggezogen is hij, en het is goed mogelijk dat hij nooit meer een noot op papier zal krijgen. Want daar volgt alweer een dwingend telefoontje van JR, vol grootse plannen. Het is een somber slotakkoord: er is geen ontsnappen aan dit slopende systeem.

Inzet: FC Bergman

FC Bergman is een collectief bestaande uit zes Vlaamse theatermakers/acteurs: Stef Aerts, José Agemans, Bart Hollanders, Matteo Simoni, Thomas Verstraeten en Marie Vinck. De groep oogst veel lof met hun brutale aanpak van stukken, en – vooral – de ambitieuze ensceneringen: voor 300 el x 50 el x 30 el werd op toneel een compleet dorp nagebouwd, en voor Van den Vos verbouwde de groep de zaal van de Bourla schouwburg in Antwerpen om plaats te maken voor een glazen huis met zwembad. De imposante monsterproductie JR speelt van 16 t/m 18 juni op het Holland Festival, in de centrale markthal van het Food Center Amsterdam. 

jr, fc bergman Foto Foto Kurt Van der Elst
jr, fc bergman Foto Foto Kurt Van der Elst
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.