Jeugdhelden reizen een leven lang met je mee

Van Tommie met een onderbroek op zijn hoofd tot vlogger Enzo: jeugdhelden leren je als kind dat ook jij bijzonder kunt worden, schrijft Frank Heinen.

Jeugdhelden, iedereen heeft ze. Beeld Ivo van der Bent

Ik weet niet precies waarom - en ik ga zeker niet proberen dat waarom te reconstrueren - maar een paar weken geleden was ik op een zaterdagavond alleen thuis en keek ik naar Goor Draait Door, de RTL-talkshow waarvoor geen kosten, maar wel een hoop moeite is gespaard.

Op de bank zaten Humberto Tan, Carlo Boszhard en drie mannen die waren aangekondigd als 'Take That'.

Toen de jongens van Take That een eerste keer uit elkaar waren gegaan en de meisjes uit groep 7 van mijn Hilversumse basisschool De Sterrenwachter in een peilloos diepe depressie hadden gestort, waren ze nog met vijf. Nu, bijna negentien jaar later, waren er van de vijf hete jongens nog drie mannen in jongenskleren over. Het publiek bij Gordon zat vol met de bedroefde meisjes van toen: moeders en vrouwen aan wie de tijd niet ongemerkt voorbij was gegaan en van wie een enkeling haar (toen oversized) Take That-shirt had aangetrokken.

Zodra de overgebleven Take Thatters de eerste tonen van hun nieuwe single inzetten, zetten de meisjes van gisteren het als vanouds op een gillen.

Even leek het alsof er niets veranderd was, en alsof er nooit iets zou veranderen.

Zeker toen nauwelijks een week later de leden van de Take That van nu, One Direction, bij Humberto Tan zaten. In het voorspel van dat gesprek was Tan virtueel gelyncht door duizenden 1D-fanaten, die door middel van scheldtweets alsnog een meet & greet probeerden af te dwingen. De liefde was onveranderd onvoorwaardelijk, de boybandjongens zagen er precies zo uit als alle voorgaande boybandjongens en de woeste tweets ademden dezelfde idolatrie als ik destijds al had waargenomen bij mijn klasgenootjes uit groep 7.

Schrijver Kees 't Hart bundelde zijn essays over door hem bewonderde figuren onder de titel De ziekte van bewondering. De ziekte van bewondering is een ziekte waar je - wanneer je er eenmaal door bevangen bent - moeilijk van geneest, maar de aard van de kritiekloze en op hypnose lijkende bewondering van kinderen voor hun helden is wezenlijk anders.

Helden kies je bewust, ze houden het vaak ook langer vol, maar jeugdhelden - in mijn geval Dagobert Duck, Pippi Langkous, Kuifje, Olivier Tuinier, Jari Litmanen - reizen een leven lang met je mee.

Pippi Langkous Beeld afp

Idolen

Volgens de samenstellers van de bundel Jeugdhelden (L.J. Veen, 2007) valt er over de leeftijd waarop je je jeugdhelden vormt niet veel zinnigs te zeggen - alle leeftijden tussen kleuterschool en namiddag van de puberteit lijken zich in gelijke mate te lenen voor de vorming van idolen.

Ik mailde een paar collega's met kinderen in uiteenlopende basisschoolleeftijden met de vraag: over wie gaat het op de schoolpleinen in Nederland? Wie zijn de jeugdhelden van vandaag?

Eentje stuurde terug: 'Vooralsnog is papa de jeugdheld en ik probeer daar zo goed mogelijk invulling aan te geven'. Een tweede noteerde: Kinderen voor Kinderen, Wiplala en Roald Dahl - maar dat was vast een mailtje van twintig jaar geleden.

Bij de derde thuis was het Buurman & Buurman wat de klok sloeg. 'En ze spelen de huldiging van hardloopster Dafne Schippers na en vegen daarbij denkbeeldige tranen weg bij het Wilhelmus.'

Tot slot schreef collega 2 nog een berichtje. Daarin stond alleen: 'En Frozen'.

Collega 1 reageerde: 'O ja. En Frozen.'

Collega 3 liet niets meer horen: die was waarschijnlijk met zijn kinderen de uitreikingen van het Sportgala aan het naspelen.

Verkauwgombalde sprookjes

Frozen is gebaseerd op een sprookje van Andersen en door de firma Disney getransformeerd van een grimmige volksvertelling in een door honingzoete moraal (meestal: liefde overwint alles) en door prinsesachtige meisjes vertolkte popliedjes voortgedreven massaproduct. Het populairste liedje uit Frozen heet Let It Go en is meer dan 500 miljoen keer bekeken op YouTube, het meest verkochte iTunesnummer van 2014 en zo populair dat er laatst zelfs een bioscoopvoorstelling-sing-along voor werd georganiseerd. Het Jeugdjournaal was erbij: meisjes in prinsessenjurken zongen verhit mee en zeiden in de microfoon dingen als: 'Dit is een droom. We hebben er bijna drie weken naar uitgekeken.'

De eerste film die ik in de bioscoop zag, was De kleine zeemeermin. Ook een door Disney verkauwgombald Andersen-prinsessensprookje - in zeewater in plaats van ijs. Ariël, de zeemeermin in kwestie, werd nou niet meteen een jeugdheld, maar de liefde voor de film woekert nog altijd voort: wanneer er bij mij wordt aangebeld, klinkt De kleine zeemeermin-hit Diep in de zee versterkt door het hele huis.

Hoe zit het met de idolen van papier? De boeken waar de meeste kinderen in deze tijden in opgaan, zijn onderdeel van de Het leven van een loser-serie van Jeff Kinney, verhalen over de sullige Bram Botermans, vol cartooneske tekeningen. De boeken worden door uitgeverij De Fontein graphic novels genoemd; je zou ze ook boeken met plaatjes kunnen noemen - daar wordt het een stuk minder vernieuwend van. Geronimo Stilton is een serie boeken over een 'zachtaardige muis die de krant De Wakkere Muis uitgeeft en telkens in wilde avonturen betrokken wordt'. Had Walt Disney niet ook ooit zo'n soort beest?

Tekst loopt door onder de video

Wie het trouwens ook nog altijd ontzettend goed doen op de kinderafdelingen van boekhandelend Nederland: Jip & Janneke, Annie M.G.'s hoogbejaarde maar nog immer vitale kleuterbuurkinderen. Je moet als voorlezer af en toe eens een 'kolenkit' overslaan of een gulden in een euro veranderen, maar verder 'nog altijd heerlijk herkenbaar', aldus de reviews op Bol.com.

Herkenbaarheid is ook de basis van het succes van de dagelijkse schoolsoaps op NPO 3: SpangaS doet het nog altijd goed met prima volwassen acteurs die al seizoenenlang ergens rond de derde klas van de middelbare school zweven en moralistisch geladen avonturen beleven en Brugklas (een soort SpangaS, maar dan in de mockumentary-vorm en met een voice-over die we kennen van de volwassen variant van Net5, Achter gesloten deuren, waarin de schoolproblematiek plaatsmaakt voor overspel in elke denkbare vorm). Grootste klapper van de jeugdtelevisie is nog steeds de onverwoestbare drietrapsraket Sesamstraat-Jeugdjournaal-Klokhuis, programma's waaraan sinds de tijd dat ik nog met Olvarit dineerde alleen het hoogstnodige is veranderd. Belangrijkste aanpassing aan de moderniteit: Tommie draagt tegenwoordig een onderbroek op zijn hoofd en Ieniemienie heeft een garderobe.

Voor de game-industrie lijkt hetzelfde te gelden: verkoopklappers als oorlogsspel Call of Duty (12 jaar oud) en voetbalsimulatie FIFA (19 jaar) zijn in de loop van de tijd verbeterd (de voetbalshirts worden tegenwoordig smeriger gedurende het spel en de lat trilde in 1995 nog niet zichtbaar na als je er tegenaan schoot) - de tijden van door Davilex-spelletjes vastlopende Windows 95 zijn voorbij - maar in de aard is er verdraaid weinig veranderd: behendig manoeuvreren en schieten is nog altijd de boodschap.

Knolpower

Net als je denkt dat er niets nieuws onder de zon is, komt de redding van Enzo Knol, uitvinder van #Knolpower.

Nergens komen de jeugdhelden zomaar opeens uit de lucht vallen, als kikkers aan het einde van een Paul Thomas Anderson-film. Nergens kun je zonder vastomlijnd plan, zonder script en zonder hulp van anderen een ster worden.

Nergens, behalve op YouTube.

Enzo Knol is vlogger, een blogger met een videocamera. Iedere dag vlogt Enzo Knol over zijn eigen leven: hij doet een voetbaltrucje, hij gaat naar het zwembad of hij probeert al zijn boodschappen in een keer op zijn fiets mee te nemen. En dat filmt hij dan.

Dat is alles.

Ja, echt.

In zijn populairste filmpje gooit Enzo Knol een gieter in een boom.

Tekst loopt door onder de video

Een vlog van Enzo Knol wordt gemiddeld ongeveer een half miljoen keer bekeken, zijn truien met 'knolpower' gaan als warme vlogs over de toonbank en toen Enzo Knol - 21, petje achterstevoren op z'n hoofd en een inmiddels door talloze bedrijven ontdekte aanstekelijke opgewektheid ('Ik film dit met GoPro. Een heel toffe camera, de GoPro. Ik leg mijn GoPro effe neer') - in oktober een fandag bij de Jaarbeurs aankondigde, ontstond er een hysterische oploop van met selfiesticks gewapende pre-pubers, waarover YouTube-gebruiker 'Vloggende Vader' het volgende vlogde: 'Dit is werkelijk ongelofelijk, complete chaos omdat Enzo Knol er is. Auto's kunnen niet meer verder, politie komt eraan, mensen die lopen te rennen, hysterisch gegil. Het is net alsof de Beatles er zijn, of Doe Maar, dit zijn de nieuwe helden, de helden van deze tijd.'

Als Enzo Knol bij RTL Late Night komt, wordt #rtlknol binnen de kortste tijd 'trending'.

(Enzo Knol heeft ook een broer. Die broer heet Milan Knol, hij is ook een succesvol vlogger. En er is ook nog een huisgenoot, die aan de vlog timmert onder de nom de plume Gekke Markie).

Mijn jeugdhelden behoren mij al lang niet meer toe, ze maken nog slechts deel uit van een verleden waar je maar het beste met milde spot op kunt terugkijken. Ze zijn verhuisd naar nieuwe kinderkamers of vervangen door een ander, vergelijkbaar type. Het lijkt erop dat wij - de volwassenen - onze kinderen datgene geven waar we zelf ooit zo van hebben genoten. In de cyclische wereld van de jeugdheld geldt dat in het verleden behaalde resultaten in de meeste gevallen een garantie voor de toekomst zijn.

Iedere jeugdheld z'n eigen mal, z'n eigen functie: de Disney-kitsch ontwikkelt de moraal, het Jeugdjournaal toont dat de wereld groter is dan je eigen straat en de reislustige muizen laten zien dat je die wereld ook zelf kunt bereizen, de muziekgroepjongens en -meisjes helpen je over de horde van de eerste verliefdheid en de schoolseries bereiden je voor op een nieuw leven.

Al die idolen, ze hebben een ding gemeen: ze zijn bijzonder en ze leren je dat je niet een uitzonderlijk kind hoeft te zijn om ook ooit bijzonder te kunnen worden.

En wat dan met Enzo Knol, de meest verse en de meest alledaagse aller jeugdhelden?

Ook Enzo Knol is bijzonder.

Bijzonder gemiddeld.

Frank Heinen (1985) is neerlandicus, sportcolumnist voor HP/De Tijd en auteur van Uit Koers, over bijzondere wielerlevens.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden