InterviewJeroen Spitzenberger

Jeroen Spitzenberger speelt Stanley Hillis: ‘Over zijn Haagse accent heb ik wel even wakker gelegen’

Met romkoms heeft Spitzenberger (43) het wel gehad. ‘Kim van Kooten zei ooit dat ik de Nederlandse Hugh Grant was. Ik zou bijna willen zeggen dat dat me achtervolgt.’

Jeroen Spitzenberger.Beeld Frank Ruiter

Stanley Hillis of Boudewijn Schaeffer?

‘Hillis, duidelijk. Boudewijn, die ik speelde in Divorce, liet zich samenvatten als een charmante maar onhandige schuinsmarcheerder. Leuk om te spelen, maar na vier seizoenen ken je het wel. Het was alsof ik steeds dezelfde rotonde reed.

‘Spelen in Stanley H. is uitdagender. Hillis begint in de jaren zeventig als jonge en onstuimige bankovervaller, maar ontwikkelt zich tot een van de belangrijkste drugsbazen van Nederland. In de tussentijd zijn relaties geëindigd, collega’s omgelegd. Het leven is over hem heen gegaan. Wat doet dat met je psyche? Dat maakt het spelen oneindig veel fascinerender dan elke keer je mooie pak aantrekken en charmant de nieuwe gastactrice versieren.

‘Ik lijk helemaal niet op Hillis, maar dat hoeft ook niet. Als acteur benader je niet de werkelijkheid, maar de essentie ervan. Voordat hij in 2011 werd doodgeschoten was hij, denk ik, eenzaam, verlaten, gedesillusioneerd. Ik stel me voor dat hij twijfelde: moet ik in de drugswereld blijven of me met mijn familie verzoenen? Als acteur zoek je in dat gebied. Die fictie is ons territorium.

‘Over zijn Haagse accent heb ik wel even wakker gelegen. Het was filmen op zijn Hollands: ik kon niet een half jaar trainen met een coach. Uiteindelijk hebben we voor een subtiele variant gekozen: je wilt het af en toe opmerken, maar vooral op de inhoud letten.

‘Zijn gestiek heb ik me wel eigen gemaakt. Het beruchte interview met Sonja Barend heb ik wel twintig keer bekeken, ook omdat ik die scène bij de audities moest spelen. Het was Holleeder bij College Tour avant la lettre. Al vond ik College Tour dubieuzer, omdat daar normaal gasten een podium krijgen om iets aan studenten uit te leggen.’

Theater of film?

‘Mijn grote liefde is film. Daar is mijn interesse voor dit vak begonnen. De makers van de mooiste films – in mijn ogen Paul Thomas Anderson, Stanley Kubrick, Martin Scorsese, Jonathan Glazer – nemen je mee in hun wereld.

‘Mijn liefde voor film is ontstaan door Once Upon a Time in America, van Sergio Leone. Ik verdween in die straten van New York, die hoge bruggen, dat ruige straatleven, het spel van Robert De Niro en James Woods. Ik wil ook dit soort avonturen beleven, dacht ik toen.

‘Ik hou van toneel, maar wat je daar doet, bestaat de volgende dag niet meer. Een film blijft.’

Hugh Grant of George Clooney?

‘Clooney. Kim van Kooten zei ooit dat ik de Nederlandse Hugh Grant was. Ik zou bijna willen zeggen dat dat me achtervolgt. Kim had de structuur van Alles is liefde, waarvan ze scenarist was, op Love Actually gebaseerd. ‘Dan is Jeroen onze Hugh Grant’, zei ze toen.

‘Dit dilemma kon ik op voorhand al uittekenen. Mensen die de helft van mijn werk hebben gezien, beginnen altijd over de romantische komedies waarin ik heb gespeeld. Heb jij Süskind gezien? Een echte Vermeer? Heb je me weleens in het theater gezien? Ik sta al twintig jaar op de planken. Zullen we dit gesprek afronden? Nee, om mijn punt te maken: het is luie copy-paste-journalistiek die veel wordt toegepast. Zullen we daar – ik voel een lichte agitatie opkomen – voor eens en voor altijd mee ophouden?

‘Ik heb het gevoel dat ik met Alles is liefde en Mannenharten wel mijn fair share van romkoms heb gehad. Divorce was andere koek, maar blijkbaar scharen mensen het wel onder de noemer ‘licht verteerbaar’.

‘Ik vind Hugh Grant een buitengewoon geestige acteur, maar kies voor Clooney omdat hij veelzijdiger is. Hij kan regisseren, produceren. Daar liggen op termijn ook mijn ambities.’

Mannen of vrouwen?

‘Op de set van Stanley H. bestond de inner circle uit behoorlijke testosteronboys. Het was een kwestie van doorrammen, ook omdat alles in dertig dagen gedraaid moest worden. Dan is het prettig dat de regie-assistente af en toe een inhoudelijke vraag stelde die onze voet van het gaspedaal haalde.

‘Ook voor de inhoud zijn vrouwen van belang. Als je bij Hillis geen momenten van tederheid, zelfreflectie en twijfel toelaat, krijg je nooit het contrast met zijn harde en gevaarlijke kant. Maar het zou generaliserend zijn om te zeggen: deze scène komt door vrouwen en deze door mannen.

‘Ik kies voor vrouwen, omdat ik met hen over het algemeen makkelijker praat. Ik ben ooit met een vrijgezellenfeest naar Brussel gegaan, dat was geen onverdeeld genoegen. Dat is lol voor de grootste gemene deler en daar val ik niet onder. Van mij hoeft een grap niet zes keer te worden herhaald, ik ben meer van het korte kaatsen. En als ik niet geprikkeld word, verveel ik me snel. Dan word ik baldadig en ga ik slechte grappen maken. Of ik tune out.

‘Ik praat graag met mensen die nieuwsgierig zijn, die iets in twijfel kunnen trekken, ook bij zichzelf. Dan denk ik: die is slim, die luistert. Volgens mij hebben vrouwen dat iets meer.’

Nederland of Mexico?

‘Mijn vrouw is Mexicaans, maar ik kies voor Nederland. Ik ben Nederlands, hier geboren, opgegroeid, heb er werk. Maar blijkbaar zit er ook een Mexicaan in mij, wie dat dan ook is. Hier hebben we lage luchten, we zijn permanent verkouden, de huizen zijn van een verzengend saaie eenvormigheid. Daar is muziek op straat, rumoer. Er zijn jungles en woestijnen. Hoewel Mexico natuurlijk veel problemen kent, is het moeilijk om er niet lyrisch over te zijn.

‘Vooralsnog lukt het om die lyriek te bewaren voor bepaalde momenten in het jaar. In de zomer gaan we een aantal weken naar het huis van mijn schoonmoeder. We hebben overwogen om erheen te verhuizen, maar nu de kinderen bijna naar de middelbare school gaan, is dat niet meer zo’n goed idee.’

Emotie of ratio?

‘(Stilte van 15 seconden). Jezus Christus, zitten we hier op de maandagochtend. Ik vraag me af of het geen kunstmatig aangebrachte scheiding is. Want mijn emoties genereren gedachten, en vervolgens is het aan het rationele deel van mijn geest om daarop te reflecteren: kloppen die gedachten wel? Maar als ik mezelf dit antwoord hoor geven, denk ik: rationeler kan niet.

‘Toch ervaar ik mezelf in veel situaties als een emotioneel, warmbloedig iemand. Met mijn kinderen, met muziek, mijn fanatisme als ik naar een leuke voetbalwedstrijd zit te kijken. Na Ajax-Tottenham vorig jaar baalde ik enorm, maar ik was al tamelijk snel het verdriet van anderen aan het beschouwen. Ik blijf nooit lang hangen in emoties. Dat vind ik ook een beetje aanstellerij.’

Proza of poëzie?

‘Da’s een lastige. Ik hou van poëzie, twee jaar geleden las ik in cultureel centrum De Nieuwe Liefde het werk van Pier Paolo Pasolini voor. De gedichten van Ilja Leonard Pfeijffer en Fernando Pessoa zijn ook prachtig. Op mijn nachtkastje ligt een piepklein boekje: Silence in the Snowy Fields, van Robert Bly. Het is zen-achtige poëzie, je moet ervoor open staan. Het nodigt uit tot associatief denken, je moet halve zinnen aanvullen. Soms vind ik het mooi, op andere momenten denk ik: yeah, right.

‘Maar ik kies proza, omdat ik dat het meeste lees. Mijn lievelingsschrijver is Paul Auster. The Invention of Solitude, een vroeg boek waarin hij zijn vroeg gestorven vader afzet tegen zijn eigen verse vaderschap, is prachtig. Buwalda vind ik ook geweldig grappig. Zijn columns in de Volkskrant lees ik hardop aan mezelf voor. Hoe verknipt ben je dan?’

Jazz of klassiek?

‘Ik hou van klassiek hoor, luister graag naar Bach en Béla Bartók, maar jazz is echt mijn ding. Vroeger wilde ik jazzmuzikant worden.

‘Ik ben dol op Sonny Rollins, John Coltrane, Donald Byrd, Miles Davis. Ik was laatst naar een concert van Kurt Elling, ken je hem? Man, dat is een vocalist, je wilt niet geloven hoe goed die vent is, in december komt hij naar het Concertgebouw. Dan heeft hij een kwartet topmuzikanten bij zich, onder wie Branford Marsalis uit de beroemde Marsalis Family.

‘Ik luister nu lang naar ze, bestudeer ze één voor één. Wat doet die pianist? Wat doen ze in relatie tot elkaar? Dan gaat er zo’n wereld voor je open. Je ziet samenspel, hoort zoveel finesse. Het gaat over timing, elkaar ruimte gunnen, de momenten laten ontstaan. ‘O, wacht, hij gaat nog even door met deze groove? Nice!’’

‘Jazz is een combinatie van technische vaardigheden, kennis van de maatstrepen die door het script worden aangegeven, het besef van een bepaalde traditie, en voor de rest geef je er je eigen draai aan. Eigenlijk lijkt het op toneelspelen.’

Jeroen Spitzenberger

1976Geboren in Rotterdam

1998Afgestudeerd aan Toneelschool Arnhem

2002De Tweeling (film)

2004-2015Het Nationale Toneel

2007 Alles is liefde (film)

2009Sorry, Minister (serie)

2011Süskind (film)

2012-2016 Divorce (serie)

2013Mannenharten (film)

2016Vlucht HS13 (serie)

2016Een echte Vermeer (film)

2016Venus (toneel)

2019Oogappels (serie)

2019Stanley H. (serie)

2019Bumperkleef (film)

Jeroen Spitzenberger woont met zijn vrouw en twee zoons in Amstelveen.

De tweede aflevering van de vierdelige serie Stanley H. (KRO-NCRV) is zondag om 20.15 uur te zien op NPO3. Terugkijken kan via NPO Start.

Lees verder: 

Vlotte crimeserie Stanley H. belicht ook de verbijsterende methode van justitie ★★★☆☆

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden