Jessica Jones is ongemanierd, chagrijnig en woedend.En dat voelt heel erg goed

Krysten Ritter als Jessica Jones. Beeld Netflix

Ze is de perfecte held voor het #MeToo-tijdperk, en niet alleen omdat ze louche types met losse handjes zo nu en dan een stevig lesje leert. Nee, het tweede seizoen rond de getroebleerde Jessica Jones, een superheld uit het universum van de Marvel-strips, toont het amalgaam van krachten die vrijkomen bij een emancipatiestrijd. Krachten die schuren en botsen – rond onze held, maar ook binnen in haar. Schuldgevoel, slachtofferschap, rouwverwerking en woede – felle, verrukkelijke woede; daarover gaat het vervolg van de atypische superheldenserie. Vooral de woede staat centraal. Of preciezer: ‘female rage’.

In de nasleep van de verkiezing van een seksistische macho tot Amerikaanse president, en zijn weerzinwekkende credo ‘Grab ’em by the pussy’ floreert de (Amerikaanse) vrouwenbeweging. Lezingen, boeken, artikelenreeksen, debat en ‘Womens marches’ – het vrouwelijke protest tegen geïnstitutionaliseerde onderdrukking is wijdverbreid. En dit was zelfs nog voor #MeToo, toen een eenvoudige hashtag een wereldwijd invloedrijk machtsmiddel werd, met een soms kwestieus kantje. Logisch dus dat deze ‘female rage’, zoals het is gaan heten, nu ook doorsijpelt in de populaire cultuur, in verschillende televisieseries (zie kader), en met superheld Jessica Jones voorop.

Een vreemdsoortig vrouwelijk rolmodel

In seizoen 1 van de Netflix-serie, eind 2015,  leerden we privédetective Jones (gespeeld door Krysten Ritter) al kennen als een ongewone superheld en een vreemdsoortig vrouwelijk rolmodel. Jones is ongemanierd, chagrijnig en vaak ronduit onsympathiek. Ze verzorgt zichzelf slecht, eet ongezond, bewoont een morsige flat en ze drinkt – veel, heel veel – om haar trauma’s te onderdrukken (ja, dat doen vrouwen ook).

Andere vrouwelijke superhelden als Wonder Woman en Supergirl lijken met hun nauwsluitende majorettepakjes nog gemodelleerd naar een gedateerde jongensdroom, maar Jessica Jones kleedt zich haast genderneutraal, steevast gehuld in spijkerbroek en slobbershirt onder een afgetrapt leren jack. Haar make-up is smoezelig, ze heeft X-benen en oogt alsof ze nooit een straaltje zonlicht ziet. Ook is ze gewoon zo’n vrouw bij wie het wc-papier soms op is, op een ongelukkig moment.

Jones is slechts beperkt begiftigd met superkrachten: ze tilt auto’s en koelkasten op en ramt af en toe met plezier een foute man door een deur, maar dat is het dan ook wel. Ze is verre van onkwetsbaar, en juist dat maakt haar interessant. In seizoen twee bijt een rivaal haar toe, nadat ze hem flink heeft afgerost: ‘Superheld? Jij bent de zwakste mens die ik ooit heb ontmoet.’ Au.

Jessica Jones. Beeld Netflix

In het eerste seizoen zagen we hoe Jones ten prooi viel aan de griezelige slechterik Kilgrave, die haar mentaal manipuleerde. Terwijl zij in zijn macht was heeft hij haar verkracht en aangezet tot vreselijke daden. In seizoen twee moet ze in het reine komen met die gijzeling van haar lichaam en geest: welke daden zijn haar aan te rekenen, en welke niet? Ze voelt zich schuldig en verantwoordelijk – een veelvoorkomende reflex bij misbruik. Daarmee volgt de serie ook een interessant psychotherapeutisch pad: ging het eerste seizoen over trauma, het tweede gaat over de moeizame verwerking ervan: de pijn, het verdriet, en – vooral – de woede. Want Jessica Jones is kwaad.

Schaamte en spijt na seksueel misbruik

De serie zoomt subtiel in op de effecten van seksueel misbruik. Op de schaamte en de spijt. Als verdoven met alcohol haar niet meer lukt, ontstaat een orkaan van razernij. Die nieuwe woede is beangstigend, maar brengt ook een grote, ongeremde kracht in haar naar boven. Het is óók een energiebron, een motor voor zelfonderzoek en verandering. En bovenal een begrijpelijke reactie op onderdrukking. In Jones komen held en slachtoffer samen. Ze lijdt, maar ze moet zichzelf redden. En dat kan ze, reken maar.

Hoewel dit tweede seizoen werd gemaakt vóór #MeToo een feit was, schemert de tijdgeest in vrijwel elke scène door. Als Cheng, een concurrerende privédetective, Jessica een aanbod doet – hij wil haar zaak overnemen, en zij weigert – zegt hij, ouderwets: ‘Ik accepteer nooit nee.’ Waarop zij eigentijds riposteert: ‘Hoe verkrachterig van je.’

In een andere scène haalt Jessica verhaal bij een viezige regisseur, een Weinstein-avant-la-lettre, die ooit een dubieuze relatie had met haar beste vriendin Trish; hij toen 40, zij 15 jaar. Jones drukt de verblufte man hardhandig tegen zijn dure auto, en als hij verbijsterd en vol weerzin vraagt: Wat ben jij?’, antwoordt zij simpelweg: ‘Ik ben boos’, voordat ze haar vuist in de motorkap plant.

Anger managen

Mooi is ook de vondst van de anger management-cursus, waar Jessica verplicht heen moet. Stuiteren met een rubber balletje tegen een muur, terwijl je al het onrecht opsomt dat jou is aangedaan – het ligt voor de hand waar zulks eindigt met een superheld: het balletje gaat dwars door de muur. Als ze terug is op kantoor vraagt haar collega: ‘Hoe was de cursus?’ Zij: ‘Ik ben nog steeds boos.’

Sympathiseren met een kwade en soms onuitstaanbare vrouw, het is een beetje wennen. Tegelijk is het een verademing: hier is een vrouwelijk rolmodel dat laat zien dat we niet (meer) bescheiden, diplomatiek of charmant hoeven te zijn. Woede, zo leert de serie ons, is een vruchtbare emotie, óók voor vrouwen: goed gedoseerde, gekanaliseerde woede kan leiden tot opstand, en verandering afdwingen, zoals ook de #MeToo-beweging en de nasleep ervan laten zien. In het psychotherapeutische traject dat Jessica Jones aflegt, is woede bovendien een noodzakelijk voorportaal van verwerking. De serie laat onverbloemd zien hoe bevrijdend razernij kan zijn. Het werd hoog tijd dat vrouwen dat óók mochten ervaren, schaamteloos en ongecensureerd.

Maar de makers trappen niet in de val van het simpelweg bejubelen van boze vrouwen. Twee andere belangrijke vrouwelijke personages, vriendin Trish en advocaat Jeri Hogarth, reageren heel anders op (mannelijk) machtsmisbruik en seksuele intimidatie. In Trish, die het (voorlopig?) moet stellen zonder superheldenkracht, herkennen we de neiging om angst te bezweren met controledrang. Ook zij is misbruikt, maar in plaats van de pijn te negeren of verdoven, probeert zij zich te pantseren in perfectie.

Jessica Jones. Beeld Netflix

Ongenaakbaarheid en kilte

En Jeri Hogarth is weer een geval apart: een vrouw van gewapend beton, dat in seizoen twee barstjes begint te vertonen. Zij verhult haar kwetsbaarheid met  meedogenloze kilte en ongenaakbaarheid. Saillant detail: in de oorspronkelijke Marvel-strips was Jeri een man, Jeryn. In de serie is zij succesvol omgetoverd tot meedogenloze powerlesbo – een typische #MeToo-schurk in een schitterend vrouwenlijf. Daarmee betreden de makers een interessant grijs gebied: de vrouwen zijn zeker geen lieverdjes, en kunnen natuurlijk ook daders zijn. Zo complex is de serie, want zo complex is de werkelijkheid.

Er is heilzame woede, en er is de alles verterende, destructieve variant, dat illustreert Jessica Jones aan de hand van de nieuwe ‘bad guy’, nee, ‘bad girl’, Alisa: een vrouw met gaven nog groter dan die van Jessica, maar met nog minder talent voor ‘anger management’. Ook de oorsprong van háár woede is begrijpelijk, maar bij Alisa (Janet McTeer) tonen de makers toch vooral de keerzijde; de gapende, smeulende afgrond die woede ook kan zijn.

De schaduwkanten van #MeToo

Onze feministische held staat dit seizoen dus niet tegenover een man, maar tegenover een vrouw; eentje bovendien met wie ze meer gemeen heeft dan ze zou willen. Die vondst voorkomt dat de serie al te zwart-wit en politiek correct wordt: de mannen zijn af en toe best sympathiek, zorgen voor een zoontje of bereiden een veganistische tajine. En de vrouwen zitten er ook wel eens goed naast – vaak met blauwe plekken en soms met doden tot gevolg. Via een groteske uitvergroting lijken de makers zo te spelen met de vraag: wanneer en tot waar is woede gerechtvaardigd als antwoord op onrecht of onderdrukking? Dat zet aan tot nadenken over de schaduwkanten van #MeToo, met eigenrichting als gevaarlijkste uitwas.

Jessica Jones is een pionier. Ze begeeft zich nog wat wankel op onoverzichtelijk terrein, daar waar de machtsverhouding tussen mannen en vrouwen aan het verschuiven is. Het is onvermijdelijk dat ze zich daarin soms onvoorspelbaar of zelfs paradoxaal gedraagt. Als een vent haar in een bar ‘lekker kontje’ naroept – oei, denkt de kijker; arme jongen – werpt ze hem een dodelijke blik toe en lijkt even haar opties te overwegen, om hem vervolgens een wc-hokje in te sleuren voor een snelle beurt. Maar hij had net zo goed een rechtse hoek kunnen krijgen, en dat is puur een kwestie van humeur; háár humeur. Dat is nieuw. En dat is leuk.

Tv na #MeToo

Opvallend veel tv-series van de afgelopen tijd gaan over onderdrukking en/of misbruik van vrouwen, en hun uiteindelijke woede erover en opstand ertegen. Zoals het veelgeprezen The Handmaid's Tale (2017), waarin vrouwen worden misbruikt als broedfabriek, maar onder de oppervlakte van de patriarchale dictatuur het verzet sluimert. In het recente Good Girls (2018) beroven drie vrouwen een supermarkt, omdat ze hun macho bazen en overspelige echtgenoten zat zijn. En het nieuwe seizoen van advocatendrama The Good Fight zet nog verder het patriarchaat van de juridische wereld op z’n kop, met een rechtszaak rond seksuele intimidatie door een machtige man.

Veel van deze series, zoals ook Orange is the New Black (2013) en Big Little Lies (2017) vieren bovendien de vrouwelijke solidariteit, zonder overigens dit zusterschap te idealiseren; makkelijk is het allerminst, maar verandering realiseer je wél samen. Dat geldt overigens ook achter de schermen, waar vrouwelijke regisseurs en schrijvers bezig zijn aan een opmars.

Uit een diversiteitsrapport van de Directors Guild of America van half november, blijkt dat het aantal vrouwen achter de camera bij series in het tv-seizoen 2016-2017 is toegenomen: vrouwelijke regisseurs namen 22 procent van alle afleveringen voor hun rekening. Jessica Jones zal nieuwe cijfers nog verder helpen opkrikken, want bedenker/producent Melissa Rosenberg laat alle dertien afleveringen van het nieuwe seizoen door vrouwen regisseren, onder wie Uta Briesewitz (The Deuce, Orange Is the New Black), Minkie Spiro (Better Call Saul, One Mississippi) en Rosemary Rodriguez (The Walking Dead, The Good Wife). Ook de helft van de schrijvers van de serie is vrouw.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden