Muziekfilm

Jersey Boys

Erg origineel is dit muzieksprookje niet, maar de muziek werkt goed

Er zijn drie manieren om te ontsnappen aan New Jersey, vertelt Tommy DeVito (Vincent Piazza) aan het begin van Jersey Boys. Via het leger, via de maffia of via de showbizz. Hij gokt op de laatste twee opties.

Maar waarom zou hij eigenlijk? Het New Jersey dat Clint Eastwood laat zien, is een heerlijke woonplaats. Een plek waar iedereen elkaar kent van hun gezellige tijd in de gevangenis, waar een maffiabaas (Christopher Walken) een soort pater familias is die tot tranen kan worden geroerd door een falsetto en werkelijk alles die opgewekte jarenvijftigglans heeft ¿ zelfs het fruit in de stalletjes ziet er te fris uit.

Het is vooral de geliktheid die verraadt dat Jersey Boys is gebaseerd op een populaire broadway musical, die de carrière van Frankie Valli en zijn Four Seasons schetst. Regisseur Clint Eastwood ¿ die je eerder met gruizig realisme associeert dan met het musicals ¿ is vooral in het begin spaarzaam met de liedjes en verfilmt het verhaal van Valli c.s. zonder extra­vagantie.

Ingetogen, maar door een ouderwetsige, romantische bril dus. Crimineel? Het stelen van een brandkast wordt hier slapstick; de kelder vol spullen die 'van een vrachtwagen zijn gevallen¿ is gewoon ­typisch Jersey. DeVito is vooral een handige ritselaar; Valli het naïeve wonderkind op sleeptouw. Die schavuiten toch!

Het is maar een verhaal, benadrukt Eastwood, door net als in de musical vooral het verhaal van Valli te ­laten vertellen door de andere bandleden, ieder met hun eigen visie op de gebeurtenissen. Jersey Boys laat voorts zien hoe de eerste grote hit tijdens een busritje wordt geschreven ¿ vlak voor die enige opnamesessie waar ze geld voor hebben. De bandnaam vinden ze op de lichtreclame van een hotel.

En dan komt natuurlijk Het Keerpunt: in de tweede helft worstelt Valli zich door de cliché-band-perikelen ¿ de huwelijkscrisis, de loyaliteits- en geldproblemen, verschuivende machtsverhoudingen binnen de groep, een dochter die aan lager wal raakt ¿ zonder dat het echt emotionele zwaarte krijgt. Ook niet in de naar sentiment hengelende finale waar de gênante ouderdomsmake-up alleen al ontroering in de weg staat.

Heel origineel is zo¿n muzieksprookje dat geleidelijk donkere kantjes krijgt natuurlijk niet. In de handen van Eastwood blijft het allemaal onderhoudend, maar de belangrijkste vraag blijft hangen: waarom verdienen deze jongens ruim twee uur van de aandacht? Wat dreef ze? Wat maakte ze zo bijzonder voor de (muziek)geschiedenis?

De film zal het niet vertellen. Alleen de liedjes ­
¿ Sherry, Big Girls Don¿t Cry, Can¿t Take My Eyes Off You ¿ fantastisch gezongen door John Lloyd Young, verklaren een en ander. Dat heeft Eastwood goed gezien: de muziek werkt nog zo goed dat je niet met veel poeha het belang ervan hoeft te benadrukken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden